Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Bewegen en beroerte

Artikel

Voldoende bewegen is belangrijk om een beroerte te voorkomen. Ook na een beroerte blijft bewegen belangrijk. Dat helpt nieuwe ernstige beroertes te voorkomen en om beter te herstellen. Training blijkt vooral de loopsnelheid en loopafstand te verbeteren.

Jaarlijks krijgen ongeveer 46 duizend mensen in Nederland een beroerte. Bij een beroerte is sprake van een hersenbloeding, herseninfarct of een TIA. In alle gevallen is er iets mis gegaan in de bloedvaten in de hersenen: er is een bloedvat geknapt, gescheurd of kortere of langere tijd verstopt geraakt. De hersencellen in dat gebied krijgen dan onvoldoende zuurstof en sterven af.
Gemiddeld zijn patiënten 75 jaar, maar één op de vijf is jonger dan 65 jaar. Veel voorkomende gevolgen zijn problemen met praten en lopen, halfzijdige verlamming en moeilijk kunnen bewegen. Ook depressie komt veel voor. Hierdoor zijn de meeste patiënten weinig lichamelijk actief.

Beweging en risicofactoren

Mensen die weinig bewegen, hebben een groter risico op het krijgen van een beroerte. Lichamelijke inactiviteit vergroot namelijk het risico op aderverkalking, hoge bloeddruk en diabetes type 2. Dit zijn belangrijke risicofactoren voor een beroerte. Daar komt bij dat degenen die behoorlijk actief waren voor de beroerte, meestal een minder ernstige beroerte krijgen en op termijn minder ernstige blijvende schade ondervinden.

Revalidatie met conditietraining en looptraining

Duurtraining voor een beter uithoudingsvermogen heeft een positief effect op loopsnelheid en functioneren na een beroerte. Dit blijkt uit een samenvatting van veel verschillende onderzoeken.
Specifieke looptraining helpt vooral mensen die minder dan een half jaar geleden een beroerte gehad hebben. Als mensen via piepjes of elektrostimulatie ondersteund worden bij het lopen en verbeteren van het looppatroon, lopen ze uiteindelijk sneller en verder dan mensen die zonder die extra ondersteuning looptraining krijgen.
Bij patiënten die al langer revalideren, zorgt looptraining voor een hogere loopsnelheid vergeleken met geen training of alleen fysiotherapie. Dit effect bereik je bij gemiddeld zo’n 24 trainingen in 7 weken. Ook training met een loopband resulteert in een hogere loopsnelheid en een grotere loopafstand vergeleken met geen training of training zonder lopen.

Al met al is er voldoende bewijs dat het zinvol is te trainen op lopen en uithoudingsvermogen. Er is geen hard bewijs dat krachttraining extra positieve effecten heeft, behalve die ook voor ouderen zonder beroerte gelden.

Meer energie voor revalidatie

Mensen die een beroerte hebben gehad, functioneren lichamelijk vaak slecht en zijn niet fit. Dat betekent dat ze weinig energie hebben om te revalideren. Daarbovenop verbruiken ze voor dezelfde bewegingen vaak meer energie dan mensen zonder beroerte. Dat komt doordat ze onwillekeurige bewegingen maken en niet efficiënt kunnen bewegen. Training van het uithoudingsvermogen doorbreekt de vicieuze cirkel. De zuurstofopnamecapaciteit verbetert en het energieverbruik neemt af. Dit vergroot de lichamelijke mogelijkheden van de patiënt, inclusief het beter uitvoeren van het revalidatieprogramma.

Het trainingsprogramma kan het beste individueel worden aangepast, maar zou de nadruk moeten leggen op lopen en training van het uithoudingsvermogen. Normaal gesproken zijn er geen redenen voor patiënten om niet te gaan bewegen. Wel kan het nodig zijn om het lichaamsgewicht al dan niet gedeeltelijk te ondersteunen.

Waar kun je zelf op letten als patiënt of mantelzorger?

  • In veel gevallen is er een revalidatieperiode na een beroerte. De beroepsorganisatie voor fysiotherapeuten, de KNGF heeft hier een uitgebreide richtlijn voor.
  • Daarnaast zijn er fitnesscentra die een speciaal programma meetme@thegym hebben voor mensen met niet aangeboren hersenletsel. De instructeurs zijn speciaal geschoold om patiënten te begeleiden.
  • Als je geen gespecialiseerde begeleiding nodig hebt maar wel op een aangepast niveau wil bewegen, kun je ondersteuning vragen van een zogenaamde buurtsportcoach. De afdeling sport van jouw gemeente kan aangeven met wie je contact kunt opnemen. Ook kun je kijken of een sportarts je verder kan helpen.
  • Oefenen door de patiënt met een mantelzorger kan zorgen voor extra positieve effecten naast de trainingen. Balans bewaren bij het staan, kwaliteit van leven en activiteiten van het dagelijks leven verbeteren, zonder dat dat zorgt voor meer belasting van de mantelzorger.

Op dit moment loopt er onderzoek in Nederland naar mensen die oefenen met een mantelzorger met de ondersteuning van e-health. Een fysiotherapeut ondersteunt wekelijks. Wie meer wil weten over dit onderzoek, kan contact opnemen met Judith Vloothuis, j.vloothuis@reade.nl.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.