Sluiten

Rijksbegroting 2020: het spel en de knikkers over sport, bewegen en preventie

Artikel

Publicatiedatum 8 november 2019

Het spel en de knikkers: daarover gaat het bij de behandeling van de rijksbegroting voor 2020. De Tweede Kamer heeft 1103 schriftelijke vragen over de begroting van VWS gesteld, waaronder ruim 100 over sport, bewegen en preventie. Op 2 december spreken de sportwoordvoerders inhoudelijk met minister Bruno Bruins waarna de Kamer op 3 december stemt over alle begrotingswetsvoorstellen.

Inmiddels is na de begrotingsbehandeling van VWS een aantal moties ingediend, die op 5 november in stemming zijn gebracht. Het ging bijvoorbeeld via een motie van Kamerlid Leonie Sazias van 50+ , ondersteund door een groot deel van de oppositie, over het beter inzetten van preventie (met o.a. bewegen) bij dementie. De motie van 50-Plus Kamerlid Leonie Sazias is aangenomen. Dat geldt ook voor een motie van Rudmer Heerema (VVD) (op de begroting van OCW) over een voorziening voor topsporttalenten die een lastige financiële thuissituatie hebben, om hen te ondersteunen met bijvoorbeeld tegemoetkoming in reiskosten en materialen.

Er is meer dan VWS voor de sport

Kenniscentrum Sport geeft een update van het parlementaire proces. Even terug naar 17 september 2019: op Prinsjesdag is de rijksbegroting voor het komende jaar gepresenteerd. Wat staat daar in dat van belang is voor de sector sport en bewegen? In de Troonrede van Koning Willem-Alexander wordt het Sportakkoord en het belang van (sport)vrijwilligers genoemd, maar wie verder de tekst van de begroting induikt, komt veel meer tegen, en dan niet alleen bij het ministerie van VWS. Denk bijvoorbeeld bij Binnenlandse Zaken aan de Omgevingswet (beweegvriendelijke omgeving), bij Justitie over criminele ondermijning (ook in de sport) en bij OCW aan een (kleine) bijdrage vanuit voor de ‘brede impuls combinatiefuncties’.

In dit artikel focussen we op een aantal interessante onderdelen van met name het VWS-deel van de rijksbegroting 2020. In aparte documenten (onderaan dit artikel) zijn alle voor de sector sport en bewegen relevante vragen voor de ministers van VWS en van OCW op een rij gezet, inclusief de schriftelijke beantwoording vanuit het kabinet.

Veel geld naar zorg, weinig naar sport

Atletiekbaan richting Ridderzaal als synbool voor relatie sport en parlement
Welke aandacht krijgt sport in politiek Den Haag?

Eerst de knikkers dan maar: wat is er te verdelen voor het onderwerp Sport en Bewegen?

De uitgebreide informatie is daarover te vinden in het memorie van toelichting bij de begroting van VWS: van pagina 121 tot en met 130 en op pagina 271 zijn daar de details te lezen. Van de 19 miljard euro aan begrotingsuitgaven voor het hele ministerie van VWS gaat een relatief klein bedrag van 436 miljoen naar sport en bewegen, waarvan 145 miljoen aan subsidies, opdrachtverlening en bijdragen aan andere begrotingen voor de implementatie van het Nationaal Sportakkoord.

Dat is een verhouding waar sommige Kamerleden en stakeholders vanuit sport en preventie nogal eens op reageren. Zij vragen zich dan af waarom niet meer wordt geïnvesteerd ‘aan de voorkant’, dus meer geld naar het voorkomen van ziekten door sport en bewegen en bijvoorbeeld door leefstijlinterventies een groter budget te geven. Dat is onder meer terug te zien in schriftelijke vragen die Kamerleden hebben gesteld aan het kabinet, waarover later meer.

tabel begroting sport 2020
Tabel: verdeling budget Sport en Bewegen in Rijksbegroting 2020

Bij de toelichting van de begroting vermeldt de minister: ‘Aan dit sportbeleid ligt vooral de maatschappelijke betekenis van sport ten grondslag. Sport en bewegen dragen in belangrijke mate bij aan een betere gezondheid, aan het verbeteren van leefbaarheid en veiligheid, sociale samenhang en integratie, aan het verbeteren van schoolprestaties en het verminderen van schooluitval. Daarnaast erkent de Minister de intrinsieke waarde van sport en het belang van sportevenementen.’

Wat is al bereikt met Sportakkoord?

Zoals bekend, is het huidige sportbeleid vooral opgehangen aan het Nationaal Sportakkoord, dat in zes deelthema’s is opgedeeld. Eerder heeft minister Bruins de Kamer al geïnformeerd over de manier waarop dit akkoord van juni 2018 inmiddels verder is opgepakt. Buurtsportcoaches vervullen daarin een belangrijke verbindende rol: hun aantal groeit van 2900 in 2016 naar uiteindelijk 3.665 in 2021. Een paar highlights na één jaar:

  • Bijna 900 sportverenigingen gaan met subsidies van VWS hun sportaccommodatie verbeteren en verduurzamen;
  • Sportverenigingen kunnen gratis VOG aanvragen voor vrijwilligers (150.000 in 2018);
  • 20 sportbonden zijn met financiële hulp van VWS aan de slag om een plan te ontwikkelen om alle verenigingen aantrekkelijk te houden voor de toekomst.

De Kamer is nu aan zet

Tot zover de ‘knikkers’ vanuit het ministerie. Maar wat vindt de Kamer ervan? In de schriftelijke vragenronde (in oktober) ging het vooral om technische toelichting en is niet zichtbaar van wie de vragen komen. Toch geven die al een aardige indicatie waar de aandacht van de woordvoerders naar toe gaat. In een technische briefing op 12 november hebben ambtenaren van de directie sport nog toelichting gegeven aan Kamerleden, zodat op 2 december het commissieoverleg op basis van zoveel mogelijk feiten en cijfers van start kan gaan. Stemmingen over de begrotingswetsvoorstellen en de hierop ingediende amendementen (wijzigingsvoorstellen) vinden dan direct daarna plaats in de plenaire vergaderweek van 3-5 december. Het blijft dus nog even spannend of er nog wat verandert in de begroting voor sport.

Welke vragen hebben Kamerleden al gesteld in de schriftelijke ronde? De meeste vragen gingen over preventie en gezondheid, de rol van bewegen bij vergrijzing en dementie, natuurlijk het Sportakkoord en het Preventieakkoord. Maar ook overgewicht, sporten met een handicap krijgen de aandacht, vaak ook in een reeks van met elkaar samenhangende vragen van één Kamerlid.

Vragen Kamer en antwoorden ministers

Uit de meer dan 1100 vragen over de VWS-begroting, lichten we willekeurig een paar verschillende thema’s uit.

Vraag 265: Welk kader heeft de Nederlandse Sportraad gekregen als taakopdracht? Antwoord: Het kader voor de Nederlandse Sportraad is vastgelegd in het Instellingsbesluit Nederlandse Sportraad, d.d. 17 mei 2016[1] . In de brief aan uw Kamer van mijn voorganger van 20 november 2015 zijn daarvoor de inhoudelijke uitgangspunten beschreven, zoals zorgen voor meer rendabele sportevenementen, de impact van evenementen op sportparticipatie en integratie vergroten en het benutten van sportinnovaties en maatschappelijke toepassingen (TK 30 234, nr. 142). Vraag 266 Hebben er ook experts, dan wel organisaties op het gebied van topsportevenementen zitting in de Sportraad? Antwoord: Ja. Een groot aantal leden van de NLsportraad beschikt over expertise op het gebied van topsportevenementen.

Vraag 312: Kunt u aangeven hoe we de beleidsvisie (de verschuiving van focus op ziekte en zorg naar een focus op gezondheid en gedrag) van dit kabinet kunnen terug zien in het beleid?
Antwoord: Dit kabinet heeft ervoor gekozen om twee belangrijke akkoorden te sluiten met focus op gezondheid en gedrag, namelijk het Nationaal Preventieakkoord en het Sportakkoord. Met het programma ‘de juiste zorg op de juiste plek’ zet VWS samen met partijen uit het veld in op het voorkomen van zorg, het verplaatsen van zorg en het vervangen van zorg. Verder wordt de Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) sinds 1 januari 2019 vergoed vanuit het basispakket. In navolging van de GLI wordt voor een aantal concrete interventies de haalbaarheid van implementatie verkend,. Ook als mensen ziek zijn loont het om in te zetten op een gezonde leefstijl. Via ZonMw laat ik onderzoek doen naar effectieve leefstijlinterventies die ingezet kunnen worden binnen de zorg.

Vraag 441 Hoeveel geld is de overheid in totaal kwijt om de doelstelling voor het terugdringen van overgewicht te laten slagen?
Antwoord: In de begroting 2020 staat €23,8 miljoen voor Gezonde leefstijl en gezond gewicht gereserveerd. Dit bedrag is hoger dan andere jaren door de impuls vanuit het Preventie akkoord. Een aantal voorbeelden van programma’s die hieruit worden gefinancierd zijn: Gezonde School en Gezonde Kinderopvang. Daarnaast wordt ook via andere maatregelen, zoals bijvoorbeeld de Gecombineerde Leefstijlinterventie en de buurtsportcoaches, ingezet op vermindering van overgewicht en obesitas.

Vraag 491 Welke sanctiemogelijkheden heeft u als een lokaal sportakkoord te weinig effect heeft?
Antwoord: Wanneer een lokaal sportakkoord gesloten is, komt de lokale coalitie in aanmerking voor uitvoeringsbudget. De VSG bekijkt het akkoord en brengt samen met de monitoringspartijen in kaart waarover afspraken gemaakt zijn. In de jaren die daarop volgen wordt steekproefsgewijs gemonitord in hoeverre de gemaakte afspraken gerealiseerd worden. De effecten van de inspanningen zullen pas op de (middel)lange termijn zich tonen. Als VWS kunnen we echter aan deze decentralisatie uitkering geen sancties verbinden als het lokale sportakkoord te weinig effect blijkt te hebben.

Vraag 1006 Hoeveel onbevoegde leerkrachten geven gymlessen op de basisscholen? Antwoord: Op één van de vijf basisscholen wordt weleens een onbevoegde groepsleerkracht ingezet in groep 1-2 (18%) en op één op de tien basisscholen komt dat voor in de groepen 3 t/m 8 (11%).

Vraag 1021 Wat is het totaal aan project- en instellingssubsidies dat aan NOC*NSF wordt gegeven?
Antwoord: In 2020 wordt afgerond € 52 miljoen aan NOC*NSF gegeven. Het gaat hierbij om ruim € 39 miljoen voor de instellingssubsidie en om circa € 13 miljoen aan projectsubsidies.

Meer vragen en antwoorden?

Kenniscentrum Sport heeft overzichten gemaakt van de relevante Kamervragen voor de ministers van VWS en van Onderwijs (i.v.m. bewegingsonderwijs), die hier te raadplegen zijn:

Reacties vanuit het veld op de 'sportbegroting'

NOC*NSF: “NOC*NSF staat geheel achter het doel van het Sportakkoord om heel Nederland te verenigen met sport en bewegen. Maar maakt zich mét de G40 (de veertig grootste gemeenten van Nederland) zorgen over financiële mogelijkheden van de lokale overheden om aan de oproep om de lokale sport te ondersteunen tegemoet te kunnen komen.”

 

beeldmerk gemeente groningenVeertig grootste gemeenten verenigd in G40: “Het kan niet zo zijn dat op rijksniveau meer dan 10 miljard euro overblijft, terwijl wij moeten nadenken over het sluiten van zwembaden en bibliotheken. Volgens mij maak je dan als overheid een heel slechte beurt.’’ (aldus de Groningse wethouder Paul de Rook in artikel AD)

 

logo sportbedrijf lelystadMaurice Leeser, directeur Sportbedrijf Lelystad: “Het niet verhogen van het uitkeringsplafond voor de SPUK leidt onherroepelijk tot een onnodige stijging van tarieven en tot een duurdere sport. De lokale sportakkoorden en de betaalbaarheid van de sport komen in de verdrukking. Terwijl we nou juist wilden voorkomen dat de lokale sportinfrastructuur en lokale sportakkoorden op losse schroeven komen te staan of dat de financiële drempels om te gaan sporten (te) hoog zouden worden. Met name de toegankelijkheid van sport voor kwetsbare groepen komt in het geding. Een zeer ongewenste ontwikkeling, dat kan niet de bedoelding zijn. “

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.