Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Goed bewegen voor jonge kinderen: wat houdt dat in?

Blog

Veel ouders hebben vragen over sporten en bewegen voor hun kinderen. Want wanneer begint een kind met sporten? En waarom is goed bewegen zo belangrijk en wat kan je hier als ouder aan doen?

Leendert van Gaalen is bewegingswetenschapper en één van de oprichters van Monkey Moves, een methode waarmee kinderen een brede motorische én sociale basis aanleren. Hij geeft antwoord op een aantal van deze vragen.

Waarom zijn er minimum leeftijden aan bepaalde sporten verbonden?

Een kind ontwikkelt zich van dichtbij naar veraf en van kop tot staart. Zo heeft een baby na twee maanden al controle over het hoofd, kan het na 4 maanden de core al een beetje aansturen en dus naar de buik draaien, maar duurt het wel 10 maanden voor de armen en voeten dusdanig onder controle zijn dat er een kruip beweging kan ontstaan.

Het is belangrijk dat kinderen de kans krijgen om zich ook op een zelfde wijze verder te ontwikkelen. Kijk bijvoorbeeld naar zwemmen. Kinderen komen op verschillende leeftijd op zwemles, maar het A diploma wordt vaak niet voor het 7e a 8e levensjaar behaald.

In het Athletics Skills Model, ontwikkeld op de Vrije Universiteit Amsterdam op de faculteit bewegingswetenschappen gebruiken ze de theorie van Lev Vygotsky, een Russische ontwikkelingspsycholoog uit het begin van de vorige eeuw  (1896-1934). Hij beschrijft dat kinderen leren van wat ze nog niet kunnen, maar wel binnen handbereik ligt en noemt dit ‘de zone van naaste ontwikkeling’.

Het is belangrijk dat kinderen voordat ze aan bepaalde sporten beginnen een set van basisvaardigheden bezitten, een motorisch fundament. Als de aangeboden stof te ver van hun zone van naaste ontwikkeling ligt, kan dit motivatieproblemen opleveren omdat het gewoon nog niet lukt en het kan ook blessures in de hand werken.

Wist je dat het ontbreken van een motorisch fundament zelfs kan leiden tot sociale uitsluiting? Dit hebben Smyth en Anderson (2011) beschreven. De capaciteit om sport-specifieke vaardigheden te leren, ontstaan bij jongens en meisjes vanaf het 6e levensjaar omdat zij in deze fase het koppelingsvermogen en het kinetischdifferentiatievermogen ontwikkelen (Drabnik, 1996). Dit is het vermogen om bewegingen aan elkaar te koppelen en het kunnen inschatten hoeveel kracht of snelheid er voor een bepaalde taak nodig is.

Wat wordt nu eigenlijk bedoeld met ‘goed bewegen’? Hoe leert een kind dit en waarom is het zo belangrijk dat een kind dit leert?

Goed bewegen staat eigenlijk nergens echt gedefinieerd. In verschillende jury sporten zijn er natuurlijk eisen aan goede bewegingen, denk hierbij aan turnen of schoonspringen en dansen. Toch zijn er veel vaardigheden die een kind zou moeten kunnen waaraan af te leiden is of het voldoende beheersing over zijn eigen lichaam heeft.

Tests als het Movement ABC helpen fysio- en oefentherapieuten om te bepalen of een kind een motorische achterstand heeft. Een test als deze kan wel goed laten zien wie de slechtere beweger is, maar niet wie de goede zijn. Het SportKompas is een test die dit wel doet en daarbij naar de ‘talenten’ van een kind kijkt om van daaruit een sportadvies te geven.

Mijn definitie van een goede beweger is een kind dat voor zijn leeftijd evenwichtig en gecoördineerd kan bewegen zodat hij in onverwachte situaties zichzelf met een breed scala van motorische oplossingen kan helpen. Kinderen die dit kunnen zullen bijvoorbeeld een val of een duw kunnen oplossen zonder direct een blessure op te lopen.

Niet elk kind is motorisch even sterk onderlegd, net als dat niet elk kind even goed in rekenen en taal zal worden. Het begint echter met het kind blootstellen aan uitdagende situaties van ‘naaste ontwikkeling’ en motiverende ouders. Initiatieven als Monkey Moves zijn hiervoor bij uitstek geschikt. Kinderen spelen in een motiverende omgeving met elkaar onder professionele begeleiding.

Lees meer

Bronnen

Smyth, M.M. & Anderson, H.I. (2011) Football participation in the primary school playground: the role of coordination impairments. British journal of Developmental Psychology, 19, 369-379. In Wormhout, R., Teunissen, J.W. & Savelsbergh, G. (2014) Athletic Skills Model voor een optimale talentontwikkeling (2e druk). Arko Sportsmedia, Nieuwegein, ISBN978-90-5472-220-5.
Drabnik, J. (1996) Children & Sports Training. Island Pond, VT, USA: Stadion Publishing Compagny, Inc. In Wormhout, R., Teunissen, J.W. & Savelsbergh, G. (2014) Athletic Skills Model voor een optimale talentontwikkeling (2e druk). Arko Sportsmedia, Nieuwegein, ISBN978-90-5472-220-5.

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.