Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Kindercoach Roosmarijn: De sportkeuze voor jongens en meisjes

Artikel

“Wie voor mijn voeten loopt, die krijgt een schop. En een klap voor zijn…” Typische jongensactie! “Als jij dat niet voor mij doet, ben je mijn vriendin niet meer…” Typisch meidending!

Laten we eens verder gaan met nog wat meer stereotype uitspraken: jongens houden van voetbal en vechtsport en meisjes houden van ballet en paardrijden. Meisjes zijn verbaal sterker en jongens zijn fysiek sterker. Meisjes kunnen zich beter concentreren, jongens houden van experimenteren. Meisjes zijn heel goed in praten en jongens willen altijd bewegen. Meisjes roddelen snel en jongens vechten graag…

Is het waar en zo ja, hoe erg is het? In mijn beleving is er wel degelijk verschil tussen jongens en meisjes en dat is maar goed ook. Als we toch allemaal hetzelfde zouden zijn, hetzelfde leuk zouden vinden en dezelfde dingen goed zouden doen. Elke ‘gek’ zijn talent, dat maakt het leven leuk!

Aangeboren verschillen

‘Uit onderzoek is gebleken dat er al bij pasgeboren baby’s een verschil is tussen jongens en meisjes. Jongens kijken langer naar objecten en meisjes kijken langer naar gezichten (Connellan e.a. 2001). Jongens willen graag de sterkste zijn en vechten dit uit tot de rangorde bepaald is. Hiërarchie geeft duidelijkheid en daarmee veiligheid. Meisjes zoeken veiligheid op een andere manier. Niet in wie fysiek het sterkste is, maar in wie het liefst gevonden wordt. Lief gevonden worden biedt veiligheid; wie men lief vindt, valt men in principe niet aan..’

Even wat cijfers: 4 van de 10 jongens zit op voetbal, 15 van de 100 zit op vechtsport. 1 op de 5 meisjes zit op turnen/gym en iets minder dan 1 op de 5 zit op ballet/dans. Daarna volgt bij 16 van de 100 de paardensport. En zo zijn er bijvoorbeeld ook sporten die bij beide sexen hetzelfde scoren, zoals tennis en zwemmen. Waar ook dezelfde talenten/kwaliteiten handig bij zijn.

Opvoeden in sterke kanten

“Maar hetzelfde kunnen, betekent niet hetzelfde kiezen. Als we kinderen zich optimaal willen laten ontplooien, dan is het zaak recht te doen aan aanleg en aan verschillen, zeker die tussen jongens en meisjes. De taak van volwassenen is om te bewaken dat de grenzen van veiligheid niet worden overschreden. Waarom zouden we meisjes niet mogen opvoeden in hun sterke kanten, dat wil zeggen zorg en inleven? Waarom zouden we jongens niet op mogen voeden in hun sterke kanten, zoals assertiviteit, actiegerichtheid en neiging tot leiderschap? Opvoeden vanuit hun kracht betekent niet dat we hun zwakte moeten negeren.” (Bron: Martine Delfos).

Dus laat jongens de hiërarchie bepalen op het voetbalveld en laat ze uitvechten op de judomat wie de sterkste is (competitief). En laat meisjes tot hun recht komen in zorgende kwaliteiten tijdens bijvoorbeeld het paardrijden. Of versterk hun inlevingsvermogen tijdens een toneel of balletvoorstelling. Elk kind is uniek en heeft (minder) sterke kanten en ontwikkelingstaken. En natuurlijk zijn er ook jongensachtige meisjes en meisjesachtige jongens. Hun gedrag tijdens spel, bewegen, sport en andere zaken kan/zal anders zijn dan dat van meisjes-meisjes en jongens-jongens.

Laat ze zijn wie ze zijn! Laat ze kiezen wat bij ze past!

Doen of denken

Jongens leren vaak door te doen, en meisjes door te denken. Alle kinderen (en grote mensen) hebben grenzen nodig. Grenzen zijn er niet voor niets. Zonder grenzen zijn er minder beperkingen en word je makkelijker grenzeloos. Judo wordt dan eerder free- fighten en voetbal neigt dan meer naar rugby.

Bewegen en sporten is niet alleen van groot belang voor het ontwikkelen van lichaamsbesef, zelfkennis en een stevig gevoel van ZIJN, maar bijvoorbeeld ook voor het leren rekenen of voor het omgaan met stress. En dit zijn voor zowel jongens als meisjes belangrijke ontwikkelingstaken!

Samen een keuze maken

Mijn idee voor een sportkeuze is; zoek samen met je kind een sport uit waar je kind zich prettig bij voelt. Voelt het zich veilig in de groep/sportschool/club? Competitief of niet, individueel of juist in teamverband. Wil het binnen of buiten sporten, wil het in het water of op het land. Wat vindt jouw kind leuk (rennen, stoeien, klimmen, krachttraining, balanceren, samenwerken, dans…?) en waar beleeft het plezier aan? Meisjesachtig of jongensachtig, wat maakt het uit?

Stem de intrinsieke motivatie, samen met kwaliteiten/hulpbronnen af, op de specifieke kenmerken van een bepaalde sport. Wat geeft je energie ipv stress (om te moeten scoren bijvoorbeeld)? Dus voor bijvoorbeeld hockey of voetbal, is het handig dat je kind mogelijkheden heeft tot samenwerken, snel en behendig kan zijn en geen angst heeft voor de bal. Wanneer jouw kind graag dingen zelf uitzoekt en dingen op zijn/haar eigen manier doet, is het niet direct handig om je kind op een teamsport te doen, waar veel ook draait om regels en samenwerking. Laat je kind lekker zelf zijn/haar strategie bepalen of juist de strijd met zichzelf aan gaan, om een overwinning op zichzelf te kunnen behalen.

Sporten en bewegen is gezond en nodig, maar plezier is minstens net zo belangrijk!

Leer kinderen wat grenzen zijn (van zichzelf en van de ander), laat ze grenzen ervaren, signaleren en vooral ook respecteren. Dan kunnen sommige ouders daar dan weer een voorbeeld aan nemen (op of langs de kant van het sportveld).

Lees meer

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.