Als je aan Marielle Reneman, projectleider sociaal domein van gemeente Groningen, vraagt op welk aspect van haar werk ze trots is, noemt zij meteen de brugfunctionaris: “Brugfunctionarissen vormen een brug tussen school en thuis. Ze ondersteunen gezinnen op allerlei levensdomeinen waaronder meedoen door sport en bewegen. En doordat brugfunctionarissen langdurig betrokken zijn bij gezinnen en ook bij hen thuis komen, bouwen zij een vertrouwensband op. Die is vaak nodig om ouders toe te leiden naar passende ondersteuning, zoals zorg of maatwerk via wijkteams, bijvoorbeeld voor sportkleding of een schooltraktatie. Vooral voor kinderen in kwetsbare posities kunnen zij een wereld van verschil maken.”
Brugfunctionaris vormt brug tussen school en thuis
Reneman: “De rol van brugfunctionaris was vrij uniek toen wij er 15 jaar geleden mee begonnen. De belangrijkste financieringsbron hiervoor is nog steeds de gemeente. Maar inmiddels is deze rol door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) omarmd. Ruim 1.000 scholen in Nederland, in zowel primair (po), speciaal (so) als voortgezet onderwijs (vo), ontvingen een incidentele driejarige OCW-subsidie voor het inzetten van een brugfunctionaris. Zo ook gemeente Groningen.”
“In Groningen zijn ruim 30 brugfunctionarissen actief op 26 po-, so- en vo-scholen. Dit is vooral in wijken waar veel kinderen in armoede opgroeien. Scholen zijn een logische partner, omdat zij een directe ingang vormen naar kinderen en ouders. Brugfunctionarissen versterken de ouderbetrokkenheid. Ze wijzen ze op vergoedingsmogelijkheden om deel te nemen aan sport- en beweegactiviteiten. Ook helpen ze bij het indienen van een aanvraag. Bovendien wijzen zij gezinnen op het gratis naschoolse (sport- en beweeg)aanbod en andere faciliteiten in de wijk”, aldus Reneman.
Een eerste stap naar sport en bewegen
Meedoen aan sport- en beweegactiviteiten van de naschoolse opvang – die de gemeente financiert – kan een eerste stap zijn naar een lidmaatschap van een sportclub. Maar hoe graag kinderen ook lid willen worden van een sport- of muziekclub, ze voelen vaak aan hoe de situatie thuis is en zijn loyaal aan hun ouders. Brugfunctionarissen kunnen het gesprek met ouders hierover aangaan. Reneman: “Want als een kind dat arm opgroeit lid wordt van een sportclub, is dat zoveel meer dan ‘dat uurtje sporten’. Zo’n kind wordt lid van een nieuwe community en komt in aanraking met andere kinderen, andere ouders en trainers.”
Brugfunctionaris op het voortgezet onderwijs
Juist bij de overgang van basis- naar voortgezet onderwijs stoppen veel kinderen met sporten. “Een brugfunctionaris op het vo kan voorkomen dat juist deze kwetsbare groep uitvalt”, zegt Reneman. Ze vervolgt: “Ondertussen werken er in Groningen vier brugfunctionarissen op vo-scholen. En hoewel de OCW-subsidie vooralsnog incidenteel is, zeggen vo-schooldirecteuren in onze gemeente niet meer zonder brugfunctionaris te kunnen. Deze is een grote meerwaarde voor het schoolteam, dat door tussenkomst van de brugfunctionaris armoede beter begrijpt.”
Actief investeren in armoedebeleid
Jaarlijks investeert de gemeente vanuit het armoedebeleid ruim €900.000 in voorzieningen die kinderen in armoede ondersteunen om te bewegen, zoals het Jeugdfonds Sport & Cultuur, Stichting Leergeld en het zwemvangnet. “In 2024 is voor ruim 1.600 kinderen een aanvraag gedaan voor een vergoeding uit het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Dat komt door de actieve rol die de brugfunctionarissen hebben en de rol van de buurtsportcoaches, die ook door de gemeenten worden ingezet”, vertelt Wendy Tol, beleidsadviseur Sport bij de Directie Maatschappelijke Ontwikkeling (DMO).
Gratis leefstijlprogramma Bslim
Tol: “Met middelen vanuit de Brede Regeling Combinatiefuncties maakten we de afgelopen periode veel mogelijk voor het in beweging krijgen en houden van onze inwoners. De beweegcoaches, buurtsportcoaches, sport- en beweegcommunities in wijken en het Bslim-team spelen daarin een belangrijke rol”. Bslim, een erkende sport- en beweeginterventie, is van belang in het actief benaderen van de doelgroep. Dit gratis sportieve leefstijlprogramma biedt kinderen van 4 tot 15 jaar laagdrempelige sport- en beweegactiviteiten.
Tol weet daar alles van: “Dit programma is sinds 2006 actief in acht Bslim-wijken, waar kinderen wonen die dit het meest nodig hebben. Binnen zo’n wijk is een Bslim-team werkzaam en bestaat uit meerdere brede vakdocenten sport en een buurtsportcoach. Het team werkt samen met allerlei partijen in de wijk zoals scholen, sportverenigingen, jeugdwerk en kinderopvang. Omdat de brede vakdocenten de gymlessen op de scholen in de wijk én de buitenschoolse activiteiten organiseren, zorgt dat ervoor dat kinderen in de wijk een bekend en vertrouwd gezicht zien.”
Vergroot kennis van doelgroep
“Bslim kan een springplank naar een lidmaatschap van een sportvereniging zijn. Toch blijft de overstap van informeel sporten in de wijk naar regulier sportaanbod vaak lastig”, aldus Tol. “Daarvoor is met (financiële) ondersteuning vanuit de gemeente en de Hockey Foundation in één van de Bslim-wijken Hockeyclub Martinus opgericht. Hier krijgen kinderen en hun ouders de kans om te leren wat het inhoudt om te sporten in verenigingsverband.”
Tol: “Het gaat ook over het begrijpen waarom kinderen niet komen opdagen of waarom ouders kinderen niet naar een uitwedstrijd brengen. Bijvoorbeeld omdat er geen geld is voor clubkleding of er geen auto beschikbaar is.” Reneman zegt: “We faciliteren al veel op dit gebied maar de kennis en expertise van sport- en beweegaanbieders over armoede mag groter. Daar is winst te behalen en daar zetten we ons voor in.”
In gesprek met de jeugd
Reneman: “De samenwerking met Bslim, zoals we dat in Groningen hebben neergezet, en de rol van de brugfunctionarissen vind ik echt fantastisch. Dat ligt dichtbij, speelt zich af in de wijk en op kleine schaal. Daardoor kun je ook goed in gesprek gaan met de kinderen om wie het om draait.” Tol vult aan: “Geef kinderen een stem en vraag ook hen en niet alleen de ouders naar de thuissituatie en hoe het gaat. Geef ze een stem door ze actief te vragen voor bijvoorbeeld de leerlingenraad of de schoolraad.”
Tips van Groningen voor andere gemeenten
- Werk samen met scholen, brede vakdocenten en andere partners in de wijk om de doelgroep, kinderen die arm opgroeien, zo breed mogelijk te bereiken.
- Zorg dat ouders betrokken zijn en blijven, anders raak je de kinderen kwijt.
- Plak niet alleen her en der pleisters. Hoewel een lidmaatschap van een sportclub wel een belangrijke pleister is, is het niet genoeg om de problematiek op te lossen. Kijk daarvoor naar het geheel van de problematiek (dat vaak meerdere beleidsterreinen omvat).
- Ben je ervan bewust dat kinderen een enorm solidariteitsgevoel naar hun ouders hebben. Om kinderen te bereiken moet je naar hun thuissituatie kijken.
- Ga in gesprek met de kinderen om wie het gaat, laat ze deelnemen in bijvoorbeeld wijkraden waardoor ze actief hun stem kunnen laten horen.
Lees meer
- Webinar ‘Slimme aanpakken waarmee jeugd die met armoede te maken heeft, óók meedoet’ tijdens de Week van de Motoriek 2025.
- Brochure ‘De Brugfunctionaris op school’
- Gelijke Kansen Alliantie
- Sport en bewegen voor jeugd in armoede: een overzicht
- Deze financiële regelingen zijn er om jeugd te laten sporten en bewegen
- 15 tips om jeugd uit gezinnen met een laag inkomen te betrekken bij sport
- Overzichtspagina Jeugd in armoede: cijfers, beleid en praktijk
Bronnen
- RIVM, VeiligheidNL, CBS. Aanvullende Module Bewegen en Ongevallen van de Leefstijlmonitor. 2021 en 2023.