Wettelijke richtlijnen voor bewegingsonderwijs van basisschool tot mbo | Alles over sport

Wettelijke richtlijnen voor bewegingsonderwijs van basisschool tot mbo

Artikel

geplaatst op: 6 september 2016

Voor het bewegingsonderwijs in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs zijn wettelijk kerndoelen en eindtermen vastgesteld. Ook gelden er bevoegdheidsbepalingen voor leerkrachten. Verder moet er een geschikte accommodatie zijn voor bewegingsonderwijs. Hier een overzicht van de richtlijnen per schooltype. 

Richtlijnen voor het basisonderwijs

Basisscholen hebben de vrijheid om hun onderwijsprogramma zelf vorm te geven binnen de wettelijk vastgestelde kerndoelen. Deze kerndoelen zijn:

  • De leerlingen leren op een verantwoorde manier deelnemen aan de omringende bewegingscultuur en leren de hoofdbeginselen van de belangrijkste bewegings- en spelvormen ervaren en uitvoeren.Het gaat daarbij om bewegingsvormen als balanceren, springen, klimmen, schommelen, duikelen, hardlopen en bewegen op muziek. En om spelvormen als tikspelen, doelspelen; spelactiviteiten waarbij het gaat om mikken en jongleren en stoeispelen.
  • De leerlingen leren samen met anderen op een respectvolle manier aan bewegingsactiviteiten deelnemen, afspraken maken over het reguleren daarvan, de eigen bewegingsmogelijkheden inschatten en daarmee bij activiteiten rekening houden.De meeste bewegings- en sportactiviteiten worden gezamenlijk ondernomen. Het is dus nodig om te leren afspreken wat de regels zijn, hoe die na te leven en wie welke rol speelt. Verder hoort daarbij elkaar helpen, op veiligheid letten, elkaars mogelijkheden respecteren en eigen mogelijkheden verkennen.

Zie voor een uitgebreide beschrijving het Kerndoelenboekje van SLO en de website van KVLO.

Lestijd

Er is geen wettelijke norm voor de hoeveelheid gymlessen in het basisonderwijs. Er gold wel een urennorm, maar die is in 1996 losgelaten. Uitgaande van het huidige onderwijsbeleid zouden kinderen op de basisschool 2 x 45 minuten per week bewegingsonderwijs moeten krijgen.

Lesbevoegdheid

Sinds 2006 mogen alleen groepsleerkrachten met een aanvullende bevoegdheid of vakleerkrachten LO bewegingsonderwijs geven aan groep 3-8. Dat wil zeggen: een bevoegde (vak)leerkracht ALO of leerkracht PABO in het bezit van de vakbekwaamheid lichamelijke oefening. Voor bewegingsonderwijs aan groep 1 en 2 is deze bevoegdheid niet verplicht.

Richtlijnen voor het voortgezet onderwijs

In het basisonderwijs ligt het accent op het leren van de basisvormen van bewegen. In het voortgezet onderwijs verschuift de nadruk naar een brede oriëntatie op de bewegingscultuur. Het is belangrijk dat leerlingen kansen krijgen hun mogelijkheden in een veilige omgeving te verkennen, en dat ze meer zelfvertrouwen ontwikkelen op het gebied van hun bewegingsmogelijkheden. Er kunnen flinke verschillen zijn tussen leerlingen in belangstelling, talent en tempo. Dit vraagt om flexibiliteit en om uitdagende en aansprekende bewegingssituaties. Het onderwijs wordt altijd gegeven door een bevoegde vakleerkracht LO.

Onderbouw

Voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs zijn zes kerndoelen geformuleerd voor Bewegen en sport. Hierbij gaat het om een brede oriëntatie op verschillende soorten bewegingsactiviteiten:

  1. Bewegen beleven
    De leerling leert zich, mede met het oog op buitenschoolse beoefening, op praktische wijze te oriënteren op veel verschillende bewegingsactiviteiten uit gevarieerde gebieden als spel, turnen, atletiek, bewegen op muziek, zelfverdediging en actuele ontwikkelingen in de bewegingscultuur, en daarin de eigen mogelijkheden te verkennen.
  2. Bewegen verbeteren
    De leerling leert door middel van uitdagende bewegingssituaties zijn bewegingsrepertoire uit te breiden. De leerling leert de hoofdbeginselen van de bewegingsactiviteiten op eigen niveau toe te passen.
  3. Omgaan met anderen
    De leerling leert tijdens bewegingsactiviteiten sportief te zijn, rekening te houden met de mogelijkheden en voorkeuren van anderen, en respect en zorg te hebben voor elkaar.
  4. Bewegen regelen
    De leerling leert eenvoudige regelende taken te vervullen die het mogelijk maken zelfstandig en samen met andere leerlingen bewegingsactiviteiten te beoefenen.
  5. Gezond bewegen
    De leerling leert door deel te nemen aan praktische bewegingsactiviteiten de waarde van het bewegen voor de gezondheid en het welzijn kennen en ervaren.
  6. Daarnaast zijn er afzonderlijke kerndoelen opgenomen voor samenwerking en de relatie met gezondheid en welzijn. Het leergebied Mens en natuur bevat kerndoelen over lichamelijke en psychische gezondheid en persoonlijke verzorging. 

De kerndoelen voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs zijn te downloaden via de website van KVLO of SLO. Op www.examenblad.nl staan de examenprogramma’s en eindtermen voor vmbo, havo en vwo.

In het basisdocument voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs heeft KVLO de kerndoelen uitgewerkt in leerlijnen en tussendoelen, die als referentiekader voor het niveau van het vak en programmaontwikkeling kunnen dienen.

Bovenbouw

In 1995 zijn eindtermen geformuleerd voor de bovenbouw van vwo, havo en vmbo, inclusief voor LO.

Lestijd

Scholen moeten in elk leerjaar lichamelijke opvoeding geven en gespreid over de weken in het schooljaar. Het moet gaan om ‘praktische bewegingsactiviteiten in zodanige omvang dat wordt voldaan aan de inhoudelijke eisen op het gebied van kwaliteit, intensiteit en variëteit zoals neergelegd in kerndoelen en examenprogramma’s’. Hoe scholen dat vertalen naar contacttijd en lessen, kunnen ze grotendeels zelf bepalen. Meestal betekent het dat scholen 2 tot 3 lesuren per week lichamelijke opvoeding op het rooster hebben staan.

De lessentabel in het voortgezet onderwijs is in 2006 vervallen, maar voor het vak lichamelijke opvoeding is een uitzondering gemaakt. Dit betekent dat het uitgangspunt nog altijd het aantal lesuren lichamelijke opvoeding is van vóór 1 augustus 2005. Op verzoek van de KVLO heeft de onderwijsinspectie in 2014 richtlijnen aangegeven per schooltype. Als een school zich houdt aan alle regels, is het aantal lesuren gemiddeld 2,5 voor vmbo, 2,2 voor havo en 2 voor vwo, uitgaande van lesuren van 50 minuten en 40 schoolweken per leerjaar.

Richtlijnen voor het middelbaar beroepsonderwijs

Het mbo heeft geen verplichte wekelijkse sportlessen. Sinds de invoering van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs in 1996 zijn bewegen en sport niet meer verankerd in het curriculum. Wel heeft de rijksoverheid een stimuleringsprogramma uitgevoerd om te bereiken dat vijf procent van de contacttijd bestaat uit bewegen en sport.

Het Platform Bewegen en Sport MBO ijvert voor lessen Bewegen & Sport binnen de beroepsopleidende leerweg (bol). Het platform vindt dat bewegen en sport een integraal onderdeel moeten zijn van een mbo-opleiding. De missie van het platform luidt: “een gezonde mbo-school helpt studenten zich te ontwikkelen tot vitale werknemers en burgers. Daarom is bewegen en sport onderdeel van elke opleiding en kan elke student dagelijks bewegen en sporten op school.” Het platform vindt bewegen en sport van essentieel belang om een gezonde en actieve leefstijl te bevorderen en helpt voortijdig schoolverlaten terug te dringen.
Het doel van het platform is dat eerste- en tweedejaars bol-studenten 5 procent (50 uur) van de jaarlijkse minimale onderwijstijd (1000 uur) besteden aan lessen Bewegen & Sport binnen Loopbaan en Burgerschap. De platformleden hebben het Strategisch plan 2014-2017 aangenomen. Daarin staan onder andere de missie, visie, doelstelling, activiteitgebieden en inrichting van de organisatie beschreven. Van de 69 mbo’s hebben zo’n 37 scholen zich verbonden aan de doelstelling van het platform.

De MBO Raad is vertegenwoordigd in de Onderwijsagenda Sport, Bewegen en Gezonde Leefstijl. Doel van de agenda is een groter en beter sport-, bewegen- en gezonde leefstijlaanbod in en rondom po-, v(s)o- én mbo-scholen.
Verder is het Vignet Gezonde School ook beschikbaar voor middelbare beroepsopleidingen.

De lessenbank ‘Vitaal mbo’ biedt o.a. basismateriaal voor het samenstellen van een mooi programma voor sport, bewegen en vitaal burgerschap voor mbo-studenten.

Lees meer

  • Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) (2006). Kerndoelen primair onderwijs. Den Haag: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
  • Satter, S. (2013). Regelingen onderwijshuisvesting. Editie 2014. Den Haag: Sdu Uitgevers.
  • Chris Mooij (eindredactie), Marco van Berkel, Arnold Consten, Harry Danes, Jeantine Geleynse, Mieke van der Greft, Chris Hazelebach, Jeroen Koekoek, Loes Pieters, Wilma Tjalsma (2011). Basisdocument bewegingsonderwijs voor het basisonderwijs. Zesde gewijzigde druk. Zeist/Nieuwegein: Jan Luiting Fonds/ARKO sports media
  • Lo in de bovenbouw van het vo, trendanalyse voor lichamelijke opvoeding in de bovenbouw van het vo, Enschede. 2012.
  • Nulmeting lichamelijke opvoeding in het voortgezet onderwijs, Mulier Instituut

Bewaren:

Bewaren

Gerelateerde artikelen

Anderen bekeken ook