Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Tips voor sportverenigingen die gezond gedrag willen bevorderen

Artikel

Sporters die ongezond leven: veel sportverenigingen doen er wel iets tegen, maar concentreren zich vooral op het organiseren van trainingen en wedstrijden. Dat kan anders.

Trainingen en competities organiseren zijn de belangrijkste activiteiten van een sportvereniging. Pas daarna komt de gezondheid van leden in beeld. Sporten op zich is immers al gezond: onze fysieke, mentale én sociale gezondheid verbetert erdoor. Veel sportverenigingen hebben bovendien aan van alles een gebrek om aan ‘gezondheidsbevordering’ te kunnen doen: aan menskracht, aan expertise, aan externe steun, aan geld, en aan tijd.

Toch blijkt telkens weer dat gezonde sporters beter presteren – dat kan een goed argument zijn om er toch wat meer aandacht aan te geven.

Sporters die bijvoorbeeld niet roken, gezond eten en voldoende slapen presteren beter én herstellen zich sneller na een hevige inspanning. Sportclubs die dit onder de aandacht brengen van sporters, beïnvloeden niet alleen hun gezondheid, maar ook hun sportprestaties.

Belangrijke rol voor trainers

Trainers kunnen hierin veel bereiken. Uit recent onderzoek blijkt dat wanneer die meer aan gezondheidsbevordering doen, jeugdspelers meer plezier hebben in hun sport, hun gezondheid als beter beoordelen en minder de neiging hebben om te stoppen met de sport.

Verder hebben trainers een belangrijke voorbeeldfunctie binnen de vereniging. Zij hebben veel invloed op het gedrag van sportende jeugdleden. Door zelf het goede voorbeeld te geven, kunnen zij dit gedrag positief sturen.

Gezond moet de gemakkelijkste keuze zijn

Trainers kunnen het echter niet alleen aan. Om gezond gedrag te stimuleren is het belangrijk dat ze werken binnen een zogenoemde ‘gezondheidsbevorderende sportvereniging’, of Health Promoting Sports Club (HPSC). Dit begrip werd in 2006 ontwikkeld in Finland en is sindsdien aan een opmars bezig.

Belangrijke kenmerken van een gezondheidsbevorderende sportvereniging zijn:

  • Gezondheidsbevordering is opgenomen in het langetermijnbeleid van de sportvereniging. Zo is het voor iedereen duidelijk dat de vereniging zich hierop richt en worden er ook financiële middelen, menskracht en tijd voor vrijgemaakt.
  • De sportomgeving is veilig en nodigt uit tot gezond gedrag. Denk bijvoorbeeld aan een alcohol- en rookvrije sportomgeving, of de mogelijkheid om gezonde producten te kopen in de sportkantine. Ook de jaarlijkse inspectie van sportvelden en de accommodatie draagt bij aan een veilige sportomgeving.
  • Het verenigingsbestuur stimuleert, faciliteert en ondersteunt trainers en vrijwilligers bij hun gezondheidsbevorderende activiteiten. Het is belangrijk dat het de doelen en ambities die zijn vastgesteld in het beleid ondersteunt en communiceert naar degene die het in de praktijk moeten brengen. Het bestuur kan daarnaast bijscholingen aanbieden aan trainers en vrijwilligers. Doordat belangrijke sleutelfiguren binnen de vereniging gezondheidsbevordering promoten, krijgt het een prominente plek binnen de vereniging en wordt breed draagvlak gecreëerd.
  • Gezondheidsbevordering is onderdeel van de dagelijkse taken en activiteiten van trainers en vrijwilligers. Gezondheidsbevordering vindt niet alleen plaats tijdens trainingen en wedstrijden, maar ook buiten speeltijd. Bijvoorbeeld in de kleedkamer, sportkantine of tijdens groepsuitjes. Een trainer:
    • geeft met zijn of haar gedrag het goede voorbeeld;
    • zorgt ervoor dat alle spelers mee kunnen doen;
    • promoot ‘fair play’ en plezier in de sport;
    • geeft adviezen over de juiste voeding voor trainingen en wedstrijden;
    • bespreekt gezondheidsonderwerpen tijdens excursies; of
    • spreekt sporters aan als zij roken of bijvoorbeeld alcohol of drugs gebruiken.

Aandacht voor gezondheid op alle niveaus

Bij een gezondheidsbevorderende club draait het dus niet alleen om het stimuleren van lichaamsbeweging of gezondheidsbevordering ter verbetering van sportprestaties, maar is op alle niveaus aandacht voor gezondheidsbevordering. In figuur 1 is dit zichtbaar gemaakt.

gezondheidsbevordering

Het ene niveau creëert randvoorwaarden voor gezondheidsbevordering op opeenvolgende niveaus. Uiteindelijk leidt dit tot positieve gedragsveranderingen bij individuele leden.

7 concrete aanbevelingen

Onderzoekers hebben een hele reeks aanbevelingen opgesteld voor sportverenigingen die met gezondheidsbevordering aan de slag willen gaan:

  1. Zorg dat er draagvlak is voor gezondheidsbevordering binnen de vereniging. Als er draagvlak is, is de kans groter dat mensen zich actief willen inzetten.
  2. Bepaal de belangrijkste gezondheidsdoelen, zet deze op papier en maak de vertaalslag naar (de beoefende) sport. Zo zijn de gezondheidsdoelen zichtbaar, is het duidelijk wat ze voor de sport betekenen en ‘verdwijnen’ ze niet als degenen vertrekken die ermee begonnen zijn.
  3. Ga niet met alle gezondheidsdoelen tegelijk aan de slag, maar voer ze stapsgewijs in. Dit voorkomt dat ‘half werk’ wordt gedaan.
  4. Denk na over mogelijke financiële bronnen en menskracht om gezondheidsbevorderende activiteiten te kunnen realiseren. Wellicht zijn er gemeentelijke subsidies of fondsen die kunnen worden aangesproken om activiteiten op te starten. Of is er iemand binnen de vereniging die kennis heeft over een bepaald gezondheidsonderwerp, bijvoorbeeld een ouder die fysiotherapeut is.
  5. Wijs iemand aan binnen de vereniging die het beleidsontwikkelingsproces leidt. Hierdoor is de kans groter dat beleid ook daadwerkelijk wordt ontwikkeld.
  6. Betrek bestuursleden en andere sleutelfiguren binnen de vereniging, informeer hen over het waarom van de gezondheidsdoelen en het gezondheidsbeleid. Zo creëer je een breed draagvlak.
  7. Werk samen met andere partijen, zoals andere sportverenigingen en gezondheidsorganisaties. Dat maakt het mogelijk om kennis, expertise, financiële middelen, accommodatie(s), materialen en/of menskracht te delen. Het wiel hoeft niet steeds weer opnieuw te worden uitgevonden.

5 tips om vol te houden

Een goed begin is het halve werk. De andere helft is: volhouden. Deze tips helpen daarbij:

  1. Maak een actieplan waarin staat beschreven wie, wat, wanneer moet doen.
  2. Zorg ervoor dat alle betrokkenen binnen de vereniging op de hoogte zijn van dit actieplan. Een goede communicatie is hierbij essentieel; anders is de kans groot dat er weinig tot niks wordt gerealiseerd.
  3. Enthousiasmeer trainers en vrijwilligers voor gezondheidsbevordering. Laat ze zien dat het belangrijk is, ook voor de sporters zelf en de sportprestaties.
  4. Leid trainers en andere betrokkenen binnen de vereniging op, zodat zij gezondheidsbevorderende activiteiten kunnen uitvoeren.
  5. Monitor en evalueer regelmatig de inspanningen met alle betrokkenen, bijvoorbeeld met observaties tijdens trainingen, groepsdiscussies met trainers of ouders, of het afnemen van vragenlijsten bij deelnemers. Welke gezondheidsbevorderende activiteiten zijn er? Hoe vaak worden die gedaan? Is het praktisch haalbaar voor trainers en vrijwilligers om dit te doen? Leiden de activiteiten tot het gewenste gedrag bij personen? Worden hiermee de gezondheidsdoelen behaald? Zijn er problemen waar men tegenaan loopt? In het laatste geval kunnen plannen en doelen tijdig bijgesteld worden. 

Vraag steun aan bij de gemeente

In Nederland is er steeds meer aandacht voor de maatschappelijke rol van sportverenigingen. Zij zijn interessante partijen voor de overheid, maar ook voor organisaties in onderwijs, zorg en welzijn. Zowel vanwege het bereik – in Nederland is 27 procent van de bevolking lid van een sportvereniging – als vanwege het informele en in het algemeen positieve karakter van sportverenigingen.

Dat biedt kansen voor wie bij sportverenigingen meer aan gezondheidsbevordering wil doen. Je bent een interessante gesprekspartner voor de gemeente, die belang heeft bij gezondere inwoners, je werkt aan een positief imago en spreekt daarmee bijvoorbeeld ouders en scholen aan, en je kunt subsidie aanvragen voor specifieke projecten.

Inspirerende voorbeelden

Er zijn in de afgelopen jaren diverse inspirerende initiatieven ontstaan op dit gebied. Zo zijn er de open club, de Gezonde Sportkantine, Team:Fit, Lekker Bezig, en natuurlijk de buurtsportcoaches die navolging verdienen.

Voorbeeld: Open club

Een open club is een sportvereniging die meer doet dan alleen het aanbieden van het reguliere sportaanbod. Het is een vereniging die zich structureel inzet om maatschappelijke doelen te bereiken. Hiervoor zet zij niet alleen haar sportaanbod in, maar ook de accommodatie en vrijwilligers die bij de vereniging betrokken zijn. De vereniging is een ontmoetingsplek waarbij zij haar eigen leden, ouders, toeschouwers, vrijwilligers, buurtbewoners, en vertegenwoordigers van de gemeente en andere organisaties uitnodigt om bij de vereniging betrokken te raken en blijven.

Een open club:

  • werkt vraaggericht (niet alleen richting haar leden maar ook richting buurtbewoners);
  • is buurtgericht (weet wat speelt in de buurt/wijk en kan een bijdrage leveren);
  • is uitnodigend/gastvrij;
  • is ondernemend, ziet kansen en staat open voor nieuwe ideeën;
  • werkt samen met andere organisaties;
  • heeft structureel aandacht voor maatschappelijke activiteiten en zorgt voor verankering daarvan in de vereniging.

Er is niet één succesformule; de open club kan op verschillende manieren worden ingevuld. De vereniging kan voor verschillende doelgroepen iets betekenen, zoals specifiek voor ouderen, probleemjongeren, langdurig werklozen of mensen met overgewicht. Hiervoor werkt de vereniging samen met partners in de wijk, zoals andere sportverenigingen, bedrijven, zorgaanbieders, de gemeente en scholen.

In de praktijk worden voor diverse benamingen gebruikt, zoals sportplusverenigingen, vitale sportverenigingen en Buurthuizen van de toekomst. Een aantal goede voorbeelden is hier te vinden.

Voorbeelden: De Gezonde Sportkantine, Team:Fit en Lekker Bezig

Wet- en regelgeving op alcohol en roken zorgt ervoor dat sportverenigingen in Nederland maatregelen nemen. De Drank- en Horecawet verbiedt het schenken van alcohol aan jongeren onder de 18 jaar; schenken na een bepaald tijdstip is een bekende maatregel. De Tabaks- en Rookwarenwet beschrijft dat er in de sportkantine een rookverbod geldt, tenzij er een speciale rookruimte ingericht is.

Maar er gebeurt meer. De Gezonde Sportkantine – inmiddels bekend als Team:Fit), – is een programma van stichting Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG), waarbij stapsgewijs wordt gewerkt aan een aanbod van gezonde(re) producten in de sportkantine, zoals fruit, smoothies, rijstwafels en gezonde broodjes.

Wat betreft drank zijn water, alcoholvrij bier en drankjes op basis van aanmaaklimonade een goed alternatief voor bijvoorbeeld bier en frisdranken met veel suiker. In het stappenplan van JOGG is aandacht voor de presentatie van het aanbod, het enthousiast maken van de leden voor het aanbod en borging van activiteiten in beleid, organisatie en bestaande activiteiten.

Voetbalbond KNVB en Sligro richten zich met een gelijksoortig concept, Lekker Bezig, op het bevorderen van een gezonder aanbod in voetbalkantines.

Dit alles heeft ervoor gezorgd dat in november 2016 al 183 gemeenten met 533 sportkantines deelnemen aan het programma Team:Fit. Daarnaast zijn er 451 voetbalverenigingen die deelnemen aan Lekker Bezig, verspreid over 205 gemeenten. Bekijk de kaart met het aantal gezonde sportkantines per gemeente.

Een mooi voorbeeld van een vereniging die gezondheid centraal stelt in haar beleid is hockeyvereniging Athena uit Amsterdam.

Voorbeeld: Buurtsportcoaches

Buurtsportcoaches hebben de taak om meer mensen te laten sporten en bewegen in de buurt. Ze leggen verbinding tussen aanbieders van sport en bijvoorbeeld welzijn, gezondheidszorg, jeugdzorg, kinderopvang en onderwijs. Een buurtsportcoach kan in dienst zijn van een gemeente, maar ook bij een school, welzijnsorganisatie, zorginstelling of sportvereniging. De gemeente voert de regie over de inzet van buurtsportcoaches en maakt afspraken met lokale sport- en beweegaanbieders en andere partijen voor welke maatschappelijke doelen de buurtsportcoach wordt ingezet, voor welke organisaties de buurtsportcoach werkt en hoe de (co)financiering wordt georganiseerd.

Hoe een buurtsportcoach wordt ingezet verschilt dus per gemeente. Elders op deze website vind je een stappenplan en verschillende profielen van buurtsportcoaches.

Voor een sportvereniging is de buurtsportcoach een belangrijke verbinder met de gemeente en andere organisaties in de buurt. Een buurtsportcoach kan een sportvereniging ook begeleiden bij het opstellen en implementeren van plannen, bijvoorbeeld om een open club te worden of meer aandacht te besteden aan gezondheid.

In het kader van het programma Sport en Bewegen in de Buurt investeert het ministerie van VWS in de inzet van extra buurtsportcoaches. In 2016 zijn er 373 gemeenten met buurtsportcoaches met bijna 2900 fte’s gerealiseerd met een totale rijksbijdrage van zo’n 58 miljoen euro. Voor het aantal buurtsportcoaches per gemeente, zie de kaart.

Internationale support

Zowel de Europese Unie als de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) onderschrijft het belang van en de rol die sportclubs kunnen spelen bij gezondheidsbevordering. Het door de EU gefinancierde project Sportclubs for Health draagt bij aan de ontwikkeling van gezondheid binnen verenigingen.

Voor meer informatie over het onderzoek dat ten grondslag ligt aan dit artikel, kunt u contact opnemen met de auteur, Linda Ooms.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.