Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Kracht van Sport: springplank tussen mens en maatschappij

Praktijkvoorbeelden

Sport brengt mensen in beweging. Die ervaring had Stichting Maatschappelijke Opvang Breda e.o. al met een groep jongeren in een woonvoorziening. SMO Breda wilde het succesvolle initiatief uitbreiden en de lat werd hoger gelegd: het project Sportsurprise is erop gericht dak- en thuislozen in beweging te krijgen én de kloof tussen hen en de samenleving te verkleinen.

logoVerenigingsadviseur Suzan Zwiers van Breda Actief en Rick den Haan, projectleider Sport & Bewegen bij SMO Breda, kwamen elkaar tegen bij een informatiebijeenkomst van het Oranje Fonds. Suzan: “Breda Actief stimuleert vrijwilligerswerk en sport & bewegen en we waren al aan het kijken naar het sportaanbod voor kwetsbare groepen in de samenleving. Rick en ik kenden elkaar al wel, maar door het Oranje Fonds ontdekten we dat we op dit onderwerp konden gaan samenwerken.” Het balletje ging rollen en er kwam een overleg om cliënten en verenigingen te matchen. Inmiddels, ruim een jaar verder, heeft één cliënt het hele traject van SMO Breda doorlopen. Hij sport nu bij een voetbalvereniging in Breda.

Van start met sport

Wat was er voor nodig om deze samenwerking georganiseerd te krijgen? Rick: “We zijn in gesprek gegaan met Breda Actief en met twee sportverenigingen: atletiekvereniging AV Sprint en voetbalvereniging BSV Boeimeer. Deze opzet met verenigingen was een voorwaarde van het Oranje Fonds om een aanvraag te kunnen doen voor financiering. Die werd toegekend in januari 2014. We hebben elke zes weken overleg met elkaar. In het begin ging het vooral over de vormgeving van de overlegstructuur en over het maken van afspraken. Nu komen we bij elkaar om te praten over cliënten die willen sporten, om te kijken wat de behoefte is en wat daar op aansluit.”

Goede match

Alle betrokkenen streven naar een soepele aanloop naar fase 4, maar er kunnen onderweg complicerende factoren zijn. Suzan: “Het is belangrijk dat er een klik is tussen de deelnemer en zijn sportmaatje.” Vanuit SMO Breda gaat Rick hiermee zorgvuldig te werk. “Bij de proeftraining gaat de mentor van de deelnemer mee. Hij heeft voorafgaand aan het bezoek een gesprek met de sporter over diens verwachtingen. Wil hij vooral sporten, of vindt hij de gezelligheid van een vereniging belangrijker? Hoe ambitieus is de deelnemer? Daar wordt vervolgens een maatje bij gezocht. Een goede match is belangrijk omdat voor veel deelnemers de stap naar een vereniging groot is. Deze mensen staan al langere tijd buiten de samenleving. Bijvoorbeeld door een verslaving, schulden, of ze zijn dakloos geworden na een (vecht)scheiding. Sommigen zijn heel gemotiveerd om hun leven weer op de rit te krijgen. Voor anderen is het al heel wat dat ze weer sporten. Met al die verschillende achtergronden en ambities houden we rekening.”

Het moet voor alle betrokkenen duidelijk zijn wat je van een maatje kunt verwachten, en wat niet. Suzan: “Een maatje ondersteunt alleen bij de sociale contacten en sport. Het is niet de bedoeling dat er zorgtaken worden neergelegd bij de vrijwilliger. En ook geldproblemen bespreek je niet met een sportmaatje.”

Gewone mensen

Sommige mensen kunnen de doelgroep een beetje spannend vinden, vertelt Suzan. “Het zijn niet de makkelijkste problemen waar je mee te maken krijgt. De doelgroep heeft vaak een stempel. Daardoor durven ze zelf ook niet zo gemakkelijk naar een vereniging te stappen. Maar uiteindelijk gaat het vaak om gewone mensen waar ergens in het leven iets verkeerd is gelopen. Tijdens het bezoek van de deelnemer merk je vaak dat het meevalt voor de leden van de vereniging: ze kunnen met deze doelgroep gewoon sporten.”

Rick vult aan: “Mensen zijn door een probleem dak- of thuisloos geworden, niet uit vrije keuze. Door dat probleem hebben ze vaak ook al een beperkt sociaal netwerk. Veel dak- en thuislozen hebben bovendien een zorgindicatie. Er zijn geen mensen in hun omgeving die kunnen helpen om hun leven weer op het goede spoor te krijgen.”

Omdat het eerste bezoek aan een vereniging voor alle betrokkenen spannend is, zijn daar afspraken over gemaakt. De deelnemer wordt niet in het diepe gegooid en is geen bezienswaardigheid, vertelt Rick. “Bij de vereniging staan mensen klaar om de deelnemer welkom te heten. Dat is belangrijk voor de deelnemer, om meteen het gevoel te hebben dat hij welkom is. Dat warme gevoel hebben deze mensen soms al lang niet meer gehad.” Suzan: “Het sociale aspect is net zo belangrijk als de sport.”

Samenwerken

De meerwaarde van het verenigingsleven overstijgt de sport. Voor de vereniging en voor de gemeente. Rick: “De deelnemer is een potentieel lid, en wil misschien wel vrijwilliger worden.” Daarbij: het opnemen van de doelgroep zegt iets over de vereniging, vindt Suzan. “De rol van de vereniging in de gemeente groeit en wordt breder dan sport alleen, de vereniging maakt zich onmisbaar. Dat is niet alleen interessant voor de gemeente Breda, maar ook voor bijvoorbeeld sponsoren.”

De samenwerking was in 2014 succesvol. Van de twaalf deelnemers zijn er acht doorgestroomd van een woonvoorziening naar begeleid of zelfstandig wonen. Vier deelnemers zijn afgekickt van hun drugsverslaving. Kroon op het werk: Sportsurprise werd eind 2014 uitgekozen tot ‘Beste Initiatief op sport- en beweeggebied 2013/2014’. Er volgde een dip in 2015, toen het project langere tijd stil lag door een interne reorganisatie bij SMO Breda. Er konden in die periode geen cliënten worden doorgestuurd. Door hierover te communiceren met alle partijen is het Rick gelukt om iedereen betrokken te houden. Door deze inspanning heeft de Sportsurprise een half jaar uitstel gekregen van het Oranje Fonds. Sinds november sporten er weer zes cliënten bij de Sportsurprise.

Waardoor was de samenwerking in 2014 meteen al zo succesvol? Suzan: “We hebben bij de start deelgenomen aan een Alliantielab van Van de Bunt Adviseurs, aangeboden door het Oranje Fonds. Deze methode is heel intensief en het programma duurt een dag. Daarin ga je met je alliantiepartners, in ons geval twee sportverenigingen, SMO Breda en Breda Actief, werken aan een open gesprekscultuur.”

Insteek van het Alliantielab: met snelheid doelgericht onderwerpen met elkaar bespreken zodat je duidelijkheid krijgt over wat je met elkaar wilt doen en wat je van elkaar verwacht. Rick: “Zo krijg je helder hoe je met elkaar om wilt gaan.” Suzan: “We hadden het geluk dat er een klik was. We kunnen in dit project heel goed samenwerken, maar het kan ook gewoon heel gezellig zijn met elkaar.”

Tips

Rick:

  • Een project als dit doe je niet zomaar even erbij. Neem de tijd om dingen door te spreken en na te denken over de verantwoordelijkheden over en weer. Dat ben je verplicht aan deelnemende cliënten en sportverenigingen.
  • Zorg dat de verwachtingen bij cliënten en sportverenigingen realistisch zijn, wees eerlijk.
  • Kijk goed in welk team een deelnemer past. Deelnemers die wat extra ondersteuning kunnen gebruiken, hebben veel voordeel van een team met mensen die deze ondersteuning kunnen en willen bieden.

Suzan:

  • Als je samenwerkt met verschillende partijen heb je te maken met verschillende belangen. Daardoor kun je juist ook kritische vragen stellen.
  • Een initiatief als dit moet geen eilandje worden in de vereniging. Zet niet alle cliënten in een groep bij elkaar maar laat de deelnemers stapsgewijs integreren in de vereniging. En zorg dat het initiatief gedragen wordt door het bestuur, de leden en natuurlijk de vrijwilligers.
  • De motivatie moet van binnenuit komen. Een subsidieregeling is geen duurzame motivatie. Een bijdrage willen leveren aan een maatschappelijk belang is dat wel.

Sport en sociaal domein: zo werkt het samen!

Via sport en bewegen kun je werken aan het realiseren van uiteenlopende sociale doelen. Denk aan het vergroten van zelfvertrouwen, weerbaarheid, participatie, integratie of het tegengaan van eenzaamheid of schooluitval. De afgelopen jaren zijn tientallen sociale sportinitiatieven opgestart en uitgevoerd, bijvoorbeeld binnen de programma’s Kracht van Sport en Sport en Bewegen in de Buurt. Deze initiatieven zijn ondersteund en gevolgd door Kenniscentrum Sport, Oranje Fonds en NOC*NSF. In de brochure ‘De sociale kracht van sport’ staan vijf praktijkvoorbeelden beschreven waarin een sportclub samenwerkt met een of meerdere organisaties uit het sociale domein. Achterin de brochure staan onderstaande vijf elementen van een sterk sociaal sportinitiatief beschreven, met praktische tips voor sportaanbieders die aan de slag willen.

  1. Samenwerking tussen sport en het sociale domein
  2. Gecombineerd activiteitenaanbod: sport of bewegen, aangevuld met activiteiten die bijdragen aan het beoogde sociale doel
  3. Goede begeleiding door (geschoolde) vrijwilligers, maatjes en professionals die onderling hun kennis en ervaring delen
  4. Een toegankelijke accommodatie in de wijk met voldoende ruimte om mensen te ontvangen
  5. Een sterk marketing- en communicatieplan om deelnemers en vrijwilligers te werven en te binden, leden te betrekken en het initiatief in te bedden

Uitgebreide informatie over de opbrengsten van het Kracht van Sport programma van het Oranje Fonds is te vinden in het artikel ‘Hoe start je een sociaal sportinitiatief. Hier zijn ook de criteria te vinden voor het aanvragen van een subsidie bij het Oranje Fonds.

Fotografie: SMO Breda (Sportsurprise).

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.