Alles over sport logo

Beweeg- en sportgedrag van mensen met een chronische aandoening of lichamelijke beperking 2019

Het belang van sporten en bewegen voor mensen met een handicap wordt breed onderschreven. Sport is niet alleen goed voor de gezondheid, maar kan ook bijdragen aan maatschappelijke integratie van mensen met een beperking. Dit artikel geeft een beeld van de ontwikkelingen in het sportgedrag van mensen met een chronische aandoening of lichamelijke beperking.

Van welke groepen hebben we cijfers

Een definitie van over wie we het hebben als we spreken van ‘mensen met een lichamelijke beperking’ staat in de websheet ‘Ontwikkeling sport voor mensen met een lichamelijke beperking’ van het Mulier Instituut.

In Nederland heeft ongeveer 11% van de volwassenen één of meer matige of ernstige lichamelijk beperkingen, blijkt uit cijfers van het CBS. Daarbij onderscheiden we drie verschillende groepen:

  • 8% heeft een motorische beperking
  • 3% heeft een visuele beperking
  • 3% heeft een auditieve beperking

Chronische aandoeningen – zoals hartfalen, hoge bloeddruk, artrose en eczeem – komen bij 54% van de Nederlandse bevolking tot 80 jaar voor.

Voldoen aan de beweegrichtlijnen

Op sportenbewegenincijfers.nl staan voor 20 verschillende zogeheten kernidicatoren hoe ons land ervoor staat op gebied van sport en bewegen. Daar staan ook actuele cijfers – uit 2019 – over de beweegrichtlijnen, vanaf 12 jaar. We zien daar de volgende resultaten:

  • Mensen met een lichamelijke beperking en/of een chronische aandoening voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen dan mensen zonder aandoening of beperking (53%).
  • Dit percentage was het laagst bij mensen met zowel een lichamelijke beperking als een chronische aandoening; slechts 19% voldeed.
  • Onder mensen met alleen een lichamelijke beperking was het percentage dat voldoet aan de beweegrichtlijnen (34%) lager dan bij mensen met alleen een chronische aandoening (48%).
  • Dit beeld komt overeen met cijfers uit eerdere jaren.

Als we inzoomen op type beperking zien we het volgende:

  • Motorische beperking: slechts 16% voldoet aan de beweegrichtlijnen.
  • Visuele beperking: 29% voldoet aan de beweegrichtlijnen.
  • Auditieve beperking: 30% voldoet aan de beweegrichtlijnen.

Over de tijd lijken alle drie de groepen wél een lichte stijging te vertonen in het voldoen aan de beweegrichtlijnen.

Wekelijkse sportdeelname

Ook qua wekelijkse sportdeelname blijven mensen met een aandoening of beperking aanzienlijk achter. Vanaf 12 jaar ligt het percentage dat op 23%, ten opzichte van 60% voor mensen zonder aandoening of beperking.

En ook hier sport de groep met alleen een lichamelijke beperking wekelijks het minst (27%). Bij mensen met alleen een chronische aandoening is dit 50%. Deze ontwikkeling is al jaren te zien en is onveranderd gebleven.

Gekeken naar de soort lichamelijke beperking, dan blijkt dat auditief en visueel gehandicapten in 2019 wekelijks het meest aan sport doen (24%), tegen 20% bij de motorisch gehandicapten.

Lidmaatschap sportvereniging

Het lidmaatschap van een sportvereniging is eveneens uitgesplitst naar chronische aandoening en lichamelijke beperking in de Vrijetijdsomnibus van het SCP en het CBS. Deze cijfers laten zien dat mensen met een aandoening of beperking minder vaak lid zijn van een sportvereniging (13%), dan mensen zonder handicap (32%).

Opvallend is dat het aantal lidmaatschappen onder mensen zónder aandoening of beperking tussen 2012 en 2018 daalde met 3%. Bij de groepen met een aandoening of beperking is deze ontwikkeling nauwelijks zichtbaar.


Gezonde leefstijl
Volwassenen
public, professional
feiten en cijfers
chronische aandoening, sportdeelname (cijfers), sporten met lichamelijke beperking