Alles over sport logo

De leefwereld van gezinnen in armoede: Bella en moeder Anoeska

Hoe ziet de leefwereld van gezinnen die leven in armoede eruit? In een serie kindportretten van het Kenniscentrum Sport & Bewegen en Mulier Instituut vertellen jongeren en hun ouders wat er bij hun speelt en welke belemmeringen zij ervaren met sport en bewegen. Dit is het verhaal van Bella (17 jaar) en haar moeder Anoeska.  

Het verhaal van Bella

“Ik weet dat er thuis geldzorgen zijn, maar ik heb niet het idee dat mijn broertje, moeder, oma en ikzelf daardoor minder kansen hebben. Zo kom ik qua eten nooit wat tekort. Het is heftig, maar zoals mijn moeder zegt: “We maken er gewoon het beste van.” Maar voor mijn moeder en oma is het lastig om ermee om te gaan, omdat het onterecht is dat we geldzorgen hebben. Maar we hebben elkaar en zijn sterk. Het is super handig om geld te hebben, maar als je dan geen geluk voelt.. Gelukkig zijn én geld hebben, dat lijkt me wel fijn. 

“Toen ik zeven was, begon ik met judo hier in de speeltuin. Ik vond het super leuk, maar werd wel getackeld. Ik werd er namelijk net als op school gepest. Toen stopte ik en ging ik op kickboksen. Ik deed ook weerbaarheidstrainingen bij de opvoedpoli, waar ik leerde om sterker in mijn schoenen te staan. Maar ik vond het een beetje oneerlijk. Ik deed namelijk niks fout en de kinderen die mij pestten hoefden niet te gaan. Altijd werd mij onrecht aangedaan, waardoor ik boos werd en minder motivatie had.

“Ook zat ik op zwemles en dat vond ik super leuk. Ik ging er echt voor, zelfs toen ik een astma-aanval kreeg voor het afzwemmen. Want als ik iets leuk vind, dan ga ik er honderd procent voor. Ik haalde mijn A en B, en voelde me echt trots. Later ging ik naar korfbal via het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Dat heb ik drie jaar volgehouden. Ik vond het super leuk; het was gezellig en ik had er vrienden. Het voelde als een familie en iedereen accepteerde elkaar. Toen kwam corona en gingen we niet meer op kamp. Het werd gewoon een beetje minder, dus ging ik daar weg. 

“Het is heftig, maar zoals mijn moeder zegt: ‘we maken er gewoon het beste van’.”

Bella

“Alles ging dicht. Ik deed wel thuis en in de buurt workouts. Na een tijdje dacht ik: waarom ga ik niet naar de sportschool? Nu ga ik al vier maanden bijna elke dag. Ik vind in mijn eentje trainen heel leuk. Dan hoef je niet te bedenken of je het goed doet en je hoort ook geen mensen praten. Ik werk tijdelijk bij de Albert Heijn om bij te verdienen. Ik heb een nulurencontract, maar ik werk zoveel mogelijk. Van het geld betaal ik mijn sportschoolabonnement. Het is een stukje onafhankelijkheid; het is fijn dat je jezelf kan ‘vergoeden’. En het is fijn om wat te sparen, bijvoorbeeld voor later of voor kleding. En als ik straks achttien ben, moet ik meer betalen, zoals de zorgverzekering. 

“Ik vind het spannend om met iets nieuws te beginnen. Vooral omdat ik mijn hele leven ben gepest. Ik ben toch alleen, zo voelt het. Het is leuk als er wat bijkomt, maar ik verwacht niet dat ik bijvoorbeeld vrienden krijg. Wel was ik begonnen met een sportopleiding aan het ROC, maar daar ben ik weggepest. Daarna durfde ik drie maanden niet te sporten. Mijn motivatie was weg en ik werd verdrietig, omdat ik van sporten houd. Daarna probeerde ik het weer op te pakken, want ik laat mij niet uit het veld slaan. Dat was in coronatijd. Toen begon ik met die thuisworkouts, waar mijn moeder mij bij hielp. 

“Ik denk niet dat ik weer met korfbal kan beginnen, want ik ben bijna achttien en sporten met het Jeugdfonds Sport & Cultuur kan dan niet meer. Dan moet ik alles zelf betalen. Het is best prijzig – ik denk 130 euro ofzo. En dan de extra kosten voor kamp. Niet op kamp kunnen gaan, zou ik lastig vinden. Ook zou het misschien apart zijn als ik opeens weer bij mensen kom die ik al ken. Gelukkig ben ik nu bij de sportschool en maak ik er het beste van. Ik heb een leuke ervaring gehad bij korfbal, maar iets nieuws is beter. Dan leer ik ook meerdere sporten en dat vind ik wel leuk. 

“Wat ik andere jongeren in een vergelijkbare situatie wil meegeven? Je staat er niet alleen voor. En als je graag wilt sporten, ga er dan voor – ondanks het pesten. 

Het verhaal van Anoeska

“Het belangrijkste wat ik mijn kinderen leer, is dat je dicht bij jezelf moet blijven en positief moet zijn. Ongeacht je financiële situatie, gezinssamenstelling of wat dan ook. We weten wie we zijn en daar zijn we focking trots op. In het begin heb ik mij erg geschaamd, hoor. Vooral met het voedselpakket. Toen dacht ik echt: what the hell is dit… Maar nu? Mijn kinderen, mijn moeder, mijn gezondheid: dát is mijn rijkdom en daar kan geen enkele euro tegenop. 

“Mijn moeder is Italiaans, mijn vader was Hongaars en ik ben opgegroeid in Nederland. Met mijn twee kinderen woon ik bij mijn moeder. Ik verzorg haar, dus het is een aparte gezinssamenstelling. Mijn zoontje heeft gedragsproblemen, ADHD en ODD. Dat maakt het heel moeilijk om naschoolse opvang te krijgen, dus ben ik thuis. Ik kan niet werken en heb een uitkering. Ik doe het al bijna 18 jaar alleen. Er is geen vader in beeld. Het is best heel pittig. ‘s Avonds lig ik al om acht uur in bed en dan ben ik kapot. We hebben verder geen familie dus alles rust op mij. Mijn dochter helpt me heel goed. Boodschappen, met haar broertje op pad. Zaterdag gaat ze met hem naar Artis, zodat ik even tijd met mijn moeder heb.

“Ik word gekort op mijn uitkering, omdat ik bij mijn moeder woon en schulden heb. Ik krijg maar 385 euro per maand en krijg eten van de voedselbank. Ik heb niks. Alles wat ik binnenkrijg, gaat naar mijn moeder, want zij betaalt bijna alles. Ik ben ook de dupe van de opvangfraude. Het kan nog wel een jaar duren voordat ik daar iets van hoor. Voordat ik mijn dochter kreeg, had ik geld in overvloed. Ik kon alles doen wat ik wilde, maar was niet gelukkig. Nu heb ik bijna niks en ben ik dolgelukkig. Geld is lekker om te hebben, maar het maakt niet gelukkig. 

“Ik ben ook de dupe van de opvangfraude. Het kan nog wel een jaar duren voordat ik daar iets van hoor.”

Anoeska

“Mijn dochter verdient haar eigen centjes. Het eerste wat ze zei, was: “Mama, ik wil zo graag een abonnement voor de sportschool.” Ik zei: “Schat, je verdient je geld: dóen.” Ik vind het belangrijk om mijn kinderen te stimuleren om te sporten. Bij Bella wordt Jeugdfonds Sport & Cultuur gebruikt. Elk jaar moest dat weer ingevuld worden. Dat was echt irritant. Ik moest zo veel opvragen en invullen. Ik ben niet goed met computers, dus vroeg ik mijn dochter om het in te vullen. Of ik moest naar zo’n centrum in de buurt om hulp te vragen. Het was zo vervelend dat ik het niet zelf kon. Als kind zat ik zelf ook op korfbal, maar ik kwam alleen naar de feestjes. Die vond ik leuker dan de training. Ik ben namelijk altijd dik geweest en met korfbal moest ik zo’n rokje aan. In mijn ogen zag ik dan die spekbenen eronder. Oh, ik vond het verschrikkelijk. Dan lachten ze mij uit. Of ze tackelden me en dan had ik weer grind in mijn been. Ik had een bloedhekel aan sporten. Ik voelde zoveel schaamte: wat zullen de andere kinderen wel niet van mij denken? Ik werd altijd uitgescholden en gepest. 

“Later sportte ik juist heel veel. Dat was voordat mijn dochter was geboren. Toen woog ik 69 kilo en kon ik nog gewoon naar de sportschool om te kickboksen. Dat deed ik vooral vanwege de vernedering door de verwekker van mijn dochter. Ik was altijd “lelijk” en “dik” terwijl ik hartstikke mooi was. Maar goed, als je gek bent op iemand, dan ga je daarin mee. Dus at ik op een gegeven moment niks meer en trainde elke dag. Inmiddels ben ik vanwege mijn gezondheid weer begonnen met trainen. Ik had klachten aan mijn knieën, rug, armen en schouders. Ik moet nog heel wat jaartjes mee. En mijn kont groeide ook natuurlijk. Maar ik ben van het sporten gaan houden. Het geeft me energie voor de rest van de dag en is een uitlaatklep. Even alles loslaten en iets voor mezelf doen. En ik voel me er prettig door in mijn lijf. 

“Alleen financieel kan ik dus geen maandkaart nemen. Ik ben er wel mee bezig: is er geen mogelijkheid voor mij om iets te doen, voor een klein bedrag ofzo? Dat zou geweldig zijn. Maar bij de sportschool zit je er gelijk twee jaar aan vast, dat maakt het zo moeilijk. Op een gegeven moment dacht ik: dan maak ik de sportschool maar binnen. Maar ik merk toch dat ik het thuis niet zo vaak doe. Dan komt er weer wat tussendoor en verwaarloos ik mezelf. 

“Wat ik andere ouders in een vergelijkbare situatie mee wil geven? Blijf doorzetten en wees positief. Ongeacht hoe je je voelt of wat je hebt meegemaakt. Stimuleer je kind en jezelf om te sporten, want dat is heel belangrijk.”


Artikelen uitgelicht


Meedoen door sport en bewegen
public, professional
praktijkvoorbeeld
kwetsbaarheid, lage inkomens