Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Ouderen met mobiliteitsproblemen: met Coach2Move bewegen ze meer

Artikel

Het is belangrijk dat ouderen blijven bewegen. Maar sommigen zijn bang om te lopen, na bijvoorbeeld een val of bij een slechte balans en coördinatie. Het patiëntgerichte fystiotherapieprogramma Coach2Move biedt uitkomst.

Het aantal ouderen in Nederland neemt toe, en daarmee het aantal mensen dat zorg nodig heeft. Niet alleen voor de ouderen zelf is het belangrijk dat zij lang gezond blijven. Dat is het ook om de stijgende zorgkosten te kunnen beteugelen.

Beweging is dan belangrijk. Het helpt bij het voorkómen en beperken van veel chronische ziekten en ziektegerelateerde symptomen, zoals mobiliteitsproblemen, spierzwakte (sarcopenie), angst en depressie. Daarnaast heeft beweging een positieve invloed op de kwaliteit van leven en blijkt het effectief in het voorkómen en verminderen van kwetsbaarheid bij ouderen.

Wanneer ouderen minder bewegen dan ze zouden willen, komt dat vaak doordat hun spieren verzwakt zijn, of dat ze vermoeid zijn, een periode van bedrust achter zich hebben, of bang zijn om te vallen. Op zijn beurt zorgt dat ervoor dat hun loopsnelheid achteruit gaat, net als hun uithoudingsvermogen en hun coördinatie. Wat uiteindelijk weer de kans vergroot op negatieve gezondheidsuitkomsten. Het is, kortom, belangrijk dat ouderen voldoende bewegen en blijven bewegen, zoals in de nieuwe beweegrichtlijnen wordt aangegeven.

Veel aanpakken om oudere mensen aan het bewegen te krijgen werken niet optimaal:

  • ze bereiken niet de juiste mensen;
  • ze sluiten niet aan bij de wensen of mogelijkheden van de ouderen, die dus niet meedoen; en
  • ze zorgen er niet voor dat ouderen blijvend meer bewegen.

Patiëntgerichte aanpak

Een meer patiëntgericht programma zou kunnen helpen hen weer meer aan het bewegen te krijgen, vooral als hun mobiliteit wordt aangetast door spierzwakte, chronische aandoeningen of acute lichamelijke problemen.

Kenmerken van een patiëntgerichte aanpak zijn:

  • goede patiënteninformatie;
  • betrokkenheid van de patiënt door gezamenlijke besluitvorming;
  • betrokkenheid van familie en vrienden;
  • zelfmanagement van patiënten; en
  • fysieke en emotionele ondersteuning.

Om ouderen met mobiliteitsproblemen aan het bewegen te krijgen én om hun kwetsbaarheid te verminderen, is er op basis van deze kennis een nieuwe fysiotherapeutische aanpak ontwikkeld: de Coach2Move-strategie. Dit filmpje geeft er meer uitleg over.

Bij Coach2Move begeleiden fysiotherapeuten de patiënten. Deze zogenoemde ‘geriatriefysiotherapeuten’ zijn gespecialiseerd in de zorg voor (kwetsbare) ouderen. De doelgroep van Coach2Move bestaat uit alle ouderen (70+) die zich bij de geriatriefysiotherapeut melden met mobiliteitsproblemen en die onvoldoende bewegen (lees ook: wat zijn de beweegrichtlijnen). Andere criteria voor deelname aan het programma zijn bijvoorbeeld dat mensen lange tijd op een dag zitten, en een afwijkend looppatroon hebben.

Bang om te vallen

De deelnemers zijn bijvoorbeeld onlangs gevallen, zijn bang om te bewegen, of hebben een slechtere coördinatie bij het lopen waardoor de kans groter is dat ze vallen. Daarnaast spelen vaak psychosociale aspecten een rol, zoals eenzaamheid, motivatieproblemen en/of angsten zoals valangst.

De geriatriefysiotherapeuten krijgen bij de Coach2Move-strategie bovengemiddeld veel tijd voor een grondige intake: 60 minuten in plaats van 25 minuten. Dat is nodig om te komen tot relevante, persoonlijke en inspirerende doelen ten aanzien van lichamelijke activiteit. Hiertoe maakt de geriatriefysiotherapeut gebruik van motiverende gespreksvoering, en uitgebreid lichamelijk onderzoek.

Het resultaat: 18 minuten meer bewegen per dag

De grondige intake resulteert uiteindelijk in behandelafspraken tussen de therapeut en de patiënt. Samen bespreken zij hoeveel therapeutische sessies nodig zijn om de doelen te behalen. Om dit proces te begeleiden zijn er binnen de Coach2Move-strategie drie profielen ontwikkeld, gebaseerd op het verwachte herstel.

  1. Het eerste profiel bestaat uit maximaal 4 consulten en is bedoeld voor ouderen die geen lichamelijke beperkingen hebben om meer actief te worden.
  2. Het tweede profiel bestaat uit maximaal 9 consulten en is gericht op ouderen met kleine of acute mobiliteitsproblemen.
  3. Het derde profiel is speciaal voor ouderen met matige tot ernstige mobiliteitsproblemen en bestaat uit maximaal 18 consulten. Tussentijds is het mogelijk voor ouderen om van profiel te wisselen. Tijdens de behandeling coacht de therapeut op zelfmanagement en zet lichamelijke training in om eventuele fysieke beperkingen te compenseren.

Na een half jaar bewegen ouderen in de Coach2Move-groep zo’n 18 minuten per dag langer matig intensief dan de ouderen die reguliere fysiotherapie kregen. Dat is behoorlijk veel: de nieuwe beweegrichtlijnen gaan immers uit van gemiddeld iets meer dan 20 minuten per dag: 150 minuten per week. Daarnaast daalt de kwetsbaarheid en stijgt de kwaliteit van leven meer in de Coach2Move-groep.

Een belangrijke uitkomst is dat patiënten en geriatriefysiotherapeuten enthousiast zijn over de Coach2Move-strategie. Vooral de uitgebreide intake, het stellen van inspirerende doelen en het meten en evalueren van de behandeling ervaren ze als bijzonder positief.

Kostenbesparingen

Belangrijk is ook dat de Coach2Move-strategie tot behoorlijke kostenbesparingen leidt. Vergeleken met reguliere fysiotherapie vallen de totale kosten per patiënt over een periode van 6 maanden zo’n €850,- lager uit. Bespaard wordt op onder meer:

  • de kosten in de eerstelijnszorg;
  • gebruik van pijnstillers;
  • ziekenhuiszorg;
  • ambulante zorg;
  • thuiszorg; en
  • hulpmiddelen.

Ofwel, de Coach2Move-strategie levert betere uitkomsten tegen minder kosten in vergelijking met reguliere fysiotherapie.

Wetenschappelijke nuances

Deze cijfers zijn uiteraard gemiddelden. Niet alle ouderen gingen er meer op vooruit dan wanneer ze reguliere fysiotherapie zouden hebben gevolgd. Ook uitkomsten als mobiliteit en vermoeidheid verbeterden in beide groepen ongeveer evenveel.

In het zogenoemde gerandomiseerde onderzoek naar het effect van Coach2Move werden 130 kwetsbare, thuiswonende ouderen met meerdere chronische aandoeningen willekeurig over twee behandelgroepen verdeeld. De ene groep kreeg standaard fysiotherapie van een reguliere fysiotherapeut dichtbij huis. De andere groep kreeg ook fysiotherapie, maar dan volgens de Coach2Move-strategie, verzorgd door een gespecialiseerde geriatriefysiotherapeut in dezelfde praktijk dichtbij huis.

Goedgekeurd door het RIVM Centrum Gezond Leven

De Erkenningscommissie Interventies van het RIVM heeft onlangs geoordeeld dat er goede aanwijzingen zijn dat Coach2Move effectief is. Dat betekent dat er goede aanwijzingen zijn voor effectiviteit. Immers:

  • deelnemers gaan meer (matig intensief) bewegen;
  • deelnemers worden minder kwetsbaar;
  • deelnemers krijgen een betere fysieke kwaliteit van leven.

Voor de doelgroep bestaan maar weinig programma’s die in onderzoek effectief blijken te zijn.

Vergoeding door de verzekering

Aangezien ouderen zo lang mogelijk thuis willen én moeten wonen, is het van maatschappelijk-economisch belang dat dit (soort) programma(’s) tegen redelijke kosten toegankelijk is/zijn.
Voor Coach2Move is een aanvullende ziektekostenverzekering nodig. In verschillende gemeenten kan de gemeentepolis een uitkomst bieden voor de mensen die zich niet zo’n verzekering kunnen veroorloven. Gemeente(n) beslissen samen met de zorgverzekeraar over de inhoud van en de vergoedingen via deze polis. Voorwaarde is dan wel dat dit aangeboden wordt aan de groep waarvoor het (kosten)effectief is.

Voor meer informatie over de Coach2Move-strategie kunt u hier meer lezen.
U kunt ook het bijbehorende wetenschappelijke artikel lezen.

Dr. Nienke de Vries-Farrouh en prof. Ria Nijhuis-van der Sanden (UMC St Radboud) droegen bij aan dit artikel.

 

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.