Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Doorbreek het glazen plafond in de sportwereld

Artikel

Net als het bedrijfsleven kent ook de sportwereld een glazen plafond voor vrouwen. Hoewel sportdeelname voor mannen en vrouwen nagenoeg gelijk is, blijft het aantal vrouwen in besturen van sportbonden ver achter. Ook zien we weinig vrouwen terug in de rol van sporttrainer of -coach, zeker op het hoogste niveau. Waarom is dit eigenlijk een probleem? En wat kan het aandeel van vrouwen in deze sleutelposities beter in balans brengen? Kenniscentrum Sport organiseerde eind juni een ‘diner pensant’ waar ruim 45 experts zich bogen over deze vragen.

Tips voor een evenwichtiger aantal vrouwen in sportbesturen en als hoofdtrainer

cijfers-sportdeelname-van-vrouwen-copyOm te beginnen, eerst maar even het glazen plafond in cijfers. Vrouwen zijn beter vertegenwoordigd in de sport dan enkele decennia terug. De sportdeelname van mannen en vrouwen is inmiddels bijna gelijk: een verschil van slechts 2%. Vrouwen blijven echter iets verder achter bij mannen in lidmaatschap van sportverenigingen: een verschil van 8%.
Inzoomend op de groep sportende vrouwen zijn de interne verschillen nog veel groter. Van de autochtone vrouwen is 26% lid van een sportclub, van de allochtone vrouwen slechts 14%. Sportdeelname van laagopgeleide vrouwen is nog lager: 10% ten opzichte van 25% hoogopgeleide vrouwen. De sportbonden die deze clubs ondersteunen, zijn overwegend mannelijk. Ruim één op de drie bondsbesturen bestaat uit enkel mannen (35%). In totaal is 17% van de Nederlandse bondsbestuurders een vrouw. Het Internationaal Olympisch Comité scoort nauwelijks beter, van de 115 leden zijn er 24 vrouwen (20%). Kijken we tot slot naar de man of vrouw langs de lijn: dan zien we dat van alle sporttrainers en sportcoaches in Europa tussen de 20% en 30% vrouw is.

Wat is het nadeel van die masculiene sportcultuur?

Dat sport voor iedereen van toegevoegde waarde is moge duidelijk zijn. Sport bevordert de gezondheid, leidt tot sociale binding en integratie én sport zorgt voor plezier. Niet voor niets is het Nederlandse sportbeleid erop gericht om sport voor iedereen toegankelijk te maken. Waarom lukt dat nog niet op alle niveaus?

Een factor is de masculiene cultuur die van oudsher in de sport heerst. Prestatie en atleticisme werden voornamelijk als iets mannelijks gezien. Regelmatig worden er op de sportvelden nog opmerkingen gemaakt als “je gooit als een meisje”. De masculiene cultuur kan ervoor zorgen dat vrouwen en meisjes zich minder welkom of thuis voelen, of dat talentvolle sportvrouwen afhaken.
Waar het basisonderwijs streeft naar meer mannelijke docenten als rolmodel voor de jongens op school, heeft een goede balans tussen mannelijke en vrouwelijke trainers en bestuurders ook impact in de sport. Vrouwen begrijpen vaak goed wat andere vrouwen en meisjes drijft, en kunnen hier rekening mee houden in het ontwikkelen van de trainingen of het beleid van de club. Zodat het aanbod van clubs beter aansluit op álle leden.
Jaren geleden is al aangetoond dat divers samengestelde groepen – of het nu gaat om gender, etniciteit, of competenties – betere beslissingen nemen. Dit is dan ook één van de redenen dat bij NOC*NSF en verschillende sportbonden diversiteit in sportbesturen hoog op de agenda staat.

Europa loopt voor op Nederland

In Nederland is de achterstand van vrouwen geen thema in het landelijk sportbeleid. Er worden echter wel politieke vragen over gesteld. Kamerleden Tjeerd van Dekken (PvdA) en Pia Dijkstra (D’66) dienden eind 2015 een motie in bij de Tweede Kamer over achterstanden van vrouwen in de (top)sport. De motie betrof niet alleen de deelname van vrouwen in de sport, maar ook de beloning en waardering. Daarnaast willen zij graag weten wat verschillen tussen sporten zijn en wat de oorzaken en oplossingen voor de geconstateerde achterstanden zijn.

Voor de Europese Unie zijn de achterstanden van vrouwen in de sport wel een thema. Het is zelfs een prioritair thema van het Europese subsidieprogramma Erasmus+. Als partner in het European Women’s Sport Promotion Project organiseerde Kenniscentrum Sport een expertmeeting over vrouwen in de sport. Het doel: kansrijke strategieën identificeren die de positie van vrouwen in de sport in Nederland kunnen versterken. Sleutelwoorden van de bijeenkomst waaraan zowel mannelijke als vrouwelijke experts deelnamen, waren zichtbaarheid, rolmodellen en mannelijke support.

Stem je aanpak af op de behoeften van vrouwen en meisjes

Goede sfeer en plezier staat bij veel vrouwen voorop. Ook het creëren van een veilige omgeving voor de sportactiviteiten helpt: het liefst dicht bij huis en op een plaats waar ook vrouwelijke sportbegeleiders, sporttrainers of sportbestuurders zijn. Zij hebben – meer dan mannen – oog voor wat vrouwen willen en fungeren als rolmodel.
Experts adviseren om ook met de ouders in gesprek te gaan. Ouderlijke ondersteuning en stimulans is namelijk essentieel voor meisjes. Het klinkt als een open deur, maar in de praktijk wordt dit nog lang niet altijd gerealiseerd. Ook buursportcoaches en sportleraren op school moeten attent zijn op deelname van meisjes: te makkelijk richten zij hun aandacht op die kinderen die wél meteen meedoen.
Tot slot pleiten de deskundigen voor meer diversiteit van sport- en beweegaanbod en lidmaatschappen. Denk aan de mogelijkheid om zowel op prestatief als recreatief niveau te kunnen sporten.

Mary Kok-Willemsen, sinds jaren voetbaltrainer op hoog niveau, gaat nog een stap verder door jongens en meiden samen te laten trainen en juist géén onderscheid te maken. “We staan aan het begin van een uniek project. We hebben de Football Equals Foundation opgericht, die jongens en meiden van 12 jaar de gelegenheid biedt zich te ontwikkelen tot prof. We maken geen onderscheid meer in de professionele opleiding voor jongens en meisjes, maar zetten ze bewust bij elkaar. We hopen dat deze jongens en meiden over 15 jaar de ambassadeurs zijn voor gender equality, omdat zij met elkaar, vanuit vanzelfsprekendheid, samen hebben leren werken voor hun droom.”

Maak trainersopleidingen diverser

Trainers en coaches in de topsport zijn vaak mannen. Uit onderzoek blijkt dat mannen dit meer als gewenst carrièrepad zien dan vrouwen. Opleidingen tot trainer/coach zijn vaak erg (sport)technisch ingericht en daardoor minder aansprekend voor vrouwen, aldus de experts. Vrouwen zijn vaker bekwamer in een pedagogische stijl van trainen, die evengoed succesvol kan zijn. Een omslag in de opleiding en aansturing van coaches is nodig, zodat er meer ruimte is voor diversiteit in stijl en competenties.

Van een vrouwelijke trainer van een mannen(voetbal)elftal wordt vaak toch een autoritaire stijl verwacht. Ook moet die vrouw zelf goed kunnen voetballen, anders nemen mannen haar niet serieus. Een aanbeveling is om mannelijke en vrouwelijke trainers als buddies naast elkaar te zetten. Enerzijds om van elkaar te leren, anderzijds om ook aan de pupillen te laten zien dat verschillende aanpakken tegelijk succesvol kunnen zijn. Het is sowieso belangrijk dat mannelijke trainers uitstralen dat vrouwelijke collega’s welkom zijn.

Femke van Odijk, trainer/coach eerste mannenvoetbalteam ‘t Vliegdorp, vertelt: “Ik ben al jarenlang actief in het mannenvoetbal als eerste vrouwelijke hoofdtrainer en mijn doel is om de eerste vrouwelijke bondscoach te worden van mannelijk Oranje. Dat wil ik doen om te laten zien dat vrouwen ook in dergelijke posities aan de bak kunnen en natuurlijk omdat het mijn passie is. Ik hoop dat ik als rolmodel kan acteren, ook voor andere vrouwen en meisjes die de stap nu misschien nog niet durven te zetten. Dat je gewoon eigenwijs moet zijn, maar ook zeker je doelen moet nastreven.”

Doorbreek traditionele patronen in sportbesturen

Het feit dat er meer mannen dan vrouwen in sportbesturen zitten, komt mede doordat traditionele structuren, normeringen en stereotypen een verandering in de weg zitten. Zittende besturen zoeken naar dezelfde type mensen wanneer er vervanging nodig is. Vrouwen zijn vaak wat meer bescheiden en daardoor ook minder zichtbaar wanneer ze een bestuursfunctie vervullen. De experts adviseren om ook mannen hun positieve ervaringen met vrouwelijke collega’s te laten delen en het belang van meer vrouwen in sportbesturen te onderstrepen. Daarbij kunnen ervaren vrouwelijke bestuursleden coach worden van jonge vrouwen met bestuurlijke ambities.

Huibert Brands, NOC*NSF: “We moeten nu al het lef hebben om in te zetten op meer vrouwen in besturen, want het is niet vandaag of morgen geregeld. De tijdgeest zit wel mee, want de inhoudelijke vraagstukken die we nu hebben in de maatschappij en in de sport gaan over meer sociale aspecten van leiderschap: echte verbinding en integriteit. De kwaliteit en aanwezigheid van vrouwen is onmisbaar om juist die zaken in beweging te krijgen.”

Maak vrouwensport zichtbaar in de media

Er is een groot contrast in media-aandacht voor vrouwen- en mannensport. Dit is mede bepaald door de financiële omvang van beide sectoren. Wat zou helpen aldus de experts, is dat mannen- en vrouwensport niet meer met elkaar vergeleken wordt, maar de kracht van vrouwensport op zichzelf zichtbaar wordt. Een mooie ontwikkeling is dat de NOS het EK vrouwenvoetbal dat in 2017 in Nederland gehouden wordt, gaat uitzenden. Rondom dit EK kunnen vrouwelijke boegbeelden in (sociale) media worden ingezet om de zichtbaarheid van vrouwensport te vergroten.

Met zijn allen de tent runnen

De deelnemers aan het ‘diner pensant’ waren het eens dat de positie van vrouwen in de sport doorlopende aandacht verdient, en niet enkel symbolisch geagendeerd moet worden. Iets wat te vaak nog gebeurt: sportorganisaties noemen diversiteit wel als aandachtspunt, maar geven het geen prioriteit. Of ze stellen één medewerker verantwoordelijk zijn voor vrouwensport, terwijl de aandacht organisatiebreed gedragen én uitgedragen moet worden. Door vrouwen én mannen.
Kenniscentrum Sport gebruikt de input van de expertmeeting om vervolgstappen te zette, gericht op blijvende verandering. In het najaar komen het Kenniscentrum en een aantal sportbonden bij elkaar om te spreken over de ontwikkeling van een leiderschapstraining voor (jongens en) meisjes, onder andere gericht op zichtbaarheid.
Marijke Fleuren, Europese Hockey Federatie, vatte het tijdens het diner krachtig samen: “Mannen, vrouwen, gehandicapt, niet-gehandicapt, kleur: het moet vanzelfsprekend worden dat we met zijn allen de tent runnen.”

Dit artikel verscheen in augustus 2016 in Sport Bestuur & Management

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.