Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Tien succesfactoren voor regionale samenwerking gehandicaptensport

Artikel

Geplaatst op 21 december 2015

Welke factoren maken regionale samenwerking tot een succes? Hieronder beschrijven we tien succesfactoren.

151-5 t voetbal1Sporters met een handicap lopen vaak letterlijk tegen gemeentegrenzen aan. Door het kleine aantal sporters met een handicap binnen een gemeente is het vaak moeilijk om voldoende sporters te vinden om een vereniging draaiende te houden. Om hun sport toch te kunnen beoefenen moeten sporters met een handicap daarom vaak naar een andere gemeente reizen.

Op dat moment zorgen de verschillen in gemeentelijk beleid voor allerlei problemen die de sportbeoefening van mensen met een handicap belemmeren. Zo wordt vaak alleen sportvervoer binnen de eigen gemeentegrenzen vergoed en hebben gemeenten geen zicht op sporten die door hun inwoners over de gemeentegrens worden beoefend. Hierdoor worden sommige sporthulpmiddelen niet verstrekt, terwijl de sporten wel beoefend worden, en zijn de verschillen in Wmo-verstrekkingsregels soms van nadelige invloed op de sportbeoefening.

Hieruit blijkt dat regionale samenwerking op het gebied van gehandicaptensport cruciaal is voor het vindbaar en toegankelijk maken van het sportaanbod.

 

Succesfactor 1: één gezamenlijk doel

Zo veel mogelijk mensen met een beperking structureel aan het sporten krijgen en zien te houden: een gezamenlijk doel is de basis van een samenwerkingsverband.

Succesfactor 2: de juiste mensen in het samenwerkingsverband

Een regiocoördinator, gemeenten, organisaties waar mensen met een beperking te vinden zijn, zoals binnen het speciaal onderwijs, revalidatiecentra, sociale wijkteams, praktijken voor fysiotherapie, dag- en woonvoorzieningen en organisaties die zicht hebben op het sportaanbod zoals sportraden en sportbonden.

Een gezamenlijk doel is niet voldoende voor een goedlopend samenwerkingsverband. Samenwerking vraagt ook om coördinatie en aansturing. Het aanstellen van een regiocoördinator is hiervoor van belang. Een goede regiocoördinator beschikt over de volgende competenties: verbindingen leggen, schakelen tussen niveaus, netwerken, innovatief denken, kansen zien, durven en kunnen inspelen op nieuwe ontwikkelingen, affiniteit met de doelgroep, vertalen van signaleren naar actie, strategisch denken, politieke affiniteit en tot slot communicatieve vaardigheden.

Een belangrijke rol van een samenwerkingsverband is het matchen van de vraag (sporter) en het aanbod (verenigingen, fitness en ander sportaanbod). Het betrekken van organisaties waar mensen met een beperking zich bevinden, zoals het speciaal onderwijs, revalidatiecentra, sociale wijkteams, praktijken voor fysiotherapie en dag- en woonvoorzieningen, geeft toegang tot de mensen met een beperking en daarmee een communicatiekanaal naar deze mensen en inzicht in hun behoefte om te sporten. Inzicht in het aanbod is ook cruciaal. Sportbonden en sportraden vormen een link met het sportaanbod.

Succesfactor 3: focus op twee pijlers

  • Pijler 1: het beantwoorden van sportvragen.
  • Pijler 2: het aanbieden van verenigingsondersteuning.

Combinatie pijler 1 en 2: het matchen van vraag en aanbod.

Pijler 1 is vanuit de (potentiële) sporter gezien. De sporter kan bij het samenwerkingsverband terecht met zijn sportvragen. Om antwoord te kunnen geven op een groot deel van de sportvragen is het van belang dat er een goed kwalitatief aanbod tegenover staat.

Ondersteuning van verenigingen en andere sportaanbieders helpt hierbij (pijler 2). Denk hierbij aan werving van sporters, toegankelijkheid van de accommodatie en de vereniging en deskundigheid van begeleiders.

Met een duidelijke vraag van een sporter en een kwalitatief goed aanbod kan de match van vraag en aanbod gemaakt worden.

Succesfactor 4: goede interne en externe communicatie

  • Plan een aantal overlegmomenten per jaar met de partners, waarin je persoonlijk contact hebt.
  • Deel succesverhalen en laat zien wat je doet via sociale media, een website, krantenartikelen en een nieuwsbrief. Vraag ook de partners om de verhalen te delen en te verspreiden.
  • Nodig eens iemand uit van een ander regionaal samenwerkingsverband en wissel ervaringen uit.

Succesfactor 5: evalueren en meten

Naast het stellen van het gezamenlijk doel maak je afspraken over welke resultaten je wilt bereiken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het sportaanbod, het aantal sportadviezen, het aantal sportmatches en het aantal evenementen. Door het uitvoeren van een 0-meting bij de start van de samenwerking en een 1-meting en verdere metingen op een later tijdstip ontstaat er inzicht in de resultaten en in de verschillen tussen beide metingen.

Behalve het meten van de resultaten is het evalueren van de samenwerking van belang. Goede punten om te evalueren zijn:

  • Zijn de resultaten behaald (zie hierboven), zijn de gemaakte afspraken nagekomen,
  • welke knelpunten zijn we tegengekomen,
  • welke dingen zijn goed gegaan en wat kan er anders?

Op basis van de inzichten worden nieuwe afspraken gemaakt om de regionale samenwerking te verbeteren.

Succesfactor 6: een platte organisatiestructuur

De verschillende organisaties brengen in het samenwerkingsverband hun eigen expertise mee. Deze kracht betekent niet dat er verschillen zijn in betrokkenheid. Zorg voor een structuur waarin iedereen gelijke bevoegdheden heeft en op dezelfde manier deel uitmaakt van het samenwerkingsverband. Dit maakt de betrokkenheid en het eigenaarschap gelijk.

Succesfactor 7: zorg voor flexibiliteit

Zo goed mogelijk inspelen op de vraag van de sporters en de ontwikkelingen in de omgeving en bij de aanbieders is een voorwaarde. Blijf in contact met de omgeving, zoek naar ‘haakjes’ met nieuwe kansen en mogelijkheden en wees creatief in oplossingen. Dit leidt tot een beter resultaat op het gebied van aangepast sporten.

Succesfactor 8: zichtbaar en vindbaar

Uit onderzoek blijkt dat de sporter en de sportaanbieder elkaar niet altijd weten te vinden. Het regionale samenwerkingsverband is een loket waarbij beide een plek hebben. Communiceer eenduidig vanuit het samenwerkingsverband en niet vanuit de verschillende organisaties. Vergroot de herkenbaarheid, zichtbaarheid en vindbaarheid door een gezamenlijke naam, een logo en een gezamenlijke website.

Succesfactor 9: durf 'nee' te zeggen en dingen los te laten

Houd de focus op de eerder genoemde pijlers, de vragen van sporters, ondersteuning van het sportaanbod en het matchen van vraag en aanbod. Vragen die hierin niet passen kunnen bij andere organisaties worden ondergebracht. Juist door ze te betrekken bij taken worden de betrokkenheid en het eigenaarschap vergroot. Dus durf nee te zeggen en los te laten.

Succesfactor 10: samenwerking tussen de samenwerkingsverbanden

Er bestaat geen blauwdruk voor een regionaal samenwerkingsverband gehandicaptensport, maar de overeenkomsten zijn groter dan de verschillen. Het uitwisselen van kennis met elkaar levert mogelijk grote winstpunten op. Het wiel niet opnieuw uitvinden, knelpunten vanuit meerdere invalshoeken bekijken en oplossen en een breder palet aan kansen zien. Hiervoor is het nodig om bereid te zijn ook buiten de regiogrenzen te kijken en elkaar als aanvullend te zien in plaats van als concurrent.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.