Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Interview met twee kersverse sport- en beweegbegeleiders 55+

Interview

Josien van de Pouw en Janine Beeloo ontvingen in de zomer van 2017 hun diploma’s Sport & Beweegleider Senioren en Senioren Beweegbegeleider van ROC Tilburg. Nieuw en fris van de opleiding en direct aan de slag. Docent van de beide opleidingen, Helmi van der Loo, spreekt met hen over hun passie voor de doelgroep en hun bewuste keuze om deze opleiding te volgen.

Josien, vanwaar de keuze voor de opleiding Sport & Beweegleider?

“Ik ben al ruim twintig jaar als leerkracht aan het werk. Ik zocht voor mezelf een nieuwe uitdaging. Ik ben op zoek gegaan naar een studie passend bij mijn passie: sport. Ook een nieuwe doelgroep sprak mij aan.” Het werd, vertelt Josien, een opleiding waarin ze leerde om sport en bewegen te promoten onder senioren als middel om fit te blijven en om hen aan te moedigen dit samen met anderen te doen. “Bezig zijn met sport en bewegen voor senioren en zorgen dat ze vitaler, gezonder en langer zelfstandig kunnen blijven leven. Een mooi motto waarin ik mezelf kan vinden.”

Voldeed de opleiding aan je verwachtingen?

“Helemaal”, antwoordt Josien. “Je krijgt theorie, praktijk en loopt stage. Het fijne vond ik de afwisseling tussen stukjes theorie en daarna de zaal in en lekker sporten. We kregen veel methodieklessen gericht op vitale ouderen van 55+ en 75+. Sport, spel, bewegen en muziek, grondvormen van bewegen, alles passeerde de revue. Daarnaast heb ik stage gelopen en natuurlijk moesten we ook een hoop opdrachten en lesverslagen maken en een eindscriptie schrijven. Het niveau is goed te doen, zeker als je alles goed bijhoudt.”

Wat is je motief om met deze doelgroep te werken?

“Zelf vind ik vitaliteit belangrijk. Ik denk dat mensen door te blijven bewegen langer onafhankelijk blijven. Deze doelgroep wordt steeds groter en is zich steeds meer bewust van hun eigen aandeel in hun gezondheid. Door te bewegen krijgen ze meer zin in goede, afwisselende voeding en in sociale contacten. Voor mij was de doelgroep senioren nieuw. Maar hun enthousiasme en ‘drive’ is erg leuk. Mensen moeten niet meer, ze komen vrijwillig en met veel plezier meedoen. Ze reageren eerlijk en oprecht op je lessen.”

Je hebt meteen al een aantal groepen gekregen. Voel je je startbekwaam?

“Gelukkig wel. Het voordeel is dat ik gewend ben om voor groepen te staan. Het lesgeven zit er dus wel in. Door deze opleiding krijg je heel duidelijk inzicht in de opbouw van je les. Hoe zorg je ervoor dat de verschillende lesonderdelen op elkaar aansluiten? De kennis over zowel de fysieke als de psychosociale kant van ouderen, maken dat je zelfverzekerd voor de groep staat. Samen met kennis van de didactiek lukt het lesgeven eigenlijk best goed. Neemt niet weg dat er nog genoeg is te leren, want ik ben net klaar!”

Heb je een boodschap voor toekomstige cursisten?

“Zeker! Het is een leuke, afwisselende opleiding. De theorie is zeer goed te doen. Als je een baan hebt en je opleiding erbij moet doen, moet je wel flink aan de bak. Maar met een flinke dosis discipline en doorzettingsvermogen is het me gelukt! Mijn boodschap aan anderen: herken jij jezelf in iemand die kan en wil sporten, doorzettingsvermogen heeft en het leuk vindt om met senioren te gaan werken? Dan moet je deze opleiding zeker doen. Het werkveld heeft je nodig!”

Jij werkt met kwetsbare ouderen. Hoe belangrijk was de opleiding voor jou?

“De opleiding  SBB heeft mij een beter inzicht heeft gegeven in het belang van goede  lesvoorbereidingen. Het maakt dat ik nu een betere les neer kan zetten. Ik ga veel meer ‘de diepte in’ tijdens de les en door de evaluaties die ik maak krijg ik zicht op hoe ik het de volgende les moet gaan doen. Ik kreeg les van ervaringsdeskundigen uit het werkveld en kon mijn eigen ervaringen met hen delen en zo nieuwe inzichten en ideeën ontwikkelen. Mijn zelfvertrouwen in het product dat ik lever is enorm gegroeid.”

Voel je je beter uitgerust en zo ja, waarom?

“Ik gaf al les aan kwetsbare ouderen voordat ik aan deze opleiding begon”, vertelt Janine, “maar had soms het gevoel dat het niet goed uit de verf kwam, dat het geen volwaardige les was. Nu heb ik geleerd  ‘didactisch-methodisch te handelen in agogisch perspectief’. Dat wil zeggen dat mijn handelen geen vrijblijvend gebeuren is: ik geef les aan kwetsbare ouderen. Daar moet ik voortdurend attent op zijn. In mijn lessen moet ik ervoor zorgen dat alle ouderen gezien worden en mee kunnen doen op hun eigen niveau. Dit heb ik geleerd te bewerkstelligen door een uitgebreide analyse van de beginsituatie te maken, een belangrijk punt voor iedere lesvoorbereiding. Weet ik met wie ga ik bewegen? Welke problematiek heeft deze persoon en hoe verhoudt deze problematiek zich tot de groep en tot mijzelf? Wat wil ik bereiken met hem/haar en welke doelstelling koppel ik daaraan? Mijn enthousiasme en het oog voor de individuele deelnemer doet de rest. En een heldere evaluatie zorgt ervoor dat de volgende les met mogelijk vernieuwde doelen voor iedereen weer een persoonlijke uitdaging wordt en veel plezier oplevert.

Het aan mijzelf werken aan de hand van een sterkte-zwakte analyse is ook heel goed geweest. Te erkennen waar ikzelf goed in ben en wat mijn zwakke kanten zijn was een goede eyeopener en daardoor heb ik een mooie sprong gemaakt in mijn werk als Senioren Beweegbegeleider.”

Wat is je motief om met deze doelgroep te werken?

“Dat stamt al uit mijn middelbare schooltijd. In de jaren tachtig heb ik de opleiding tot activiteitenbegeleider gedaan. Toen wist ik al dat ik in een verpleeghuis wilde werken. De ouderen nog plezierige momenten bezorgen, leuke dingen met ze gaan doen: dat was mijn passie. Na enkele jaren afwezigheid op de arbeidsmarkt, wegens de zorg voor mijn kinderen, heb ik de opleiding Meer Bewegen Voor Ouderen gevolgd. Vlak daarna ben ik weer in het verpleeghuis gaan werken, waar ik toen één keer in de week een beweegactiviteit ben gaan geven.”

“Inmiddels zijn we 12 jaar verder en weet ik dat ik geen ingewikkelde activiteiten hoef te verzinnen. Ik moet het juist eenvoudig houden en uitdiepen en ervoor zorgen dat ik ieders mogelijkheden zie te benutten. De bewoners laten ervaren wat ze nog kunnen. Ze te zien groeien wanneer blijkt dat ze iets nog wel kunnen, terwijl zijzelf het idee hadden dat dat echt niet zou gaan lukken, dat is waar ik het voor doe/fantastisch om te zien. Bewegen met en zonder muziek, koersbal activiteiten, zwemmen en rollatordansen – er is van alles mogelijk en ik kan zeggen dat de bewoners graag meedoen.”

Welke vaardigheden zijn het belangrijkst voor beweegactiviteiten met kwetsbare ouderen?

“Vooral weten wat mijn eigen mogelijkheden zijn, mijn eigen sterke en zwakke punten. Goede contactuele eigenschappen. Kennis hebben van de ziektebeelden, lichamelijke en geestelijke mogelijkheden en ook onmogelijkheden van de deelnemers. Weten welke materialen geschikt zijn voor mijn doelgroep en weten wat ik daar allemaal mee kan doen (probeer en fantaseer). Wanneer ik met muziek werk, moet ik deze muziek eerst analyseren en de activiteit die ik daarbij bedacht hebt, moet ik mijzelf dan ook goed eigen maken.Respectvol omgaan met de ouderen, humor durven gebruiken en een tomeloos enthousiasme uitstralen, dat kan ik. De opleiding tot Senioren Beweegbegeleider doet mij een stuk steviger in mijn schoenen staan.”

Nieuw opleidingsjaar

ROC biedt op moment van schrijven de volgende opleidingen:

  1. Sport & Beweegleider Senioren
  2. Senioren Beweegbegeleider
  3. Senioren BeweegCoördinator

Met dank aan Helmi van der Loo, Josien van de Pouw en Janine Beeloo

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.