Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Loopeconomie: afhankelijk van de loopsnelheid of toch niet?

Artikel

Geplaatst op 27 maart 2014

Geplaatst op 27 maart 2014

De in de atletiekwereld heersende veronderstelling dat het energieverbruik per kilometer hardlopen onafhankelijk is van de loopsnelheid is onterecht. Hoewel het zuurstofverbruik per kilometer inderdaad gelijk blijft bij een toenemende snelheid, neemt het energieverbruik wel degelijk (iets) toe. Dat blijkt uit een Engelse studie bij 172 toplopers.

De loopeconomie drukt men meestal uit in het zuurstofverbruik per kilometer. Betere lopers hebben over het algemeen een betere loopeconomie. Dat wil zeggen een lager zuurstofverbruik per gelopen kilometer. Het opvallende aan het uitdrukken van de loopeconomie op deze manier is dat deze bij submaximale snelheden onafhankelijk lijkt van de loopsnelheid. Hoewel het zuurstofverbruik stijgt als de loopsnelheid toeneemt, daalt de benodigde tijd om 1 kilometer te lopen. Dit betekent dat de atleten per kilometer evenveel zuurstof verbruiken. Vervolgens geldt hierbij vaak de veronderstelling dat het energieverbruik gelijk opgaat met het zuurstofverbruik. Dan zou dus moeten gelden dat bij een constante loopeconomie uitgedrukt in zuurstofverbruik, ook het energieverbruik constant is. Onderzoekers van het English Institute of Sport (EIS) en de universiteit van Loughborough hebben onderzocht of dat inderdaad het geval is.

Toplopers

Shaw en collega’s hebben de inspanningstesten van 172 toplopers (71 vrouwen, 101 mannen) geanalyseerd die in de periode van november 2004 tot april 2013 zijn afgenomen bij het EIS. De mannelijke lopers hadden een gemiddelde VO2max van 73 ml/kg.min en de vrouwen van 66 ml/kg.min. Alle submaximale en maximale inspanningstesten zijn afgenomen in 2 laboratoria onder gestandaardiseerde omstandigheden. Van alle lopers is de loopeconomie zowel aan de hand van zuurstof- als energieverbruik bepaald voor 4 verschillende submaximale snelheden. Hierbij is de loopeconomie uitgedrukt per kilogram lichaamsgewicht om ook een vergelijking tussen mannen en vrouwen mogelijk te maken.

Uit de resultaten blijkt dat de loopeconomie uitgedrukt in zuurstofverbruik per kilometer constant is voor de 4 onderzochte snelheden. Het energieverbruik per kilometer nam daarentegen wel (iets) toe bij een toenemende loopsnelheid.

Loopeconomie: zuurstof- of energieverbruik?

De resultaten laten zien dat bij een toenemende loopsnelheid het energieverbruik per kilometer wel toeneemt, en het zuurstofverbruik niet. Sneller lopen gaat dus gepaard met een hoger energieverbruik, maar dat hogere energieverbruik is niet terug te zien in de zuurstofopname. De verklaring voor het stijgende energieverbruik is dat de zogenaamde ‘respiratiory-exchange ratio’ (RER) stijgt naarmate de loopsnelheid toeneemt. Bij een stijgende RER worden verhoudingsgewijs meer koolhydraten verbrandt dan vetten. Met eenzelfde hoeveelheid zuurstof is meer energie vrij te maken uit koolhydraten dan uit vetten. Hieruit blijkt dat sneller lopen per kilometer meer energie kost, zonder dat de atleet meer zuurstof verbruikt. Het hangt er dus vanaf hoe de loopeconomie is bepaald, of deze onafhankelijk is van de loopsnelheid of juist niet. In hoeverre deze resultaten praktisch relevant zijn is maar de vraag aangezien de gevonden verschillen in het energieverbruik bij een toenemende loopsnelheid erg klein zijn.

Shaw AJ, Ingham SA, Folland JP (2014) The valid measurement of running economy in runners. Med. Sci. Sports. Exerc., DOI: 10.1249/MSS.0000000000000311
Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.