Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

JOGG Monitor: hoe dringen gemeenten overgewicht bij jongeren terug?

Artikel

De eerste Monitor Jongeren Op Gezond Gewicht laat zien welke resultaten deze stichting in 2015 heeft geboekt. Eind 2015 waren 91 gemeenten actief met de lokale JOGG- aanpak en zijn met deze aanpak naar schatting een half miljoen jongeren bereikt. Wat kunnen JOGG- en andere gemeenten van deze ervaringen leren? Kenniscentrum Sport heeft in dit artikel de kennis uit deze Monitor gekoppeld aan landelijke trends op het gebied van onder andere overgewicht, beweeggedrag en samenwerking. Op basis daarvan geeft Kenniscentrum Sport praktische tips en verdiepende informatie. Dit biedt gemeenten inzicht en helpt hen om de volgende stap te zetten naar een gezonde jeugd.

Wat is de JOGG-aanpak?

Eén op de zeven kinderen is te zwaar. Dat heeft alles te maken met de wereld om hen heen. Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) stimuleert dat kinderen opgroeien in een gezonde omgeving, waardoor een gezonde leefstijl normaal wordt.

Aantal kinderen met overgewicht in Nederland lijkt te stabiliseren

Uit de monitor:

Er zijn een aantal JOGG-wijken waar het aantal kinderen met overgewicht terug loopt, bijvoorbeeld in Amsterdam, Dordrecht en Breda. Het is nog te vroeg om te zeggen of op landelijk niveau in de JOGG-wijken en gemeenten een gunstige(re) ontwikkeling van het aantal kinderen met gezond gewicht plaatsvindt dan in ‘niet-JOGG’ wijken of gemeenten.

Landelijke trend:

Er is nog veel discussie over de overgewicht-cijfers van de jeugd, de doelgroep van JOGG. Uit onlangs gepubliceerde cijfers blijkt dat van kinderen tussen de 4 en 20 jaar 12% overgewicht heeft in 2015. Tussen 1981 (10,1%) en 2015 (12,1%) is een lichte stijging te zien (volksgezondheidenzorg.info). Men vraagt zich af of het percentage overgewicht onder 4 tot 20 jarige stabiel blijft. Sommige GGD-en laten zien dat het overgewicht onder kinderen de laatste jaren niet meer stijgt en soms zelfs daalt, maar veel experts verwachten niet dat dit het landelijke beeld is (eengezondernederland.nl).

Praktische tips:

  • Besteed extra aandacht aan de jongste doelgroep, daar is de meeste (levenslange) winst te behalen. Bovendien staan ouders (belangrijk in de sociale omgeving van kinderen) in die fase (vanaf -9 maanden) vaak erg open voor gedragsverandering.
  • Verbind preventie met zorg (de vijfde pijler uit de JOGG- aanpak), zodat overgewicht in een vroeg stadium wordt gesignaleerd door (zorg)professionals, de zorg goed op elkaar is afgestemd en jongeren direct en snel op de juiste plek terecht komen. Een mooi voorbeeld is de Proeftuin Ketenaanpak in Den Bosch.
  • Zet ook in op (beweeg)activiteiten specifiek voor de doelgroep kinderen met overgewicht. Leg bij deze activiteiten niet de nadruk op het overgewicht, maar op gezelligheid en plezier.
  • Voorzie de buurtsportcoach van specifieke kennis en vaardigheden om met deze kwetsbare doelgroep aan de slag te gaan. Denk naast de buurtsportcoach ook aan de maatschappelijke inzet van sportverenigingen en fitnesscentra.

Aantal kinderen in Nederland dat voldoet aan de beweegnorm daalt

Uit de monitor:

Van de JOGG-gemeenten die als eerste gestart zijn lijkt 30% van de kinderen (12-18) aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen te voldoen. Door grote verschillen is het nog niet te zeggen of de jeugd door de JOGG-aanpak in deze gemeenten meer is gaan bewegen. De campagne Gratis Bewegen: Gewoon Doen! is op dit moment in één derde van de gemeenten ingevoerd. Deze campagne stimuleert bewegen en buitenspelen in de wijk en op pleintjes.

Landelijke trend overgewicht bij jongeren

Recente cijfers laten zien dat het aantal kinderen dat aan de beweegnorm voldoet iets lager ligt dan het beeld dat JOGG-gemeente laten zien. Van de 12 -17 jarige beweegt 27% genoeg. Bij 4 – 12 jarige ligt dat percentage op 23% (volksgezondheidenzorg.info). Het aantal kinderen dat aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen voldoet daalt de afgelopen jaren. Of die trend in JOGG-gemeenten gekeerd wordt, moet nog blijken.

Praktische tips:

  • Stimuleer meer bewegen op school, zodat alle leerlingen (ook minder actieve) in beweging komen.
  • Betrek de jeugd bij het bedenken en organiseren van beweegactiviteiten.
  • Zet principes uit de sociale marketing in om ouders en kinderen te verleiden tot meer bewegen.
  • Maak ouders bewust van het belang van het alledaags bewegen en laat ze zien dat samen met je kind bewegen niet moeilijk, maar juist ook leuk is.

Toenemende aandacht voor gezinnen met een lage sociaaleconomische status

Uit de monitor:

Jongeren Op Gezond Gewicht is vooral actief in aandachtswijken waar veel mensen wonen met een lage sociaaleconomische status. JOGG werkt nauw samen met het Jeugdsportfonds dat sporten voor kinderen met weinig geld mogelijk maakt. Ook is er een samenwerking tussen JOGG en het programma Gezond In… Dit programma helpt gemeenten bij het aanpakken van sociaal economische gezondheidsachterstanden. De campagne Gratis Bewegen: Gewoon Doen! draagt uit dat je voor extra beweging niet altijd een lidmaatschap of een sportabonnement nodig hebt. Dat sluit aan bij gezinnen die weinig kunnen besteden aan sport. Er is nog niet zichtbaar is in hoeverre de JOGG activiteiten – specifiek de sport en beweegactiviteiten – de kinderen uit achterstandssituaties weten te stimuleren tot een gezondere leefstijl.

Landelijke trend:

Armoedebestrijding is één van de beleidsthema’s van het kabinet. JOGG-gemeenten spelen hier goed op in. Deze aandacht is nodig, omdat de groep mensen die in armoede leven in de afgelopen jaren sterk is toegenomen. Kinderen uit gezinnen met weinig inkomen hebben een gezondheidsachterstand op kinderen uit gezinnen met meer inkomen. Zo hebben kinderen in de laagste inkomensgroep beduidend vaker overgewicht (21%) dan kinderen in de hoogste inkomensgroep (8%). Kinderen die opgroeien in rijkere gezinnen hebben ook vaker een lidmaatschap van een sportvereniging dan kinderen in arme gezinnen. Dit terwijl sport van grote meerwaarde is op de fysieke ontwikkeling, maar ook voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Denk aan het leren van structuur en normen en waarden, zelfvertrouwen en het opdoen van vriendschappen (Reijgersberg e.a., 2014).

Praktische tips:

  • Zet de campagne ‘Gratis Bewegen’ in en benut de beweegmogelijkheden in de openbare ruimte, als mogelijk met behulp van de buurtsportcoach.
  • Breng fondsen en stichtingen (als Jeugdsportfonds, Stichting Leergeld) en gemeentelijke kortingspassen (als U- pas, Ooievaarspas) onder de aandacht.
  • Bekijk met partners in de wijk of je gezamenlijk een subsidieaanvraag kan doen om juist deze kinderen te stimuleren om te sporten en bewegen bijvoorbeeld via de Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten van het programma Sport en Bewegen in de Buurt of via het Oranje Fonds.

Meer aandacht voor opbrengsten van sport- en beweegbeleid

Uit de monitor:

In alle betreffende JOGG-gemeenten wordt (een onderdeel van) de JOGG-aanpak in enige mate gemonitord of geëvalueerd. Ongeveer de helft van de gemeenten heeft hier een begin mee gemaakt, drie op de tien gemeenten is aardig op weg. De aandacht voor evaluatie is per gemeente verschillend. Experts signaleren dat JOGG- regisseurs vaak nog onvoldoende kennis hebben van het opzetten van onderzoek. Regisseurs zijn meer gericht op resultaat en actie, aldus enkele bevraagde regisseurs. JOGG ondersteunt haar gemeenten, onder andere door de inzet van experts op het gebied van monitoring en evaluatie en ook het Mulier Instituut kan gemeenten hierin adviseren.

Landelijk trend:

Een vergelijkbaar beeld zien we onder andere in de Sportimpuls-projecten van het programma Sport en Bewegen in de Buurt. Professionals geven aan dat hun expertise in de uitvoering van sport en bewegen zit en vaak niet in het opzetten of uitvoeren van een evaluatie. Dit terwijl gemeenten wel belang hechten aan inzicht in de waarde en opbrengsten van sport en beweegactiviteiten. Op het gebied van gezondheidswinst, maar ook in economisch perspectief. Goede monitoring is noodzakelijk om hier zicht op te krijgen en draait om een goed gefundeerde aanpak. JOGG speelt hier op in door haar gemeenten ondersteuning te bieden.

Praktische tips:

  • Ook al kost monitoren en evalueren tijd en geld en is het niet gemakkelijk, het is erg belangrijk om hier (vanaf de start) op in te zetten.
  • Maak gebruik van hulp en advies van deskundige partners bij de monitoring en evaluatie in de wijk of gemeente. Denk naast de M&E-experts van JOGG en het Mulier Instituut, aan (studenten van) hogescholen en universiteiten, de GGD, de gemeente, Academische werkplaatsen of Provinciale Sportservices.

Niet het wiel opnieuw uitvinden, maar gebruikmaken van bestaande erkende interventies

Uit de monitor:

Bestaande aanpakken passend bij de ondersteuningsvraag van kinderen en jongeren met overgewicht staan nog onvoldoende op het vizier van sommige JOGG-regisseurs. Een van de aanbevelingen uit het rapport van van Leeuwen (2015) is dan ook om het gebruik van bestaande databases te stimuleren, zoals de interventiedatabase van het Centrum Gezond Leven. Of erkende interventies worden ingezet binnen de JOGG-gemeenten en in welke mate wordt momenteel niet gemonitord.

Landelijke trend:

Dat de databases en de daarin verzamelde erkende interventies nog onvoldoende bij professionals op het netvlies staan, wordt ook genoemd in het onderzoek Kwaliteit én meer, over het gebruik van erkende interventies (2014). Onbekend maakt onbemind. Vanuit het Ministerie wordt de lokale inzet van (erkende) aanpakken uit landelijke databases zoals de Database gezond en actief leven gestimuleerd. Bij schaarste is het noodzaak om middelen zo effectief mogelijk te benutten. Daarnaast wordt sport steeds vaker ingezet als middel om maatschappelijke doelen te behalen en wil men weten welke aanpak, welk doel dient.

Praktische tips:

  • Het bestaande aanbod aan (erkende) aanpakken voor de jeugd is groot. Het kan daardoor moeilijk zijn om door de bomen het bos nog te zien. Gebruik zoekmachines zoals de Gezonde School zoektool of Effectief Actief om meer zicht te krijgen op wat past in jouw lokale situatie.
  • Laat je inspireren door het beschikbare aanbod, bijvoorbeeld met behulp van dit overzicht met sport en beweeg-aanpakken voor de Gezonde School.
  • Geen erkende sport en beweeg-aanpak gevonden die precies aansluit bij jouw wensen? Veel interventies kunnen worden aangepast aan de lokale context en aan de behoefte van de jeugd. De adviseurs van Kenniscentrum Sport denken graag met je mee!

Samenwerking blijft onverminderd belangrijk

Uit de monitor:

Binnen de JOGG-aanpak richten twee pijlers zich expliciet op samenwerking, namelijk ‘publiek private samenwerking’ en ‘verbinding preventie en zorg’. Voor wat betreft de eerste pijler werkt 77% van de JOGG-gemeenten samen met publieke partners en 67% met private partners. Lokale partijen denken mee in het projectteam, leveren communicatiekracht, en dragen soms financieel bij aan activiteiten. Het opzetten van een langdurige succesvolle samenwerking blijkt echter lastig en is een belangrijk aandachtspunt.

JOGG ( jongeren op gezond gewicht ) aanpakDe tweede pijler gaat over samenwerking tussen de preventie- en zorgsector. In 2015 heeft een kwart van de JOGG-gemeenten een start gemaakt met het verbinden van deze sectoren. Ook hier is het opzetten van een langdurige en succesvolle samenwerking een aandachtspunt. Oudere JOGG-gemeenten zijn doorgaans verder gevorderd in het vastleggen van hun samenwerking dan jongere JOGG-gemeenten.

Landelijke trend:

We werken steeds meer samen: publieke organisaties onderling en publieke organisaties met private partijen. Zeker met de decentralisatie van overheidstaken naar gemeenten is de noodzaak voor gemeenten om samen te werken steeds zichtbaarder. We hebben het dan voornamelijk over samenwerking tussen publieke organisaties onderling. Maar ook met private partijen wordt de druk om samen te werken steeds actueler. Uit diverse studies komt echter naar voren dat het opzetten van effectieve duurzame samenwerkingen minder eenvoudig is dan het op papier lijkt. De steeds veranderende omgeving vraagt om flexibiliteit in samenwerking. Partijen moeten bereid zijn over hun eigen schaduw heen te kijken en samen te werken aan oplossingen waarvan iedereen beter wordt.

Praktische tips om meer jongeren op gezond gewicht te krijgen:

  • Blijf elkaar opzoeken, deel belangen en spreek intenties naar elkaar uit. Vooral bij samenwerking met andere domeinen is de cultuur anders. Neem het maatschappelijke doel als uitgangspunt waarbij sport als middel ingezet wordt.
  • Stimuleer de buurtsportcoach en (maatschappelijke) sportverenigingen om aansluiting te zoeken bij het sociale wijkteam.
  • Combineer budgetten uit verschillende sectoren. Dit vergroot de financiële draagkracht voor sport en bewegen en vergroot het gevoel van een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

 

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Rebecca Beck of Laura Butselaar, adviseurs bij Kenniscentrum Sport.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.