Alles over sport logo

Leefstijlzorg en -coaching bij een dwarslaesie

Mensen met een dwarslaesie hebben een verhoogd risico op gezondheidsproblemen. Dat maakt een gezonde leefstijl extra belangrijk – maar in de praktijk ook uitdagend. Tijdens en na revalidatie is leefstijlzorg vaak versnipperd en de overdracht van tweede naar eerste lijn verloopt niet altijd soepel. Daardoor raken mensen soms tussen wal en schip. Het project VIVENDI laat zien hoe dat beter kan.

Mensen met een dwarslaesie krijgen te maken met lichamelijke veranderingen, die het lastig maken een gezond beweeg- en voedingspatroon vol te houden. Door verminderde mobiliteit en afname van spiermassa verbruiken zij minder energie. Daarom zijn aanpassingen in voeding en nieuwe manieren van bewegen nodig. Vermoeidheid, mentale- en slaapproblemen maken het nemen van gezonde keuzes lastiger. Deze factoren hebben grote invloed op de gezondheid van mensen met een dwarslaesie en op hun kwaliteit van leven.

Zorgprofessionals in de revalidatiezorg (tweede lijn) proberen deze problematiek te bestrijden met leefstijl-interventies gericht op bewegen, voeding en slaap. Gedragsverandering kost echter tijd. En de interventies in de tweede lijn zijn vaak versnipperd en maar tijdelijk. Eenmaal thuis proberen zorgprofessionals uit de eerste lijn ondersteuning te bieden. Maar zij missen de noodzakelijke kennis en handreikingen om deze heterogene groep effectieve leefstijlcoaching te bieden.

Gezondheidsproblemen bij een dwarslaesie

  • Overgewicht: 45-77%
  • Hart- en vaatziekten: 30-50%
  • Slaapproblemen: 40%

Wat is nodig in drie fases van revalidatie?

Het project Vitaal verder na dwarslaesierevalidatie (VIVENDI) onderzocht hoe leefstijlzorg en -coaching in de gehele revalidatieketen beter kan[1]. Een belangrijke uitkomst was dat er in de verschillende fases in iemands revalidatie, andersoortige behoeften zijn om het proces van leefstijlzorg en -coaching te optimaliseren.

Tijdens de revalidatiefase in het revalidatiecentrum verdienen leefstijlthema’s zoals bewegen, voeding, slaap en ontspanning een meer geïntegreerde aanpak. Professionals zien het belang hiervan wel, maar een duidelijke rolverdeling, afstemming, tijd en randvoorwaarden ontbreken nog.

In de tweede fase, bij ontslag uit de revalidatiezorg, is er behoefte aan een warme overdracht naar eerstelijnsprofessionals en lokale netwerken. Tegelijkertijd geven eerstelijnszorgprofessionals – zoals diëtisten, fysiotherapeuten en leefstijlcoaches – aan dat zij zich nog onvoldoende toegerust voelen om deze groep goed te begeleiden. Revalidatieprofessionals benadrukken daarom dat kennisoverdracht, scholing en consultatie tussen beide lijnen een vast onderdeel van het traject moeten zijn. Om dit duurzaam te organiseren, is een structurele lokale samenwerking en passende financiering nodig.

In de derde fase, als iemand weer thuis is, is het belangrijk dat eerstelijnsprofessionals hun kennis goed kunnen toepassen. Zij moeten niet alleen passende leefstijladviezen kunnen geven, maar vooral coaching op maat bieden, afgestemd op iemands mogelijkheden, tempo en motivatie. Daarbij hoort ook dat zij mensen gericht kunnen doorverwijzen naar passend en toegankelijk sport- en beweegaanbod in de buurt, begeleid door professionals die de specifieke problematiek bij een dwarslaesie begrijpen. Een goede samenwerking met lokale sportaanbieders en ervaringsdeskundigen zorgt ervoor dat iemand daadwerkelijk op de juiste plek terechtkomt.

Over het VIVENDI-onderzoek

Het VIVENDI-onderzoek is een samenwerking tussen Hogeschool Inholland, de Hogeschool van Amsterdam, revalidatiecentra, eerstelijnspraktijken en patiëntenbelangenorganisaties Dwarslaesie Organisatie Nederland en SBH Nederland. Er vonden literatuuronderzoek, interviews en co-creatiesessies plaats. Vervolgens werden losse onderdelen van het leefstijlcoachingspad ontwikkeld en getest. Zowel de mensen met een dwarslaesie als hun zorg- en leefstijlprofessionals werden twaalf weken gevolgd, terwijl zij de nieuwe aanpak uitprobeerden. Lees meer over VIVENDI.

Persoonlijk leefstijlcoachingspad

Voor het verbeteren van de leefstijlzorg en -coaching ontwikkelde het VIVENDI-consortium een transmuraal leefstijlcoachingspad. Dit pad helpt tweede en eerstelijnszorgprofessionals om samen te werken en mensen met een dwarslaesie systematisch en op maat naar een gezonde leefstijl te begeleiden.

Het coachingspad bestaat uit drie onderdelen:

  • Een leefstijlcoachingsreis, die beschrijft wanneer en hoe leefstijl tijdens en na de revalidatie aandacht moet krijgen.
  • Een gesprekstool om leefstijl op een toegankelijke en systematische manier bespreekbaar te maken.
  • Een leefstijlbrief waarin persoonlijke doelen en vervolgstappen worden vastgelegd en overdraagbaar gemaakt naar de thuissituatie.

Deze producten ondersteunen zorgprofessionals bij het systematisch, duurzaam en integraal coachen van mensen met een dwarslaesie naar een gezondere leefstijl. Tegelijkertijd versterken ze de eigen regie van mensen met een dwarslaesie, bij het verbeteren van hun vitaliteit en het voorkomen van secundaire gezondheidsproblemen.

Leefstijlcoachingspad dwarslaesierevalidatie

Goede timing en maatwerk

Het leefstijlgesprek, met gebruik van de gesprekstool en de leefstijlbrief, is twaalf weken in de praktijk getest. De pilottest laat zien dat dit gesprek een goede basis biedt, maar dat timing en persoonlijk maatwerk essentieel zijn.

De deelnemers kregen aan het eind van de klinische revalidatiefase of in de poliklinische fase een leefstijlgesprek. Sommigen vonden dit te vroeg, omdat bewustwording en de behoefte aan leefstijlcoaching vaak pas ontstaan als mensen thuis hun dagen opnieuw moeten indelen. Tegelijkertijd ervaren anderen een gesprek kort vóór ontslag juist als waardevolle voorbereiding op de thuissituatie. Dat heeft geleid tot de aanbeveling om het leefstijlgesprek te borgen met gemiddeld twee follow-upgesprekken. Daarin kan de zorgprofessional of leefstijlcoach bespreken of het de revalidant is gelukt om zelfstandig met leefstijl aan de slag te gaan, passende ondersteuning te vinden, of dat aanvullende begeleiding nodig is.

Een ander belangrijk inzicht betreft de inhoud en dosering van het gesprek. De gesprekstool biedt zorgprofessionals structuur en houvast, waardoor alle relevante leefstijldomeinen systematisch aan bod komen en haalbare doelen in kleine stappen kunnen worden geformuleerd. Revalidanten waardeerden de gelijkwaardige toon van het gesprek en de praktische handvatten. Tegelijkertijd ervaarden sommige deelnemers een overdaad aan informatie, waardoor niet alles goed bleef hangen. Dit vraagt om een flexibele inzet en dosering van de tool, bijvoorbeeld door informatie te spreiden over meerdere momenten en het gesprek af te stemmen op de belastbaarheid en het tempo van de revalidant.

Tips voor de praktijk

Ben je betrokken bij de revalidatie of begeleiding van mensen met een dwarslaesie? Onderstaande tips helpen je om leefstijlzorg en -coaching doelgericht en passend aan te bieden.

  • Plan het leefstijlgesprek kort voor ontslag en plan direct minimaal één follow-upgesprek binnen twee tot vier weken. Reken op gemiddeld drie contactmomenten per revalidant.
  • Breng leefstijlinformatie gedoseerd over, afgestemd op de belastbaarheid en informatiebehoefte van de revalidant.
  • Leg vast wat er na het leefstijlgesprek gebeurt (wie, wat, wanneer) en neem deze afspraken op in de leefstijlbrief.
  • Reserveer voldoende tijd voor het eerste gesprek en zorg voor scholing in een coachende houding en motiverende gespreksvoering.
  • Actualiseer jaarlijks de leefstijl-informatie en het overzicht van relevante contactpersonen en aanbieders van leefstijl-ondersteuning.
  • Investeer in transmurale samenwerking, inclusief een warme overdracht en deelname aan sociaal-medische netwerkbijeenkomsten.
  • Betrek partners, familie en lotgenoten waar relevant bij het traject.

Bron

  1. Holla J, Braam K, Keesen P, Memelink R, Nijmeijer M. VIVENDI – Vitaal verder na dwarslaesierevalidatie. Onderbouwing leefstijlcoachingspad. Hogeschool Inholland; 2025. Geraadpleegd op: 4 december 2025.

Artikelen uitgelicht


Meedoen door sport en bewegen
Eerstelijnszorg, Thuis - in en om huis, Zorginstelling
public, professional
feiten en cijfers
chronische aandoening, gezondheidsbevordering, in beweging brengen, sporten met lichamelijke beperking