Alles over sport logo

Regionale aanpak Tielse Wandel Challenge verbindt zorg en sport

De Tielse Wandel Challenge is een regionale aanpak van de Nationale Diabetes Challenge. Bernadette van der Hoff (praktijkondersteuner bij de huisarts bij Eerstelijns Centrum Tiel) en Martijn Leeflang (Directeur bij Eerstelijns Centrum Tiel) behoren tot de kartrekkers van deze Tielse Wandel Challenge. Maar ook buiten de challenge wandelen ze wekelijks met patiënten. In dit praktijkvoorbeeld vertellen ze hoe ze succesvol samenwerken tussen zorg en sport.

Wat houdt de samenwerking in?

Bij de Tielse Wandel Challenge (TWC) wandelen we met diabetespatiënten. Ze zijn ingedeeld in groepen van drie, vijf en tien kilometer. Deze deelnemers worden vanuit de verschillende partners geworven, zoals de huisartsenpraktijk, de fysiotherapeut en het wijkcentrum. De partners hebben allemaal een eigen wandelgroep. De insteek daarbij is: kom, geniet en doe wat binnen je mogelijkheden ligt. Zo helpen we mensen om op een laagdrempelige manier in beweging te komen. De partners werken verder samen door kennis, ervaringen en materiaal te delen.

Wat was de aanleiding om te gaan samenwerken? 

Wij weten wel hoe belangrijk bewegen is, maar bij veel patiënten zien we hoe moeilijk het is om dat voor elkaar te krijgen. Dus dachten wij: hoe kunnen we bewegen beter faciliteren? In Tiel is 16% van de beroepsbevolking laaggeletterd. We bereiken die mensen niet met flyers, video’s en websites. Toen zijn we vijf jaar geleden aangehaakt bij de NDC, omdat die zo laagdrempelig is en mensen persoonlijk worden benaderd door de professionals.

Welke professionals en organisaties zijn erbij betrokken? 

Een enthousiaste praktijkondersteuner bij de huisarts (POH) nam het initiatief. Samen met Bernadette – ook een enthousiaste POH – zetten zij dit samen op. Vervolgens spraken we vanuit het Eerstelijns Centrum Tiel (ECT) met de Bas van de Goor Foundation (BvdGF) af dat wij de Tiel-brede aanpak voorstaan.

De volgende organisaties en professionals zijn hierbij betrokken: 

  • Eerstelijns Centrum Tiel, bestaande uit de huisarts, fysiotherapeut, praktijkondersteuners, diëtisten en leefstijlcoaches 
  • Bas van de Goor Foundation,
  • Ziekenhuis Rivierenland Tiel
  • Stichting Zorgcentra Rivierenland 
  • Stichting Santé Partners
  • Gemeente Tiel
  • Wijkcentrum
  • Verpleeghuis
  • Lokale voetbalclub, voor gebruik van de locatie

Wij laten zorgprofessionals mee wandelen, geen vrijwilligers. De insteek vanuit de Nationale Diabetes Challenge is namelijk dat mensen ook informatie krijgen over bewegen en welke invloed bewegen heeft op hun suikerwaarde. We merken dat het waardevol is voor de zorgverlener en patiënt om elkaar zo op een andere manier te ontmoeten. Begeleiding door een buurtsportcoach kan overigens ook uitkomst bieden, om zorgverleners te ontlasten.

Hoe zijn de verantwoordelijkheden geregeld tussen de verschillende partners? 

Een regiomanager van de Bas van de Goor Foundation regelt de coördinatie voor de regio. Dat gebeurt in nauwe samenwerking met Martijn, de gezondheidsmakelaar vanuit de GGD (die ook weer nauw contact heeft met het buurtcentrum), de revalidatieverpleegkundige van het ziekenhuis en de bewegingsagoog van het verpleeghuis. 

Het idee was drie jaar geleden dat eerst de BvdGF veel zou regelen en vervolgens de buurtsportcoach zou aanhaken om de regierol te pakken. Dat is nog niet het geval; het lukt nog niet het initiatief in de gemeente te verankeren. Dat is nodig omdat het initiatief door moet gaan, ook al vertrekken enthousiaste kartrekkers die in de zorg werken. Ook is het nodig om zorgverleners te ontlasten. 

Elke zorgpartner heeft een eigen wandelgroep, zoals het ziekenhuis en de fysiotherapeut. Tijdens de beperkende coronamaatregelen waren er kleine wandelgroepjes, daarvoor liepen we in grote groepen en maakten we een planning met verschillende huisartsenteams. Ook omdat een grotere groep twee begeleiders nodig heeft. We spraken af dat elke partij een bepaald aantal wandelingen meeliep. Daar kregen ze ook een kleine bijdrage voor.

Wat zijn de belangrijkste resultaten?

Allereerst zorgt het ervoor dat de deelnemers minder in sociaal isolement zitten. Door de groepssetting voelen ze zich meer gezien. Een mooi voorbeeld: toen de vrouw van een deelnemer overleed, wilde hij eigenlijk niet meer komen. De groep is op een gegeven moment gewoon bij hem langsgegaan. De man voelde zich gemist en gewaardeerd, en is daarna weer mee gaan lopen! Sommige groepen maken zelf een groepsapp aan om contact te houden. Bovendien is er natuurlijk de lichamelijke winst: de suikerwaarden en vaten verbeteren, mensen worden fitter, enzovoorts. Deelnemers in de groep die drie kilometer loopt zeggen bijvoorbeeld: “Eerst kon ik twee rondjes om het voetbalveld lopen, nu drie! Op naar vijf.” De Challenge loopt goed; de mensen blijven komen.

Waar liepen jullie tijdens het opzetten tegenaan en hoe gingen jullie hiermee om? 

Toen de enthousiaste POH die de kar trok wegging, moesten we het opvangen. Dat was lastiger dan verwacht, omdat zij er zo veel tijd aan besteedde. Ook is het lastig om ervoor te zorgen dat alle professionals meelopen, zelfs al gaat het om een of twee keer per jaar. Bij de praktijkondersteuners was er wel animo, maar onder de huisartsen minder. Dat heeft ook te maken met drukte of vragen als: “Kan ik het wel maken naar mijn collega’s als ik er niet ben?” Huisartsen zijn soms ook sceptisch: is de NDC wel evidence-based? Verder was het uitdagend om zelf de financiering te regelen.

De uitdaging wat betreft de groepen is: hoe houd je mensen gemotiveerd om door te blijven wandelen na de Challenge? De NDC is officieel eind september afgelopen. Mensen laten doorlopen is lastig, maar ze opnieuw laten beginnen ook. Idealiter zijn de inspanningen van de zorgprofessionals gericht op de eerste stap, niet op het in beweging houden van deze mensen.  Wel zeggen we: blijf het gewoon doen, je mag onze faciliteiten gebruiken om af te spreken, naar de wc te gaan, enzovoorts. Maar dat werkt beperkt; we zijn nu vijf jaar bezig en hebben zo’n twintig ‘doorlopers’. Corona heeft daarbij ook tegengewerkt.

Hoe kregen jullie het financieel voor elkaar?

Er is een klein bedrag per praktijk beschikbaar dat ECT krijgt van zorgverzekeraars voor organisatie en infrastructuur. Dit jaar is dat niet uitgekeerd omdat er minder capaciteit nodig was. Degenen die nu veel hebben meegelopen, hebben we een aparte beloning gegeven, al staat dat niet in verhouding tot de uren die ze erin steken. We vragen geen financiële bijdrage aan deelnemers zelf, omdat we denken dat mensen dan afhaken. Om het initiatief in de toekomst te borgen, ook financieel, willen we het verankeren in de gemeente.

Worden resultaten gemonitord? 

NDC heeft zelf de opbrengsten voor patiënten in kaart gebracht, ook voor de Tielse groep. Binnen ECT worden de resultaten niet specifiek bijgehouden. Wel horen we de verhalen van deelnemers richting de begeleiders, dat ze minder insuline nodig hebben, het gewicht afneemt en ze langer kunnen lopen.

Hoe zorgen jullie dat het initiatief goed blijft lopen?

We delen bijvoorbeeld filmpjes op Kennisnet en plaatsen stukjes in het ECT-magazine. Daardoor zien zorgverleners hoe leuk het was. Door op die manier te blijven terugkoppelen naar verschillende partners, proberen we ze enthousiast te houden. Verder merken we dat de persoonlijke benadering goed werkt om deelnemers te werven: ze worden een-op-een gevraagd door bijvoorbeeld de huisarts of fysiotherapeut. 

Daarnaast is er nu het Tielse Sportakkoord. We kijken nog wat wij hiermee gaan doen. In Tiel gebeurt best veel en we willen vooral de verbindingen leggen. Wat ook helpt om het initiatief goed te laten lopen: we zorgen voor feestmomenten. De finaledag van de NDC is bijvoorbeeld heel leuk, die was dit jaar in Tiel zelf. Zoveel blije gezichten! Als afsluiter is een digitaal fotoboekje gemaakt voor de deelnemers, met ook een papieren versie voor degenen die niet zo computervaardig zijn. Dat soort dingen helpt om mensen betrokken te houden.

Welke eventuele risico’s zien jullie momenteel voor verdere samenwerking?

Verankeren via de gemeente blijft lastig. Dat heeft met financiën te maken, maar bijvoorbeeld ook met wisselingen in beleidsmedewerkers waardoor kennis weglekt. Het initiatief blijft daarmee afhankelijk van enthousiaste kartrekkers. Stoppen die? Dan zakt het al gauw in elkaar. Dat is het grootste risico. Bovendien is het niet allemaal betaald te regelen, dus je hebt professionals nodig die vanuit zichzelf gedreven zijn om hier iets mee te doen. Ook twijfelen de huisartsen soms of het de investering wel waard is.

Wat zijn verder tips voor andere partijen om een samenwerking op te zetten?

  • Maak je initiatief visueel. Wij hebben bijvoorbeeld filmpjes gemaakt van een wandelgroep. Als een potentiële deelnemer de opzet niet snapt of twijfelt, laten we dat zien.
  • Begin klein. Doe gewoon eens mee met de NDC, zodat je blij wordt van de resultaten. Daarna kun je het groter aanpakken, bijvoorbeeld met een regio-aanpak zoals in Tiel.
  • Begin op tijd als je mee wilt doen met de NDC. Je moet gaan plannen en dingen regelen. En je moet flyers drukken, waarvoor je eerst de nodige informatie zoals tijden en locaties moet weten. De zorgverleners hebben vervolgens ook weer tijd nodig om die uit te delen.
  • Maak een leuke afsluiting. Dit geeft veel energie; successen vieren is belangrijk! 

Heb je zelf een inspirerend praktijkvoorbeeld dat je graag wilt delen? Neem dan contact op via e-mail met Kenniscentrum Sport & Bewegen


Artikelen uitgelicht


Gezonde leefstijl
public, professional
praktijkvoorbeeld
gezondheidsbevordering, in beweging brengen, samenwerken