Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Er is meer te winnen

Interventie

Erkenning

Goed beschreven

In de sport krijgt men de laatste tijd steeds vaker te maken met onsportief en ongewenst gedrag. Vele trainers/coaches hebben weleens te maken met jongeren die zich anders gedragen dan gewenst. Ondanks dat ongewenste gedrag heeft de sport unieke mogelijkheden (zie bijvoorbeeld Hellison, 2011) om het sociale gedrag van kinderen en jeugdigen te versterken. Echter is het vaak voor trainers/coaches lastig om verandering aan te brengen in het gedrag van de jeugdige sporters. Bij de interventie ‘Er is meer te winnen’ leren trainers/coaches hoe zij een waarderend en stimulerend sportklimaat kunnen creëren met aandacht voor opvoeding en gedragsverandering. Het doel van deze interventie is trainers/coaches bij sportverenigingen kennis en vaardigheden te leren over opvoeding en gedragsbeïnvloeding in sportsituaties waardoor sociaal gedrag van kinderen in sport wordt gestimuleerd en antisociaal gedrag kan worden tegen gegaan.

Probleembeschrijving

Binnen de sport krijgt men te maken met onsportief of ongewenst gedrag. Bijna 4 op de 10 sporters of bezoekers van sport (bij beoefening of bezoeken maandelijks of vaker) maakten ongewenst gedrag mee in 2012 (Tiessen- Raaphorst, 2014). Elke trainer of coach heeft dan ook weleens te maken met kinderen die zich op het sportveld anders gedragen dan gewenst. Het stimuleren van prosociaal gedrag en het voorkomen en aanpakken van antisociaal gedrag in sport krijgt de laatste jaren veel aandacht. Daarbij lijkt de impact van negatieve sportervaringen van kinderen en pestgedrag in sport groot voor de brede psychosociale ontwikkeling van jongeren en voor blijvende deelname aan sport (Baar & Wubbels, 2011; Fraser-Thomas & Côte, 2009).

Niet alleen vanuit maatschappelijke perspectief, maar ook vanuit pedagogisch perspectief lijkt de sportsector nog niet optimaal bij te dragen aan de sociale ontwikkeling van kinderen. 74% van de 6-11-jarigen en 72% van de 12-19-jarigen zijn actief bij een sportvereniging (Tiessen-Raaphorst, 2014). Al deze kinderen worden getraind en begeleid door een trainer/coach. In 82% van de sportverenigingen zijn vrijwilligers actief (Tiessen-Raaphorst, 2014). Een groot percentage van de trainers/coaches binnen de jeugdsport is dan ook trainer of coach op vrijwillige basis. Zij beschikken vaak niet over een (sport)pedagogische achtergrond of theoretische kennis met betrekking tot omgangs- en opvoedingsstijlen.

Trainer/coach als belangrijkste beïnvloeder.

Sport lijkt een grotere invloed te hebben op pro- en antisociaal gedrag, dan de invloed van bijvoorbeeld de schoolomgeving op schoolresultaten (Rutten e.a., 2008). Toch is een positieve bijdrage van sport allerminst vanzelfsprekend. Zonder inzet van bewuste doelgerichte aanpakken met (pedagogische) strategieën kunnen van sport niet direct positieve effecten worden verwacht (Bailey e.a., 2009; Coalter, 2007). Het blijkt daarnaast dat de trainer/coach de sleutelfactor is om sport een positieve invloed te laten hebben op de sociale en morele ontwikkeling van kinderen en jongeren (Jacobs & Diekstra, 2009; Rutten e.a., 2008).

Omdat de trainer/coach de belangrijkste rol speel bij het beïnvloeden van het sociale gedrag van kinderen op het sportveld richten de activiteiten van de interventie “Er is meer te winnen” zich dan ook primair op de trainer/coach. Doordat zij hun functie beter uitoefenen op het gebied van opvoeding en omgang met kinderen wordt verwacht dat kinderen zich op de Nederlandse sportvelden uiteindelijk socialer gedragen.

Doelgroepen

Kinderen van 6-18 jaar bij sportverenigingen. De kinderen worden via hun trainers/coaches bereikt.

Intermediaire doelgroep

De intermediaire doelgroep zijn de jeugdtrainers/coaches bij sportverenigingen in Nederland. Het gaat niet alleen om jeugdtrainers/coaches in sporttakken en bij verenigingen waar veel incidenten plaatsvinden, maar om alle sporttakken en verenigingen met jeugdtrainers/coaches. Het uiteindelijk doel van de interventie richt zich immers niet alleen op het aanpakken en voorkomen van antisociaal gedrag, maar ook om het stimuleren van prosociaal gedrag bij alle kinderen in de sport.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Kinderen in de sport verhogen prosociaal gedrag en verminderen antisociaal gedrag. Dit wordt bereikt door kennis en begrip over kinderen met diverse achtergronden bij trainers/coaches van sportverenigingen te vergroten en hun vaardigheden aan te leren voor de omgang met kinderen met gedragsproblemen.

Subdoel

Einddoelgroep:

  • Kinderen beleven meer plezier tijdens sportbeoefening en zijn in staat om hun sportieve vaardigheden te ontwikkelen.
  • Kinderen vertonen meer (pro-)sociaal gedrag en verminderen antisociaal gedrag, zodat het aantal conflicten in de sport zal afnemen.

Intermediaire doelgroep (trainers/coaches):

  • Trainers/coaches werken gerichter aan het realiseren van een sociaal veiliger sportklimaat op sportverenigingen.
  • Een trainer/coach heeft invloed op het klimaat binnen een sportteam/trainingsgroep en meerdere trainers samen hebben invloed op het klimaat bij een sportvereniging.
  • Trainers/coaches creëren een betere, prosociale, relatie met hun sporters, doordat zij meer kennis hebben van en begrip hebben voor het gedrag, gevoel en gedachten van hun sporters.
  • Opgeleide trainers/coaches hebben meer voldoening in hun werkzaamheden.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

Het doorlopen van de gehele interventie duurt 4-5 maanden. De interventie kan opgedeeld worden in verschillende stappen.

  1. Werven sportverenigingen en trainers/coaches via VSK en sportbonden – 4-6 weken
  2. Organiseren cursusbijeenkomsten (regelen locatie, materialen, docent, informeren deelnemers) – 3 weken
  3. Uitvoer cursus – De cursus bestaat uit vier cursusbijeenkomsten. Iedere bijeenkomst duurt drie uur. De bijeenkomsten worden verspreid over een tijdsbestek van 2 maanden. Waar er tussen de 3e en 4e bijeenkomst minimaal 2 weken zit.
  4. Verbetering interactie trainer-kind – Er is tot nu toe nog geen goed zicht verkregen op de tijd die het in beslag neemt voordat de interactie tussen trainer en kind verbetert. De verwachting is dat het effect vrij snel na het volgen van de scholing optreedt namelijk binnen 1-2 maanden.

Locaties en Uitvoering

Locatie:

De interventie vindt plaats bij een sportvereniging met jeugdleden in de leeftijdscategorie van 6-18 jaar. Van deze sportvereniging worden één of meerdere trainers/coaches opgeleid tijdens vier cursusbijeenkomsten. De cursusbijeenkomsten wordt uitgevoerd op een locatie gekozen door de Academie voor Sportkader of de desbetreffende sportbond. De locatie kan zijn in de sportkantine, vergaderzaal, zalencentrum et cetera. De locatie moet echter wel voldoen aan de volgende eisen:

  • Voldoende ruimte voor 20 deelnemers.
  • Voldoende ruimte voor groepswerk en actieve werkvormen
  • Beamer, projectscherm.
  • Laptop
  • Audio
  • Flip- overs + stiften

Type organisatie:

Op dit moment wordt de interventie georganiseerd door ASK (Academie voor sportkader, als onderdeel van NOC*NSF), het KNKV en de KNVB. Afhankelijk van de groep trainer/coaches, die zich inschrijven, zoekt het ASK, KNKV of KNVB een locatie en docent. Soorten organisaties die de interventie in de toekomst zouden kunnen voeren zijn: sportbonden, sportverenigingen, overkoepelende organisaties zoals het Kenniscentrum Sport, NOC*NSF (waaronder Academie voor Sportkader), gemeenten (interventie is goed inzetbaar voor combinatiefunctionarissen en buurtsportcoaches), MBO- en HBO-sport- en beweegopleidingen.

De organisaties die in de toekomst de interventie willen organiseren, zullen wel gebruik moeten maken van een, specifiek voor de interventie opgeleide, docent.

Ondersteuning

De huidige implementatie door ASK en de sportbonden kan landelijk genoemd worden. Het implementatiebeleid kent een aantal sporen:

1) De Academie voor Sportkader (ASK, onderdeel van NOC*NSF) plant op verschillende plekken in het land cursusdagen die toegankelijk zijn voor alle sporttrainers in Nederland die actief zijn bij een sportvereniging. Dit aanbod wordt verspreid via de ASK-website, sportbonden, provinciale sportraden en plaatselijke sportservicebureaus om deelnemers te werven. Trainer/coaches van verschillende sporttakken melden zich op individuele basis aan.

2) Daarnaast werft de ASK via dezelfde partijen ook groepen trainers van dezelfde sporttak. Dit kan zijn bij een specifieke vereniging of voor trainers van dezelfde sporttak van verschillende verenigingen (veelal via een sportbond georganiseerd). De bijeenkomsten worden dan door ASK in overleg met de samenwerkende partij gepland en uitgevoerd.

3) Verschillende sportbonden hebben de interventie omarmd en hebben eigen docenten/opleiders laten opleiden voor het geven van de interventie. Deze bonden hebben nu docenten/opleiders in hun gelederen die de interventie kunnen geven. Deze bonden bieden nu zelfstandig de interventie aan als bijscholing. 

Materialen

Niet voor externe partijen:

  • Handleiding ‘Er is meer te winnen’
  • Docentenhandleiding ‘Er is Meer te Winnen’
  • Theorieboek ‘Er is Meer te Winnen’

Wel voor externe partijen:

  • Flyer ‘Er is meer te winnen’
  • Manual voor intakers ‘Naar een veiliger sportklimaat’
  • Cursushandleiding ‘Er is Meer te Winnen’
  • Een onlineapplicatie met videomateriaal van verschillende sporten
  • Een USB-stick met voetbal specifiek videofragmenten

Organisatie

Organisatie: Kennispraktijk
Telefoon nummer organisatie: 06 - 23229115

Contactpersoon

Naam: Johan Steenbergen
Email: j.steenbergen@kennispraktijk.nl

Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.