Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Zeker Bewegen

Interventie

Erkenning

Goed onderbouwd

Sport interventie Zeker Bewegen

Zeker Bewegen is een interventie van de Judo Bond Nederland (JBN), gericht op het verbeteren van de bewegingsvrijheid van senioren. Deelnemers aan Zeker Bewegenhebben na afloop van de interventie een betere lichamelijke conditie, zijn in staat valincidenten te verminderen en de ernst van een val te verkleinen, hebben een groter zelfvertrouwen in eigen fysieke mogelijkheden en zijn daarmee in staat meer en duurzaam deel te nemen aan sport- en beweegactiviteiten. Zeker Bewegen vergroot daarmee de bewegingsvrijheid van senioren.

Belangrijke onderdelen binnen Zeker Bewegen zijn oefeningen om veilig te leren vallen en weer op te staan. In combinatie met spierversterkende- en balansoefeningen zorgt dit voor een (sterke) verbetering in de beweegvaardigheden en vertrouwen in eigen mogelijkheden bij de deelnemers. Zeker Bewegen wordt uitsluitend verzorgd door JBN erkende judoleraren die een speciale bijscholing tot instructeur Zeker Bewegen hebben gevolgd.

Probleembeschrijving

Aard :

ZB richt zich op senioren van 65 jaar en ouder die inactief zijn, of dreigen te raken. Aanleiding van afname van de beweegactiviteiten is vaak een eerder valincident en verlaagd vertrouwen in de eigen beweegmogelijkheden. Onderzoek van VeiligheidNL (2015) toont aan dat bij deze doelgroep de kans op vallen toeneemt en daarmee ook de angst om te vallen stijgt (Bosscher, Raymakers, Tromp & Smit, 2005). Dit heeft met name te maken met een afname van spierkracht, balans, uithoudingsvermogen en coördinatie (De Vreede, Meeteren, Samson & Verhaar, 2006). Dit leidt volgens Bosscher et al. (2005) tot minder beweging, ofwel tot een toename van algehele inactiviteit. Doordat senioren ouder worden gaat hun lichamelijke gesteldheid achteruit, waardoor ze vaker vallen en eerder een angst om te vallen ontwikkelen. Door deze valangst worden de senioren inactiever, wat ertoe kan leiden dat de fysieke vaardigheden en vertrouwen in eigen beweegmogelijkheden nog verder stagneren en achteruit gaan.

Ernst en Spreiding:

Nederland is aan het vergrijzen. Het aantal en percentage 65-plussers in ons land neemt al jarenlang ieder jaar toe. Ook de levensverwachting van degenen die de leeftijd van 65 bereikt hebben blijft toenemen (CBS, 2011). In 2014 telde Nederland maar liefst 2,9 miljoen 65-plussers. Dit is ongeveer 17% van de totale bevolking (CBS, 2014). Dit maakt dat deze groep een steeds meer bepalende factor in de samenleving wordt.

Van alle 65-plusser heeft een groot deel last van een afname van spierkracht, balans, uithoudingsvermogen en coördinatie (Ehrman et al., 2013; De Vreede et al. 2006). Binnen deze groep is vallen een serieus probleem. Als gevolg van een dergelijke val belanden er jaarlijks 80.000 65-plussers op de spoed eisende hulp (SEH) en komen er 40.000 in een ziekenhuis terecht. In bijna 3 van de 4 gevallen betreft het een vrouw en bijna de helft van deze valincidenten, met SEH-opname als gevolg, vindt plaats in een woonhuis. In 2013 zijn er maar liefst 2.645 senioren overleden aan de gevolgen van een val (VeiligheidNL, 2015). Groen (2010) heeft onderzoek gedaan naar heupfracturen bij senioren. Zij concludeert dat de meeste heupfracturen het gevolg zijn van een val.

Dergelijke valincidenten kunnen leiden tot angst om te vallen. Uit cijfers van de factsheet van VeiligheidNL (2013) blijkt dat vier op de tien 55-plussers twee maanden na behandeling op de SEH aangeeft angstig te zijn geworden om nogmaals te vallen. Onderzoek van de Universiteit van Maastricht onder zelfstandig wonende senioren ondersteunt dit: 54% van de onderzochte ouderen gaf aan bang te zijn om te vallen (Zijlstra et al., 2007). Ook zonder eerder gevallen te zijn kan valangst zich ontwikkelen. Bosscher et al. (2005) schatten dat 25 tot 50% van de senioren bezorgd is om te vallen, zelfs zonder eerder gevallen te zijn. Deze valangst kan ingrijpende gevolgen hebben voor het dagelijks leven van de senior. Uit het eerder aangehaalde onderzoek van de Universiteit van Maastricht blijkt ook dat 38% van de senioren met valangst bepaalde dagelijkse activiteiten vermijden.

De beweegactiviteit van senioren neemt vanaf 65 jaar sterk af. Uit cijfers van nationaalkompas blijkt dat met 65 jaar 68% van de senioren voldoet aan de Nationale Norm Gezond Bewegen (NNGB). Dit neemt daarna sterk af, waarbij van de 85-plussers nog slechts 33% voldoet aan de NNGB. Stimuleren van beweeggedrag van 65 jaar is belangrijk om deze groep actief te houden.

Doelgroepen

De doelgroep voor ZB zijn senioren van 65 jaar en ouder die angstig zijn om te bewegen en/of te vallen. Deze beweeg- of valangst komt voort uit negatieve ervaringen (eerdere valincident) of langdurige inactiviteit. De doelgroep heeft geen (ernstige) lichamelijke beperkingen die bewegen onmogelijk maakt en een (vaak) latente behoefte om meer te bewegen.

Onderzoeken tonen aan dat bij met name 65 plussers[1] de lichamelijke conditie, spierkracht, balans en coördinatie afneemt. Dit leidt vaak tot krampachtig of verkeerde bewegingen, met een verhoogd risico op valincidenten en valangst. Negatieve ervaringen en angst leiden ertoe dat er een gevoel van falen ontstaat, wat een afname van beweegactiviteit tot gevolg heeft. Zo wordt een neerwaartse spiraal gecreëerd.

Senioren die nog niet voldoen aan bovenstaande kenmerken, maar wel een groot risico lopen om in deze doelgroep te gaan vallen, worden niet uitgesloten. In dit geval wordt ZB ingezet als preventieve interventie. ZB is er dan op gericht deze eigenschappen te voorkomen of uit te stellen.

[1] 65 plus en senior worden in dit onderzoek als synoniemen door elkaar heen gebruikt.

Intermediaire doelgroep

Nee, er is geen intermediaire doelgroep.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Hoofddoel van ZB is het verminderen van valangst. Dit leidt tot vermindering van inactiviteit bij senioren en uiteindelijk tot verbetering van de bewegingsvrijheid. Bewegingsvrijheid wil zeggen dat de senior zich gemakkelijker kan en durft te bewegen, waardoor de vrijheidsbeperking afneemt.

40 % van de deelnemers is na ZB minder angstig om te vallen.

Subdoel

40% van de deelnemers voelt zich na ZB fitter, door verbetering van spierkracht, uithoudingsvermogen en coördinatie

40% van de deelnemers ervaart na ZB een toename in het vertrouwen in eigen beweegvaardigheden

Deelnemers hebben kennis van de risicofactoren van vallen en de technieken van valbreken

Deelnemers hebben meer vaardigheden om te vallen

De genoemde percentages zijn gebaseerd op ervaringen uit de praktijk van ZB.

Bewegingsvrijheid is belangrijk ,omdat beperking van deze vrijheid de basisbehoeften van de mens in de weg kan zitten en een negatief effect kan hebben op het algehele gedrag van de senior. Zo is een senior die relatief veel in de bewegingsvrijheid wordt beperkt eerder en vaker angstig, agressief en/of afhankelijk (Scherder & Eggemont, 2009).

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

De interventie bestaat uit 6 fases.

Fase 1:

  • Opzetten interventie (1 – 2 weken)
  • Club meldt locatie aan bij JBN in online database
  • Club ontvangt PR materiaal voor promotie in lokale media
  • Voorbereiden verschillende fases, opzetten netwerk lokale partners

Fase 2:

  • Werving deelnemers (4 weken)
  • Werving deelnemers via lokale media
  • Werving deelnemers via lokale eerstelijnszorg
  • Club organiseert informatiebijeenkomst naar draaiboek JBN

Fase 3:

  • Interventie ZB (6 weken)
  • Intakegesprek deelnemers
  • ZB volgens lesplan JBN
  • lessen 6 – 8 weken, anderhalf uur per les

Fase 4:

  • Evaluatie
  • Bespreken ervaringen deelnemers
  • Inventarisenen wensen vervolg beweegaanbod

Fase 5:

  • Vervolg beweegaanbod (minimaal 20 weken)
  • Activeren lokale sport en beweegaanbieders
  • Inplannen lokaal sport en beweegaanbod
  • Uitvoeren vervolg sport en beweegaanbod

Fase 6:

  • Eind Evaluatie en borging (1 week)
  • Inventariseren ervaringen deelnemers
  • Borgen beweeggroepen in structureel aanbod lokale aanbieders
  • Herhalen aparte ZB lessen als ‘reminder’ binnen structureel beweegaanbod
  • Betrekken deelnemers in werving voor nieuwe ZB trajecten

Locaties en Uitvoering

De JBN voert de centrale regie over ZB. Lesplan is vanuit de JBN ontwikkeld en ook opleiding, bijscholingen en intervisie worden vanuit de JBN georganiseerd. De lokale organisatie van ZB is in handen van de lokale judoclub. De JBN heeft hierbij een ondersteunende rol, daar waar nodig. De lessen ZB worden verzorgd in een geschikte en voor het gevoel fysiek veilige omgeving (bijvoorbeeld een sportzaal, dojo, of zaaltje in een wijkcentrum) waar een judomat wordt gelegd. Dit hoeft niet altijd de locatie van de judoclub te zijn. Er kan, indien gewenst, gebruik worden gemaakt van de puzzelmatten die de JBN uitleent. Optioneel kan er worden gekozen voor een zachte ‘plofmat’ voor de fitoefeningen en/of een stapel puzzelmatten of dikke valmat(ten) om het hoogteverschil van het valbreken te verkleinen.

De lokale judoclub is de enige organisatie die, na goedkeuring van de JBN, ZB kan uitvoeren. Hierbij dienen de lessen altijd te worden verzorgd door een door de JBN erkende ZB instructeur. In de werving van deelnemers zijn wel externe partners (b.v. zorg en welzijn en buurtsportcoach) noodzakelijk voor het bereiken, betrekken, boeien en binden van de senioren bij ZB.

Ondersteuning

ZB wordt volgens een vaste procedure uitgevoerd. Allereerst dient de lokale judoclub zich bij de JBN te registreren als ZB locatie. Hierbij moet er bij de club en erkende ZB instructeur aanwezig zijn. Na aanmelding wordt de locatie opgenomen in het centrale registratiesysteem van de JBN en is deze zichtbaar in de google maps applicatie op de website van ZB.

De club ontvangt van de JBN een promotiepakket om ZB lokaal te promoten en wordt vanuit de JBN ondersteund in het opzetten van een lokaal netwerk gericht op promotie en werving voor ZB. Onderdeel van de werving is het organiseren van een informatiebijeenkomst waarin senioren kennismaken met de opzet van ZB en de club, alvorens zich definitief aan te melden. Deelnemers schrijven zich in via de registratiemodule van de JBN waardoor hun gegevens direct verwerkt worden in de centrale database. Voorafgaand aan de eerste les vindt er een intake plaats door de ZB instructeur met de deelnemers, waarna de cursus kan starten. Na afloop wordt de cursus geëvalueerd en worden gegevens verwerkt in de centrale database van de JBN. Voor een uitgebreide beschrijving zie Hoofdstuk 1.3 ‘Aanpak’.

Materialen

Om de cursus ZB uit te kunnen voeren zijn de volgende materialen benodigd:

  • Een zaal: waar tussen de 10 en 20 senioren in kunnen om de oefeningen uit te voeren.
  • Puzzel/judomat: zodat de senioren zacht kunnen vallen.
  • 1 stapel 4 * 4 puzzelmatten (afbouwend van hoog naar laag): voor het leren valbreken.
  • 1 zachte ‘plofmat’: bij voorkeur, om het valbreken iets fijner te maken voor de senioren.
  • Stoelen: voor de deelnemers om op te zitten (en evt. om leren op te staan).
  • Muziekinstallatie: optioneel; indien gewenst bij de deelnemers.
  • Koffie/thee: zodat de deelnemers vooraf en/of achteraf samen kunnen (na)praten.
  • Het wordt aanbevolen dat de deelnemers gemakkelijk zittende kleding dragen, welke veilig is in gebruik.

Voor de werving van deelnemers is het van belang dat er voldoende PR materialen aanwezig zijn (geleverd door de JBN), onder andere flyers, posters, (standaard) persberichten etc.

Vanuit de JBN is een lesplan ontwikkeld voor de ZB docent. Hierin staat de achtergrond en aanleiding van de cursus beschreven. Ook wordt hier de methodische opbouw geschetst en worden de aandachtspunten van de doelgroep samen met uitgewerkte oefeningen meegegeven als huiswerk. Voor docenten is ook een instructiehandleiding geschreven, waarin kort de opbouw van ZB is beschreven, wat er nodig is om een ZB traject op te zetten en de rol die de JBN speelt in opzet en uitvoer van ZB. Daarnaast is er een presentatie beschikbaar voor ZB docenten met een uitleg, opzet en achtergrond informatie over ZekerBewegen.

Oordeel commissie

Zeker Bewegen is een duidelijk opgezette interventie. Sterk punt is de doorontwikkeling vanuit een eerdere interventie; die ervaringen zijn gebruikt voor de huidige interventie. De werkzaamheid is onderbouwd aan de hand van een model en literatuur. Om daadwerkelijk effectiviteit in de praktijk te kunnen aantonen, is het advies om de subdoelen en het model strakker te onderbouwen.

Uitvoerbaarheid

De handleiding ziet er mooi en concreet uit. Zeker Bewegen is laagdrempelig en wordt lokaal uitgevoerd door goed opgeleide trainers. De werving verloopt op initiatief van de judovereniging; advies is om dit breder in te steken, bijv. via welzijn (wijkteams) en zorg (o.a. huisarts, zorginstellingen).

 

Organisatie

Organisatie: Judo Bond Nederland
Telefoon nummer organisatie: 030 707 3660

Contactpersoon

Naam: Marjolein Miltenburg
Telefoon nummer: 030 707 3660
Email: m.miltenburg@jbn.nl

Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.