Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Spelregels van gedrag van ouders aan de zijlijn

Artikel

Kinderen willen plezier aan sport beleven en als ouder speel je daar een belangrijke rol in. Vaders en moeders hebben veel invloed. Hoe goed de commentaren aan de zijlijn ook bedoeld mogen zijn, kinderen zitten niet te wachten op schreeuwende, pushende ouders. En al helemaal niet op ouders die op een negatieve manier en luidruchtig commentaar leveren. Hoe moet het wel? De spelregels voor positief gedrag aan de zijlijn.

Het verkeerde voorbeeld

Ouders beïnvloeden kinderen bewust of onbewust met het sportieve voorbeeld dat ze zelf geven. Kinderen met sportende ouders zijn zelf bijvoorbeeld vaker lid van de sportvereniging. Ouders kunnen kinderen daarnaast ook enthousiasmeren en stimuleren om te sporten. Dat is positief voorbeeldgedrag. Er bestaat ook zoiets als negatief voorbeeldgedrag. Denk aan vloekend langs de lijn staan, agressief gedrag richting scheidsrechters, trainers, spelers en andere ouders. Kinderen de volle lading geven op weg naar huis, omdat ze niet goed gepresteerd zouden hebben, valt er ook onder. Dit gedrag is nou niet bepaald sfeerverhogend: kinderen voelen zich hier niet fijn bij en er bestaat een kans dat ze dit negatieve gedrag op den duur gaan overnemen.

In het volgende filmpje van Tv- Sportplezier geven kinderen aan wat ze vinden van het gedrag van hun ouders.

Onderzoek door kinderen

Ouders hebben veel invloed op het sportplezier van hun kind, stelt ook Veilig Sportklimaat. “Onbewust ‘push’ je je kind misschien wel te veel of werk je onsportief gedrag in de hand”, valt er te lezen. “Bijvoorbeeld door al schreeuwend aanwijzingen te geven of commentaar te leveren op de scheidsrechter.” Dat willen kinderen helemaal niet, blijkt uit een kleinschalig onderzoek ‘Laat ons lekker sporten’, uitgevoerd door leerlingen van de Archimedesgroep van de Da Costaschool in Soest. Ouders blijken vooral veel te roepen als een team op verlies staat of richting goal gaat. De kinderen zijn heel duidelijk in hun oordeel: enthousiaste aanmoedigingen vinden ze fijn, geschreeuw en kritiek vanaf de zijlijn mogen daarentegen wel een tandje minder. Kinderen willen dat sport leuk is en blijft.

Adviezen aan ouders

De ‘onderzoekers’ hebben een aantal dringende adviezen aan ouders:

Roep of schreeuw geen negatieve of beledigende dingen vanaf de zijlijn!

Waarom niet?

  • Het verpest de sfeer.
  • Het leidt de spelers af, ook al is het goed bedoeld.
  • De kinderen kunnen zich schamen voor hun ouders.
  • Bij het veld staan mag, maar negatief zijn niet.
  • Vraag bijvoorbeeld of uw kind het wel leuk vindt als u veel of weinig schreeuwt.
  • Geef weinig aanwijzingen als ouder, want dat doet de coach wel.
  • Blijf rustig, want schelden lost niks op. Dan voelt uw kind zich alleen maar rotter.
  • Het is maar een spel, dus draaf niet door.

Wel doen:

  • Complimenten geven en aanmoedigen.
  • Positief zijn.
  • Moed inspreken als kinderen achterstaan.

Niet doen:

  • Schelden.
  • Tips en tactische/technische aanwijzingen geven. Deze geeft de coach.
  • Naar de scheids of de grensrechter schreeuwen

Tv-sportplezier

Vanuit de gedachte dat sport leuk moet zijn en blijven is Tv Sportplezier opgericht, onder meer voor ouders en verenigingen. Jack van Gelder en zijn kinderredactie laten met video’s zien waarom het voor kinderen niet leuk is als ouders schreeuwend en tierend langs de kant staan. Ook geven zij tips en voorbeelden over hoe je als ouder zorgt dat je kind met plezier sport.

Mogen wij Sportplezier alsjeblieft?

Op de website vind je onder meer informatie over hoe je je kind kunt ondersteunen en wat jouw rol is als oudersupporter. Ook sportverenigingen kunnen op de site terecht om het sportplezier van kinderen op de vereniging te vergroten door te werken aan oudersupporters.

Gouden tips

Campagne SIRE: Laat maandag t/m vrijdag op zaterdag thuis.
Campagne SIRE: Laat maandag t/m vrijdag op zaterdag thuis.

Hoewel de campagne ‘Geef kinderen hun spel terug’ in 2007 van start ging, is de inhoud nog steeds actueel. De Stichting voor Ideële Reclame (SIRE) wilde het gedrag langs de lijn bij jeugdsport veranderen door de boodschap aan ouders te geven dat hun gedrag het spelplezier van kinderen in de weg kan staan en daarmee ook hun fysieke en mentale ontwikkeling. Voor de SIRE-campagne ontwikkelde kinderpsycholoog en opvoedkundige Tischa Neve vijf gouden tips voor positief gedrag langs de lijn.

  1. Plezier gaat voor presteren!
    In plaats van ‘heb je gewonnen’ en ‘heb je gescoord?’ kun je ook vragen: ‘was het leuk’ en ‘hoe ging het?’ Zo haal je de nadruk van het presteren af en leer je kinderen dat plezier voorop staat. Vanuit plezier voor een sport gaat een kind presteren naar kunnen.
  2. Moedig aan, maar coach niet mee.
    Aanwijzingen geven is verwarrend en afleidend. Hoe goed bedoeld ook, als ouder je kind vanaf de kant coachen en vertellen wat hij moet doen is geen goed idee. Als er een coach is maakt die afspraken met het team en die kunnen anders zijn dan dat wat jij roept. Daarnaast kan het je kind uit zijn spel halen of er voor zorgen dat hij zijn zelfvertrouwen kwijtraakt. Zeker als dat wat je roept negatief is…..
  3. Moedig alle kinderen aan, niet alleen die van jezelf.
    Niet alle ouders zijn er bij of kunnen erbij zijn. Als iedereen die er staat het hele team aanmoedigt is dat wel zo leuk voor allemaal.
  4. Geef zelf het goede voorbeeld.
    Houd je mond tegen de scheidsrechter. Soms moeilijk maar echt een must: bemoei je niet met de arbitrage. Soms zit het mee en soms tegen. Dat hoort bij de sport en wij zijn er om onze kinderen te laten zien en zo te leren dat een scheidsrechter zijn best doet en dat we daar met respect mee om moeten gaan.
  5. Laat je kind zijn of haar sport zelf beleven.
    Zelf het eerste nooit gehaald en is nu je missie dat je kind het wel haalt? Of wil je dolgraag dat de sporttalenten van je kind tot uiting komen? Allemaal heel logisch en prima zolang je die wensen en ambities voor jezelf houdt. Laat je kind zelf aangeven en de leiding nemen in hoe intensief en hoog het wil sporten. Dan beleeft het echt plezier aan zijn sport!

In de auto op weg naar huis

Kinderen voelen de druk om te presteren het sterkst op de terugweg van het sporten naar huis, blijkt uit verschillende onderzoeken. Mike Bergstrom schreef hierover in zijn boek ‘The car ride home; hierin komt duidelijk naar voren dat goedbedoelde vragen en suggesties voor je kind vaak voelen als kritiek op iets waar niets meer aan te veranderen is. De wedstrijd is al gespeeld en dus een voldongen feit.

Tips voor ouders

Richard Fryer, een Australische psycholoog en sportcoach, geeft in zijn artikel ‘Why kids quit sport’ ouders een aantal tips om de prestatiedruk die kinderen voelen te verminderen:

  • Help je kind om te gaan met de druk rond een wedstrijd. Zeg dat zenuwen er ook gewoon zijn omdat je zo’n zin hebt in de wedstrijd. Dat kan het minder zwaar maken.
  • Zeg ook tegen je kind én tegen jezelf dat het sportplezier dat je kind heeft tijdens het trainen en de wedstrijden echt het belangrijkst is.
  • Prijs de moeite die je kind heeft gedaan meer dan de uitkomst.

Dingen die je als ouder beter niet kunt doen of zeggen op de terugweg van de wedstrijd:

  • Betwijfel niet hardop of je kind zijn best wel deed. Als dat zo was, krijgt hij of zij het gevoel dat het voor jou nooit goed genoeg is. En als je kind een keer niet alles heeft gegeven, weet hij of zij dat zelf ook wel.
  • Ga niet nogmaals in op fouten die je kind maakte, dan strooi je alleen maar zout in de wonden.
  • Ga je kind niet coachen na de wedstrijd, deze is voorbij.
  • Benoem niet wat er nu allemaal mis zou kunnen gaan, zoals basisplaats kwijtraken en degraderen met het team.
  • Stel niet allerlei vragen, maar laat je kind vertellen als het daar zin in heeft.
  • Bijt soms even op je tong. De meeste dingen die je wilt zeggen zullen je kind niet helpen ontwikkelen.

(Bron: TV-Sportplezier)

Gebruikte bronnen:

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.