Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Mensen met een lichamelijke beperking: wat drijft en belemmert hen bij sport en bewegen

Artikel

Mensen met een lichamelijke beperking bewegen minder dan mensen zonder een lichamelijke beperking. Hoe komt dat? Wat belemmert hen en wat motiveert hen juist wél? En: hoe kunnen we drempels wegnemen? Het RIVM zette het op een rij.

Beweeggedrag lichamelijke beperking

Van alle Nederlanders voldoet gemiddeld 57% aan de combinorm. Voor mensen met een lichamelijke beperking ligt dat een stuk lager. Van de mensen met een visuele beperking voldoet nog 54% aan de combinorm. Doven en slechthorenden (mensen met een auditieve beperking) bewegen nog iets minder, namelijk 42%. Mensen met een motorische beperking bewegen het minst, slechts 38%. Terwijl het juist ook voor mensen met een lichamelijke beperking heel belangrijk is om te sporten of bewegen. In het onderzoek van het RIVM is bekeken waarom mensen met een lichamelijke beperking minder sporten. En wat we kunnen doen om dat te verbeteren.

Belemmeringen en drijfveren lichamelijke beperking

Voor iedereen met een lichamelijke beperking is het minder vanzelfsprekend dat ze een passend sport- of beweegaanbod in hun directe omgeving vinden. Als belangrijkste drijfveer daarentegen geldt: bewegen is niet alleen een manier om te ontspannen, het kan ook bijdragen aan behoud van (of zelfs verbetering van) functionaliteit en daarmee van onafhankelijkheid.

Daarnaast heeft een aantal belemmeringen en drijfveren specifiek met de aard van de beperking te maken:

  • Voor mensen met een motorische beperking kunnen gezondheidsaspecten belemmerend werken. Denk aan motorisch functioneren, fitheid, vermoeidheid en pijn. Inzicht in je eigen persoonlijke fysieke mogelijkheden – en het verbeteren daarvan – kunnen juist relevante drijfveren kunnen zijn. Coping (het kunnen omgaan met je beperking) kan zowel een drijfveer als een belemmering zijn. Het lijkt erop dat iemand die zijn beperking minder accepteert, ook minder beweegt. Toch kan sport en bewegen juist positief bijdragen aan acceptatie en zelfvertrouwen.
  • Voor blinden en slechtzienden (mensen met een visuele beperking) is het beperkte oriëntatievermogen van invloed op sport- en beweeggedrag.
  • Voor mensen met een auditieve beperking kunnen vooral communicatieproblemen bij het sporten zélf een rol spelen om minder te bewegen.

Wanneer gaan mensen met een lichamelijke beperking meer bewegen?

Hoe kunnen we belemmeringen wegnemen en ervoor zorgen dat mensen met een lichamelijke beperking meer gaan sporten en bewegen?

  • Help mensen inzien welke mogelijkheden zij (nog) hebben om te sporten of bewegen. Zorgverleners kunnen een waardevolle rol vervullen. Zij kunnen mensen met een beperking op een coachende manier helpen om een positiever beeld te krijgen van hun fysieke mogelijkheden. Maatwerk daarbij is belangrijk: zorg dat het advies aansluit op iemands motivatie.
  • Zorg voor voldoende aangepaste, toegankelijke accommodaties, waar mensen met een lichamelijke beperking kunnen sporten en bewegen.
  • Het helpt om sportaanbieders het inzicht te geven dat er vaak slechts kleine aanpassingen nodig zijn, om mensen met een lichamelijke beperking aan het reguliere sportaanbod te laten deelnemen.
  • Trainers die de beweegmogelijkheden en -beperkingen van de verschillende groepen goed kennen, kunnen hun activiteiten daarop aanpassen. Zo kan iedereen met een beperking met een vertrouwd gevoel sporten.
  • Een krachtig en multidisciplinair netwerk rondom de persoon met een beperking is een pluspunt. Er is een centrale organisatie nodig waar eerste- en tweedelijnszorg, wijkteams, scholen en sportaanbieders terecht kunnen met vragen en die de regie pakt. Een organisatie zoals de provinciale sportraad, of Uniek Sporten kan adviseren en helpen.

Interventies

Onderstaand goede voorbeelden van interventies die ingezet kunnen worden om deze groep te helpen bij sporten en bewegen.

7 tips om meer te bewegen met een beperking

  1. Maak een afspraak met een familielid, buurvrouw, buurman, vriend of vriendin om samen te bewegen op een vast tijdstip.
  2. Probeer samen met een vriend of vriendin eens wat verschillende sporten/activiteiten en ontdek wat je echt leuk vindt.
  3. Verdeel je energie en zorg voor voldoende rust. Voer de duur, intensiteit en frequentie geleidelijk op.
  4. Rust even uit als een activiteit u te inspannend wordt, laat u niet verleiden om toch door te gaan.
  5. Neem, als dat kan vaker de trap dan de lift.
  6. Gebruik een stappenteller, smartwatch of geschikte app als motivatie
  7. Beloon jezelf.

Lees ook:

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.