Sluiten

Goed Sportbestuur: 4 principes

Artikel

Publicatiedatum 3 november 2020

Het is 15 jaar geleden dat de Code Loorbach in de Nederlandse sportwereld werd geïntroduceerd: de 13 aanbevelingen voor goed sportbestuur. Sindsdien is de sportwereld behoorlijk veranderd. Herijking van de sportbestuurlijke en ethische hygiëne is hoognodig. Het afgelopen jaar is hier hard aan gewerkt en de verwachting is dat de vernieuwde code eind dit jaar door NOC*NSF wordt gepresenteerd en vastgesteld.

In de Sportagenda van NOC*NSF is het plan opgevat om de code Goed Sportbestuur te herijken. En in het Sportakkoord is opgenomen dat deze herijkte code een landelijk raamwerk moet bieden waar lokale sportorganisaties (dus ook verenigingen) invulling aan kunnen geven. De herijking van de code vindt plaats in drie fasen. Om te beginnen wordt een visie ontwikkeld, daarna wordt de inhoud vastgesteld en vervolgens de compliance: hoe, met welke tools en instrumenten, pas je de code toe?

Passende governance regels

Tijdens een kick-off sessie was ook Loorbach, de naamgever van de code, aanwezig. Hij bracht meteen een belangrijk punt in: welke organisatievorm past in de toekomst het best bij de sport? Professionalisering, meer ondernemerschap, flexibiliteit en slagkracht vragen andere kwaliteiten en wellicht een andere bestuurs- en organisatiestructuur. En daarmee dus ook andere governanceregels.

Een ander belangrijk aandachtspunt bij de herijking is de ruimte voor eigen invulling van de regels. Waarbij rekening wordt gehouden met de grote diversiteit aan sportorganisaties. Ter illustratie: de frisbeebond heeft andere wensen en behoeften dan bijvoorbeeld de KNVB.

Gewoon doen

Deze en andere punten zijn door een stuur- en een werkgroep onder handen genomen. Tussentijds zijn platformbijeenkomsten georganiseerd om geïnteresseerden en betrokkenen uit de sportwereld (van bestuurders tot adviseurs en onderzoekers) bij te praten en om input te vragen.

In één van de bijeenkomsten zei hoogleraar Maarten van Bottenburg treffend: “Het nadeel van dit soort codes is altijd: op papier is het leuk. Maar hoe leef je het na?”. Op een paar punten had de hoogleraar een hapklaar advies: “Diversiteit: dat moet je gewoon doen. Ongewenst gedrag: wie zich er schuldig aan maakt, daar moet je afscheid van nemen.”

Veranderend speelveld

Veel van de uitgangspunten van de code uit 2005 staan nog overeind, meent Van Bottenburg. Het speelveld van de sport is echter sterk veranderd. Sport, politiek en de samenleving als geheel zijn meer verweven dan ooit. Dat heeft consequenties voor de wijze waarop je thema’s als duurzaamheid, inclusiviteit en transparantie vormgeeft. En voor de problematiek rond matchfixing en doping gaat de sportwereld ook niet in haar eentje de oplossing vinden.

Universitair hoofddocent Frank van Eekeren gaf aan dat er wetenschappelijk onderzoek ten grondslag ligt aan de hoofdpunten die nu centraal staan bij herijking van de Code Loorbach: ‘democratie’, ‘transparantie’, ‘maatschappelijke verantwoordelijkheid’ en ‘accountability’ (interne verantwoording en controle).

Minimale kwaliteitseis

De code werd in 2011 aangevuld toen de aanbevelingen als ‘Minimale Kwaliteitseis’ (MKE) aan de bonden werden opgelegd om voor financiering vanuit de Lotto-gelden in aanmerking te komen. Er bestaat nu een jaarlijkse ‘MKE-scan‘ voor de mate waarin bonden aan de minimale kwaliteitseisen voldoen, maar die zetten niet of nauwelijks aan tot verdere ontwikkeling; 100% van de bonden voldoet jaarlijks aan de eisen.

In het najaar van 2018 vond ook een internationaal onderzoek in acht Europese landen plaats naar de naleving van de regels voor goed sportbestuur. Vanuit Nederland nam de Universiteit Utrecht (departement USBO) deel aan dit Europese project ‘The National Sport Governance Observer’. Binnen dit project namen acht Nederlandse sportbonden deel die werden onderzocht op hun ‘good governance’ en dat leverde het predicaat ‘goed’ op. Van de andere Europese landen die deelnamen aan het onderzoek, scoorden Noorwegen en Denemarken beter. Met name op het thema ‘democratie’ bleek in Nederland ruimte voor verbetering.

Actuele informatie over goed sportbestuur van NOC*NSF vind je hier.

De vier principes van goed sportbestuur

De nieuwe code kent vier principes van goed sportbestuur: accountability, maatschappelijke verantwoordelijkheid, transparantie en democratie.

In deze video legt Frank van Eekeren eerst uit wat de 4 principes inhouden:

Bij elk principe is een filmpje ontwikkeld. Dat legt het principe helder uit en helpt verenigingen en sportbesturen om het gesprek te voeren over beter besturen binnen hun sportorganisatie. Zo vertelt voorzitter van tennisvereniging Beekhuizen Monique Bulthuis dat ze twee vertrouwenspersonen hebben die goed vindbaar zijn in de club. Bestuurslid van Hercules, Jasper Wilshaus, vertelt hoe belangrijk het is om een divers bestuur te hebben. De Arnhemse hockeyclub liep aan tegen een bestuurswissel waar veel kennis verloren ging van oud bestuursleden. Ook vertellen ze waarom ze een Sportiviteit en Respect Commissie inrichtten.

1. Accountability

Accountability betekent: scheiding der machten in het bestuur, een systeem van regels en procedures dat ervoor zorgt dat medewerkers en bestuurders zich houden aan de interne regels en normen.

Dat betekent dat je bestuursstructuur ontwikkelt waarin bestuurders eindverantwoordelijk zijn voor een heldere visie op de sport, de sportorganisatie, de verschillende rollen en taken, het naleven van wet-en regelgeving en het organiseren van voldoende tegenspraak. Daarbij maken zij keuzes die sociaal en moreel verantwoord zijn.

Bekijk hier het filmpje over accountability:

2. Maatschappelijke verantwoordelijkheid

Maatschappelijke verantwoordelijkheid betekent het bewust inzetten van van jouw potentieel om een positief effect te hebben op mensen binnen en buiten de club én de samenleving als geheel.

Sport is immers veel meer dan alleen plezier en spel. Sportorganisaties zijn zich hiervan bewust en laten zien op welke wijze zij bijdragen aan hun maatschappelijke rol. Verantwoording hierover draagt bij aan de legitimiteit van bestuur en organisatie, omdat het vertrouwen van de buitenwereld wordt versterkt.

Bekijk hier het filmpje over maatschappelijke verantwoordelijkheid:

3. Transparantie

Transparantie betekent het openbaar maken van informatie over de interne werking van de organisatie, waarmee anderen deze werking kunnen controleren. Dit verhoogt het vertrouwen in de organisatie en stimuleert bestuurders en medewerkers om beter te presteren.

Bekijk hier het filmpje over transparantie:

4. Democratie

Democratie betekent dat mensen worden betrokken bij besluitvormingsprocessen die hen aangaan, eerlijke en open interne debatten, vrije en eerlijke verkiezingen (bijvoorbeeld bij een ledenorganisatie).

Een sportorganisatie heeft te maken met allerlei belanghebbenden. Besturen is onder andere positie kiezen tussen de verschillende belangen. De inbreng van al deze belanghebbenden is cruciaal om tot gedragen besluitvorming te komen.

Bekijk hier het filmpje over democratie:

Dit artikel verscheen voor een deel eerder in het magazine Sport en Strategie.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.