Sluiten

Nederlandse Vechtsportautoriteit: impact op de vechtsport én gemeenten

Artikel

Publicatiedatum 25 april 2017

Al twintig jaar stijgt het aantal Nederlanders dat een vechtsport beoefent. Onder jongeren staat kickboksen zelfs in de top 10 van populairste sporten. Toch bevond de sport zich rond 2010 in een regelrechte crisis. Een toezichthouder moest orde op zaken stellen. Sinds de oprichting van de Nederlands Vechtsportautoriteit is het tij gekeerd en verovert de vechtsport een prominent plek in het Nederlandse sportlandschap. Hoe pakten ze dat aan?

Wat was er mis in de vechtsport?

Kickboksgala’s liepen tien jaar geleden zo vaak uit de hand, dat gemeenten ze structureel wilden weren. Als vechtsporters in de media kwamen, was het vaak met initialen. Het werd normaal gevonden dat kinderen in wedstrijden andere kinderen vol tegen het hoofd trapten. Trainers konden met een veroordeling op zak en een elektronische enkelband om lesgeven in een gemeentelijke gymzaal. Notoire criminelen fêteerden elkaar aan VIP-tafels op vechtsportevenementen. Motorbendes waren vaak intimiderend aanwezig. Zo´n dertien concurrerende sportbonden zorgden voor een totaal versnipperd beleid, bijvoorbeeld rond de spelregels.

Uit deze crisis werd de Nederlandse Vechtsportautoriteit geboren, toezichthouder op het kickboksen, thaiboksen en mixed martial arts (mma) in ons land.

Burgemeester helpt vechtsportsector gezond maken

Een van de luidste critici van de vechtsportsector was de Amsterdamse burgemeester Van der Laan. Hij noemde vechtsportgala´s in 2010 ‘netwerkbijeenkomsten voor criminelen’ en gooide zijn stad op slot voor organisatoren. Veel burgemeesters waren geneigd zijn voorbeeld te volgen. De vechtsport dreigde de paria van de Nederlandse sport te worden.

In reactie hierop zocht een aantal mensen uit de sector toenadering tot de burgemeester. Zij stelden voor een meer constructieve aanpak te kiezen. Anders zou veel moois verloren gaan. De sport houdt immers ook veel mensen in beweging, wordt met succes ingezet om jongeren met gedragsproblemen te helpen, en bezorgt tienduizenden beoefenaars plezier. Van der Laan was zo sportief om die handschoen op te pakken. Hij werd voorzitter van een stuurgroep die zich ging richten op het gezond maken van de vechtsportsector. Het initiatief werd gesteund door het ministerie van VWS en NOC*NSF.

Oprichting Nederlandse Vechtsport Autoriteit

In 2014 lag er een plan van aanpak op tafel, met maatregelen voor regulering die vanuit de sector zelf én door lokale overheden werden voorgesteld. In dit plan nam een nieuw op te richten toezichthouder een centrale plaats in. Die moest zorgen dat de voorgestelde maatregelen ook daadwerkelijk tot effect leidden. Daarom werd in 2017 de Nederlandse Vechtsportautoriteit (VA) opgericht. De VA ging werken aan een gezonde, veilige en goed georganiseerde vechtsport. De organisatie wordt gefinancierd door het ministerie van VWS en is inmiddels geassocieerd lid van NOC*NSF.

Samenwerking met partners en gemeenten

Om de VA binnen de sector een sterke positie te geven, was het belangrijk om alle in Nederland actieve vechtsportbonden aan de organisatie te verbinden. Daar bleken zij toe bereid. Sindsdien teken zij allemaal elk jaar een convenant met de VA waarin is  afgesproken dat iedereen zich houdt aan de gezamenlijk genomen maatregelen. Er is afgesproken om gezamenlijk af te dwingen dat organisaties zonder convenant in Nederland geen wedstrijden of evenementen meer kunnen organiseren. Dit wordt in samenwerking met gemeenten afgedwongen.

Vijf opdrachten voor de VA

De organisatie kreeg bij oprichting vijf opdrachten mee:

  1. Eén richtlijn voor de organisatie van full contact vechtsportevenementen die door alle promotors, bonden en gemeenten wordt gehanteerd
  2. Het invoeren van een leeftijdsgrens voor wedstrijddeelname met trappen en stoten naar het hoofd bij de jeugd
  3. Het invoeren van één uniform digitaal wedstrijdboekje ter bevordering van alle full contact vechtsporters
  4. Eén licentiesysteem voor promotors, trainers, coaches, juryleden, scheidsrechters en ringartsen
  5. Het monitoren van de kwaliteit van de vechtsportscholen (Lancering: begin 2021)

De eerste vier opdrachten zijn eind 2020 inmiddels uitgevoerd, en voor de vijfde opdracht staat alles in de steigers. Door corona is de lancering van het Keurmerk Vechtsportautoriteit uitgesteld tot januari 2021.

Regulering vechtsportgala´s

Voor overheden was de eerste opdracht – het reguleren van de evenementen – het meest relevant. In 2017 lanceerde de VA Regulering vechtsportgala’s: handreiking voor gemeentelijk beleid. Dit is een checklist waar evenementenorganisatoren (promotors, bonden) zich aan moeten houden. En tegelijk ook een toets voor gemeenten die een vergunning moeten geven. De VA adviseert alle gemeenten om deze richtlijn op te nemen in het lokale beleid, zodat evenementen alleen een vergunning krijgen als ze voldoen aan de richtlijn.

In 2020 hebben 78 gemeenten dit gedaan, waaronder alle grote steden en de gemeenten waar de meeste vechtsportevenementen plaatsvinden. Gemeenten waar zelden of nooit evenementen plaatsvinden, wordt ook aangeraden de richtlijn in het beleid op te nemen. Louche organisatoren zoeken immers juist gemeenten zónder ervaring en beleid, om in dat vacuüm van kennis en middelen hun gang te kunnen gaan. Als een gemeente dat eenmaal ontdekt, kan het te laat zijn om alsnog in te grijpen.

Auditteam voor evenementen

De VA heeft inmiddels een Auditteam van zo’n dertig vrijwilligers die de evenementen bezoeken en – aangekondigd of onaangekondigd – audits uitvoeren. De vrijwilligers combineren een vakmatige deskundigheid (als inspecteur, accountant of onderzoeker, bijvoorbeeld) met een liefde voor de vechtsport.

Keurmerk voor de vechtsportscholen

Een goed georganiseerde en veilige vechtsport begint bij de vechtsportscholen. “Er zijn geweldige vechtsportscholen in Nederland”, benadrukt VA-bureaudirecteur Farid Gamei. “Sommige met een traditie van tientallen jaren. Anderen beginnen net, maar leggen de lat hoog, zijn innovatief en bieden een veilige en fijne sportomgeving voor recreanten én topsporters. De dojo´s zijn het fundament van de vechtsport. Maar het is nu nog zo dat iedereen een bokszak in de schuur mag ophangen en zichzelf sportschool mag noemen, terwijl ze zelf amper wedstrijdervaring hebben en niets weten van didactiek. Daar willen wij als sector vanaf. En de gemeenten willen dat net zo graag, merkten wij al snel.”

Daarom is het Keurmerk Vechtsportautoriteit in het leven geroepen. Bij het ontwikkelen ervan zijn ook sportschoolhouders en deskundigen van gemeenten betrokken. Voor gemeenten is het belangrijk dat zij kunnen zien welke vechtsportscholen goed zijn, en welke niet deugen. Want met ondermaatse vechtsportscholen doen zij bij voorkeur geen zaken. Het Keurmerk maakt dit duidelijk en zichtbaar. Sportscholen die niet goed genoeg zijn, worden gestimuleerd om de kwaliteit op te schroeven. Als zo’n sportschool ondermaats blijft presteren, kunnen gemeenten deze uitsluiten van faciliteiten en subsidieprogramma´s. Ook kunnen gemeenten dan vergunningen weigeren voor eigen evenementen. In de speciale brochure voor gemeenten staat hier meer over.

Wat zijn goede vechtsportscholen?

Gamei: “Goede vechtsportscholen geven op een doordachte manier les. Er staan deskundige trainers voor de groep, die niet alleen weten hoe je een linkerhoek uitdeelt, maar ook hoe je kennis overdraagt. Wat je kunt afleiden uit het gedrag van je pupillen. Hoe je lastige klanten kunt bijsturen. Ze doen dat in een schone en veilige ruimte en gebruiken veilig materiaal. Zij weten hoe ze eerste hulp moeten verlenen bij blessures, en hebben daarvoor de juiste spullen in huis.”

Ook gemeenten zijn blij met de duidelijkheid die door het keurmerk gaat ontstaan. Het Keurmerk krijgt een duidelijke plek in het lokale beleid. In gemeenten die het oppakken wordt het een vereiste voor sportscholen die gebruik willen maken van gemeentelijke faciliteiten en subsidieprogramma´s, of als ze mee willen lopen in een stadspas programma. Het wordt voor gemeenten een instrument om de cowboys buiten de deur te houden en problemen te voorkomen.

Kenniscentrum voor de vechtsport

De VA is in de eerste drie jaar van haar bestaan een kenniscentrum geworden voor gemeenten. Ook is er goed overleg met verschillende Veiligheidsregio’s, politiediensten, RIEC’s en ministeries. Bovendien treedt de VA regelmatig op als vertegenwoordiger van de sector, bijvoorbeeld richting sportkoepel NOC*NSF en in het Platform Ondernemende Sportaanbieders.

Toekomst

De vechtsport heeft grote stappen vooruit gemaakt, ziet Gamei. “Waar de overheden op het punt stonden vechtsportevenementen duurzaam te verbieden, worden toernooien en gala’s nu steeds vaker met open armen ontvangen. Waar media eerst alleen over gala’s berichtten omdat het uit de hand liep, hebben vrijwel alle zenders de vechtsport nu omarmd. Rico Verhoeven is een sporticoon geworden, hij was laatst ambassadeur van de Nationale Sportweek. Tien jaar geleden was dit ondenkbaar. Het gaat de goede kant op. De grootste zorg is nu vooral of alle organisaties de corona-crisis overleven.”

De VA is voor de komende drie jaar weer verzekerd van financiering door het ministerie van VWS. Of en hoe de organisatie na deze termijn verder gaat, wordt naar verwachting in de loop van 2021 duidelijk.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.