Alles over sport logo

Feiten en cijfers. Hoeveel zitten Nederlanders?

In de afgelopen jaren verschenen regelmatig de koppen ‘Nederland is Europees kampioen zitten!’ in de media. Hoeveel zitten Nederlanders nu eigenlijk? Is er verschil tussen mannen en vrouwen en tussen ouderen en jongeren? Wat zijn de risico’s van veel zitten?

In dit artikel besteden we aandacht aan de feiten en cijfers over het zitgedrag van de Nederlandse bevolking en de risico’s van zitten. Behoefte aan een handzame samenvatting? Bekijk dan de factsheet zitgedrag.

In 2017 brachten Nederlanders van 4 jaar en ouder dagelijks gemiddeld 9 uur zittend door. Er is verschil tussen doordeweekse dagen (gemiddeld 9,4 uur) en het weekend (gemiddeld 8 uur). In het weekend zitten Nederlanders gemiddeld anderhalf uur minder dan door de week. Dit verschil is het grootst bij jongeren van 12 tot 18 jaar (1,8 uur) en het kleinst bij 65 plussers (20 minuten).

Mannen zitten dagelijks gemiddeld iets langer dan vrouwen; 9,2 versus 8,8 uur. Dit verschil komt doordat mannen door de week meer zitten dan vrouwen. In het weekend zitten mannen en vrouwen ongeveer even veel.
Jongeren tussen de 12 en 18 jaar zitten dagelijks het meest (10,1 uur) op de voet gevolgd door jong volwassen tussen de 18 en 25 jaar (10 uur). Kinderen van de basisschoolleeftijd (4 tot 12 jaar) zitten het minst met gemiddeld 7,3 uur per dag. De jongste leeftijdsgroep (4 tot 8 jaar) zit minder (6,6 uur per dag) dan de groep 8- tot 12-jarigen (8 uur) per dag.

Kernindicator zitgedrag

De kernindicator zitgedrag geeft het gemiddeld aantal uren zittende en (half)liggende activiteiten weer, waarbij weinig energie wordt verbruikt. Slapen is hierbij uitgezonderd.

ikoon zittend poppetje

In vergelijking met andere Europeanen zitten Nederlanders veel. Daar staat wel weer tegenover dat Nederlanders ook meer dan gemiddeld aan sport en bewegen doen. Veel meer is te vinden in de factsheet zitgedrag.

Belangrijkste zit-activiteiten per leeftijdsgroep

Elke leeftijdsgroep brengt ‘de zittijd’ op een andere manier door. Zo is zitten op school voor kinderen in de basisschoolleeftijd de belangrijkste zit-activiteit. Voor jongeren is dit zitten tijdens de les en het maken van huiswerk, maar ook tijdens het schermgebruik in de vrije tijd. Volwassenen brengen dagelijks op het werk veel uren zittend door en ook tv-kijken is voor deze groep een belangrijke zit activiteit. Ook ouderen brengen veel tijd zitten voor de tv door en daarnaast worden activiteiten zoals (krant)lezen puzzelen & handwerken zittend doorgebracht.

Verder zitten hoogopgeleiden meer dan laagopgeleiden. Factoren die samenhangen met veel zitten zijn: tv-kijken, gamen, roken, BMI, smartphonegebruik, stress, vermoeidheid en snackgedrag.

Voorkom veel stilzitten

De wetenschappelijke onderbouwing voor de gezondheidseffecten van zitten is op dit moment veel minder sterk dan voor bewegen. Daarom bestaat er (nog) geen specifieke richtlijn voor zitgedrag in Nederland. Zitgedrag is echter wel opgenomen in de beweegrichtlijnen voor kinderen en volwassenen. Naast adviezen over de hoeveelheid matig intensieve inspanning en bot- en spierversterkende oefeningen, wordt geadviseerd ‘veel stilzitten te voorkomen’.

Waarom is veel zitten een probleem?

De Gezondheidsraad geeft aan dat veel zitten ongunstig lijkt voor de gezondheid: veel zitten hangt samen met een hoger risico op hart- en vaatziekten. Zo hebben mensen die meer dan 8 uur zitten per dag en heel weinig bewegen 74% meer kans op hart- en vaatziekten dan mensen die minder dan 4 uur zitten per dag en erg veel bewegen. Daarnaast kan veel zitten (meer dan 8 uur per dag) leiden tot 10 tot 27% meer kans op vroegtijdige sterfte dan mensen die minder dan 4 uur per dag zitten. Het verband wordt echter zwakker naarmate mensen ook meer bewegen en is niet aanwezig bij mensen die heel veel bewegen (ruim boven de richtlijnen).

jongeren hangen op een schoolbank
(Foto:Shutterstock)

Tips over succesvolle aanpak

Veelbelovende aanpakken die zich richten op minder zitten, hebben een aantal kenmerken:

  • Ze richten zich uitsluitend op het verminderen van zitgedrag. En niet tegelijkertijd op het bevorderen van fysieke activiteit.
  • Ze zijn gebaseerd op het veranderen van de fysieke en sociale context. Denk aan het toevoegen van objecten (zoals sta-meubilair) in iemands werkomgeving. Of denk aan een aanpak waarin iemand zijn eigen zitgedrag consequent bijhoudt.
  • Ze maken gebruik van voorlichting en scholing. Denk aan informatie over de gezondheidsconsequenties van veel zitten. Of aan scholing over alternatieven voor activiteiten die je normaliter zittend doet.
  • Ze maken gebruik van overtuigen en training. Denk aan programma’s waarbij mensen leren om op zichzelf te reflecteren, hun eigen gedrag te evalueren, en zichzelf gedragsdoelen te stellen.

Alle veelbelovende aanpakken bevatten meerdere van bovenstaande componenten. Toch kunnen we hieruit nog geen definitieve conclusies trekken. Het wetenschappelijk onderzoek naar deze aanpakken is namelijk nog niet erg ver gevorderd. Daarnaast zijn de genoemde gedragsveranderingtechnieken vrij cognitief van aard. Dat wil zeggen dat ze uitgaan van zitgedrag als bewust gedrag, terwijl het dat nu juist vaak niet is. Het is belangrijk om inzicht te krijgen in manieren om het onbewuste zitgedrag te beïnvloeden. Bijvoorbeeld via ‘nudging’: het geven van een subtiel duwtje in de goede richting, zonder hierbij vrijheden in te perken of verplichtingen op te leggen.

Lees meer

Geraadpleegde literatuur:

  • Van Alphen H.J.M., et al. (2016) Older Adults with Dementia Are Sedentary for Most of the Day. PLoS ONE 11(3): e0152457. doi:10.1371/journal.pone.0152457.
  • Broekhuizen, K., Scholten, A. & de Vries, S.I. The value of (pre)school playgrounds for children’s physical activity level: a systematic review. Int J Behav Nutr Phys Act 11, 59 (2014). https://doi.org/10.1186/1479-5868-11-59.
  • Duncan, M.J., et al. (2015) Identifying correlates of breaks in occupational sitting: a cross-sectional study, Building Research & Information, 43:5, 646-658, DOI: 10.1080/09613218.2015.1045712.
  • Hadgraft, N.T., et al. Excessive sitting at work and at home: Correlates of occupational sitting and TV viewing time in working adults. BMC Public Health 15, 899 (2015). https://doi.org/10.1186/s12889-015-2243-y.
  • Hildebrandt, V.H., Bernaards, C.M., & Hofstetter, H. (2015). Trendrapport bewegen en gezondheid 2000/2014. Leiden: TNO.
  • Loyen A., et al. (2016) European Sitting Championship: Prevalence and Correlates of Self-Reported Sitting Time in the 28 European Union Member States. PLOS ONE 11(3): e0149320. https://doi.org/10.1371/journal.pone.0149320.
  • O’Donoghue, G., et al. (2016). A systematic review of correlates of sedentary behaviour in adults aged 18-65 years: a socio-ecological approach. BMC public health, 16, 163. https://doi.org/10.1186/s12889-016-2841-3.
  • Rhodes, R.E., Mark, R.S., & Temmel, C.P. (2012). Adult sedentary behavior: a systematic review. American Journal of Preventive Medicine 42(3) (pp. e3-e28).
  • Uijtdewilligen L, et al. Determinants of physical activity and sedentary behaviour in young people: a review and quality synthesis of prospective studiesBritish Journal of Sports Medicine 2011;45:896-905.
  • Vandelanotte C., et al. Associations between occupational indicators and total, work-based and leisure-time sitting: a cross-sectional study. BMC Public Health. 2013;13:1110. Published 2013 Dec 1. doi:10.1186/1471-2458-13-1110.
  • Wallmann-Sperlich, B., et al. Socio-demographic, behavioural and cognitive correlates of work-related sitting time in German men and women. BMC Public Health 14, 1259 (2014). https://doi.org/10.1186/1471-2458-14-1259.

Artikelen uitgelicht


Gezonde leefstijl
Jongeren, Ouderen, Volwassenen
public, professional
feiten en cijfers
gezondheidsbevordering