Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Beweegkuur

Interventie

Erkenning

Eerste aanwijzingen voor effectiviteit

De BeweegKuur is een gecombineerde leefstijlinterventie voor mensen met een gewichtsgerelateerd gezondheidsrisico die wordt uitgevoerd in de eerstelijnszorg. Het beweegprogramma bestaat uit drie componenten, die met name verschillen in intensiteit en duur van de begeleiding. De beweegprogramma’s worden uitgevoerd door de fysiotherapeut.

Het voedingsprogramma bestaat uit individuele consulten en groepsbijeenkomsten en wordt uitgevoerd door de dietist. Om de resultaten te borgen is gedragsverandering belangrijk, een component waar met name de leefstijladviseur zich op richt. De leefstijladviseur zorgt samen met de deelnemer en fysiotherapeut ook voor doorstroom naar regulier beweegaanbod. De begeleiding binnen de BeweegKuur duurt maximaal één jaar.

Binnen de BeweegKuur wordt getracht gedragsverandering te realiseren door middel van Motivational Interviewing. Hierin heeft de deelnemer zelf de regie door middel van doelen stellen en zelfmanagement. Daarnaast worden beslissingen genomen in samenspraak met de zorgprofessionals, in plaats van dat ze de deelnemer van bovenaf worden opgelegd.

Probleembeschrijving

In Nederland is de prevalentie van obesitas (Body Mass Index ≥ 30 kg/m2) in de afgelopen 30 jaar meer dan verdubbeld van 5% tot 12% (Van Bakel & Zantinge, 2014). In 2012 had 53% van de mannen en 44% van de vrouwen van 19 jaar en ouder overgewicht (BMI ≥ 25). Obesitas kwam voor bij 11% van de mannen en 14% van de vrouwen (Van den Brink & Blokstra, 2014).

Er is sprake van geografische verschillen. In 2012 was de prevalentie onder volwassenen het laagst in de GGD-regio’s Amsterdam en Utrecht (38,4-40,6%), en het hoogst (50,7-52,0%) in 5 GGD regio’s verspreid over het land. (RIVM, 2014).

Groepen met een hoger dan gemiddeld risico voor het ontwikkelen van overgewicht en obesitas zijn mensen met een lage sociaal economische status (SES), allochtonen, lager opgeleiden, chronisch zieken en gehandicapten, mensen die stoppen met roken, kinderen met een hoog geboortegewicht, kinderen met een laag geboortegewicht dat wordt gevolgd door een sterke inhaalgroei, en kinderen van ouders met overgewicht of obesitas (Gezondheidsraad, 2003). In de groep met allochtonen lijken vooral Turken, Marokkanen en Antillianen een hoger risico op overgewicht of obesitas te hebben (Dagevos & Dagevos, 2008).

De reden waarom deze groepen een verhoogd risico hebben zijn niet altijd specifiek aan te geven. Met betrekking tot leefstijl en de relatie tot sociaal economische verschillen wordt gesuggereerd dat er verschillende redenen voor aan te geven zijn. Ten eerste geldt een financieel aspect, met minder mogelijkheden om gezond voedsel te kopen en deel te nemen aan sportactiviteiten. Ten tweede worden psychosociale stress die leidt tot onveiliger gedrag. Een andere factor die genoemd wordt is de invloed van de omgeving.

Overgewicht en ernstig overgewicht (obesitas) verhogen het risico op verschillende chronische aandoeningen, waaronder diabetes mellitus type 2, hart- en vaatziekten, verschillende soorten kanker en aandoeningen aan de galblaas en het bewegingsstelsel. Mensen met overgewicht hebben daarnaast meer kans op psychosociale problemen zoals eenzaamheid, verdriet, spanningen en depressie (Visscher et al. 2013).

Onafhankelijk van overgewicht en lichaamssamenstelling heeft ook inactiviteit een grote invloed op diverse chronische aandoeningen, waaronder hart- en vaatziekten en diabetes mellitus type 2 (Craig et al., 2012; Lee et al., 2012). In Nederland voldeed ongeveer 65% in 2011 aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB) en 25% aan de fitnorm (Wendel-Vos, 2014).

De gevolgen van overgewicht en inactiviteit resulterend in chronische aandoeningen hebben naast effect op de kwaliteit van leven ook effecten op de druk en kosten voor de maatschappij. Prevalentie van diabetes type 2 is sterk gestegen. Mede onder invloed van overgewicht en inactiviteit is de prevalentie van diabetes totaal gestegen van van circa 2% van de bevolking in 2000 tot circa 3,5% in 2013. Die stijging is toe te schrijven aan de stijging van DM type 2, die vijf keer zo vaak voorkomt als type 1 (CBS, 2014, binnegehaald 19 aug)). De geschatte directe zorgkosten voor diabetes bedrage 1,7 miljard euro per jaar in 2011. Dit is zonder de kosten voor behandeling van complicaties, ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid. (RIVM, 2014) binnnegehaald 19 aug 2015

Doelgroepen

De BeweegKuur is bedoeld voor volwassenen met een (zeer) hoog gewichtsgerelateerd gezondheidsrisico:

  1. Een BMI tussen 25 en 30 kg/m2 in combinatie met een grote buikomvang (≥ 88 cm voor vrouwen; ≥ 102 cm voor mannen) en/of comorbiditeit*;
  2. Een BMI tussen 30 en 35 kg/m2 ongeacht buikomvang, ongeacht comorbiditeit*;
  3. Een BMI tussen 35 en 40 kg/m2 ongeacht buikomvang, maar zonder comorbiditeit*.

*Comorbiditeit: hypertensie, dyslipidemie, diabetes, cardiovasculaire aandoeningen, artrose en slaap apneu.

Daarnaast moeten mensen:

  • Gemotiveerd zijn voor gedragsverandering;
  • Een inactieve leefstijl hebben: dat wil zeggen dat zij niet voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB).

Intermediaire doelgroep

Er zijn geen intermediaire doelgroepen.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Het einddoel van de BeweegKuur is het realiseren van gezondheidswinst door middel van meer bewegen, een gezonde voeding en het laten beklijven van de aangepaste leefstijl door gedragsverandering en het ondersteunen van zelfmanagement.

Specifiek wordt in navolging van de NHG-richtlijn Obesitas (NHG, 2010) in de BeweegKuur gestreefd naar een gewichtsreductie van ≥ 5% wat gehandhaafd wordt in het jaar na de BeweegKuur. Daarnaast wordt met de deelnemer gestreefd naar het behalen van persoonlijk opgestelde doelen.

Subdoel

Het beweegprogramma streeft naar het aannemen van een actieve leefstijl en het verbeteren van lichamelijke fitheid door het verhogen van de fysieke activiteit. Als richtlijn wordt hiervoor een beweegdosis van 1200-2000 kilocalorieën per week aangehouden. Een belangrijk doel hierbij is ook dat de deelnemer instroomt in regulier beweegaanbod en na afloop van de BeweegKuur zelfstandig blijft bewegen.

Het doel van het voedingsprogramma is het aannemen van een verantwoord en gezond voedingspatroon. Hierbij wordt het verminderen van de energie-inname door een individueel samengesteld dieet nagestreefd, waarbij diverse richtlijnen worden gebruikt (Gezondheidsraad, 2006; NHG, 2010; NDF, 2006).

Binnen de BeweegKuur worden door de deelnemers zelf ook specifieke doelen geformuleerd, bijvoorbeeld een toename in fitheid, waardoor een programma op maat ontstaat.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

Bij de BeweegKuur is er keuze uit drie pakketten waarbij de begeleiding door leefstijladviseur en diëtist vergelijkbaar zijn maar die verschillen qua beweegprogramma. Elke deelnemer volgt één van deze programma’s.

A. Zelfstandig beweegprogramma: het reguliere beweegaanbod
B. Opstartprogramma: beperkte begeleiding van de fysiotherapeut
C. Begeleid beweegprogramma: intensieve begeleiding van de fysiotherapeut.

Ten behoeve van gedragsverandering is de leefstijladviseur de centrale zorgverlener om de voortgang te monitoren en de deelnemer te coachen en begeleiden.

In het voedingsprogramma worden alle deelnemers doorverwezen naar de diëtist voor een individueel voedingsconsult, waarna er groepen worden geformeerd voor groepsvoorlichting.

De intensiteit van de consulten door de leefstijladviseur en de begeleiding door de fysiotherapeut is per programma verschillend (tabel 2). In figuur 1 is schematisch weergegeven hoe de verschillende stappen worden genomen.

De BeweegKuur duurt maximaal één jaar; deze periode wordt verwacht voldoende te zijn om gedrag te veranderen en tevens voorwaarden te scheppen voor gedragsbehoud (Bemelmans et al., 2008). Hierna zal de reguliere begeleiding stoppen.

Terugvalpreventie is belangrijk om het effect van de begeleiding te borgen. Daarom is het van belang dat de leefstijladviseur, praktijkondersteuner, en de huisarts de leefstijlverandering (beweeg- én eetgedrag) na de BeweegKuur op de ‘agenda’ blijven zetten en daarmee blijven monitoren.

Locaties en Uitvoering

De BeweegKuur is een gecombineerde leefstijlinterventie ingebed in de eerstelijnszorg. De BeweegKuur wordt toegepast in een multidisciplinair team bestaande uit een huisarts, leefstijladviseur, fysio/oefentherapeut, diëtist, lokale sport- en beweegbegeleiders of BeweegKuur instructeurs. De BeweegKuur is zo ontwikkeld dat deze in alle locaties in Nederland te implementeren is. 

  • De begeleiding door zorgverleners vindt plaats in en rondom de praktijk van de huisarts, fysio-/oefentherapeut en diëtist.
  • De sport- en beweegactiviteiten na eventuele begeleiding door de fysiotherapeut vinden plaats in de wijk, afhankelijk van de betreffende sport- of beweegactiviteit die de deelnemer gaat doen (zelfstandig, onder begeleiding of in groepen). Dit kan een buitenruimte zijn, een sporthal of fitnesscentrum of bijvoorbeeld een zwembad. Daarnaast kan ook de fysiotherapeut een regulier beweegaanbod hebben waar de deelnemer terecht kan.

De BeweegKuur werd in 2011 op 155 locaties in heel Nederland toegepast.

Ondersteuning

Voor het implementeren van de BeweegKuur op regionaal en lokaal niveau zijn veel documenten ontwikkeld. Deze zijn allemaal te vinden op de website www.beweegkuur.nl. Een belangrijke eigenschap van de BeweegKuur is dat de interventie zo ontwikkeld is dat deze in potentie in alle locaties in Nederland te implementeren is, mits aan randvoorwaarden wordt voldaan. Dit betekent ook dat het protocol in sommige gevallen richtlijnen bevat die aangepast kunnen worden aan de lokale situatie.

Alle ROS’en (regionale ondersteuningstructuur eerste lijnszorg) hebben kennis ontwikkeld over (implementatie van) de BeweegKuur gedurende de periode 2008 en 2011, middels intensieve begeleiding door NISB. Voorwaarden voor goede implementatie zijn gedetecteerd in bijeenkomsten (geen officiele verslaglegging), en in procesevaluaties (Helmink e.a. 2010, Helmink e.a. 2010b, Helmink e.a. 2013).
Een deel van de ROS’en kan nog als eerste aanspreekpunt dienen voor zorgprofessionals die (willen) werken met de BeweegKuur. Bij de uitvoering stemt de ROS-adviseur af en werkt samen met andere lokale en regionale organisaties. Indien de ROS deze ondersteuning niet meer biedt, kan advies ingewonnen worden bij NISB. Bij het opzetten van de BeweegKuur binnen de sportimpulssubsidieregeling is deze ondersteuning geborgd.

Materialen

Voor deelnemers zijn onder andere de volgende materialen ontwikkeld/beschikbaar:

  • Logboek: bevat achtergrondinformatie en is bedoeld als ondersteunende tool om de voortgang bij te houden;
  • Patiënten folder ‘Zet uzelf in beweging!’: bevat relevante informatie voor (mogelijke) deelnemers aan de BeweegKuur;
  • Stappenteller: hulpmiddel bij monitoring dat deelnemers tijdelijk krijgen.

Voor zorgverleners zijn onder andere de volgende materialen beschikbaar:

  • Protocol: bevat achtergrond informatie en beschrijft de opzet van de BeweegKuur;
  • Handleidingen voor de leefstijladviseur, fysiotherapeut en diëtist: uitgebreide beschrijving van het beweeg- en voedingsprogramma;
  • Toolkit en presentatie voor diëtisten: een uitwerking van de verschillende onderdelen voor de individuele- en groepsbijeenkomsten.
  • Netwerkwijzer zorg-sport-bewegen voor stimuleren van multidisciplinaire samenwerking.

Voor de implementatie op nieuwe locaties zijn onder andere de volgende materialen ontwikkeld:

  • Stappenplan voor het vormgeven van lokale samenwerking: een richtlijn voor de opstartfase en het formaliseren van samenwerking.

Deze en nog veel meer materialen zijn kosteloos te downloaden via de website www.beweegkuur.nl.

Oordeel commissie

De interventie is een zorgvuldig ontwikkeld multidisciplinair programma  met een sterke theoretische basis. Op basis van uitgebreid observationeel onderzoek (vijf aanvullende studies) erkent de commissie de twee meest intensieve pakketten (pakket 2 en 3) als ‘Effectief met eerste aanwijzingen voor effectiviteit’. Deze effectiviteit geldt vooral voor de beweegcomponent met als voorwaarde dat het programma in zijn totaliteit wordt aangeboden (voeding, beweging en leefstijlcoaching) en dat nazorg wordt geboden. Lange termijn resultaten laten zien dat deelnemers na 1-2 jaar nog steeds een vaste beweegactiviteit hebben.

Uitvoerbaarheid

Voor effecten op bewegen moet wel de hele package worden uitgevoerd. Aandachtspunt bij de uitvoering is de overgang naar zelfstandig regulier bewegen en/of de deelname aan lokaal beweegaanbod.

Organisatie

Organisatie: Kenniscentrum Sport
Telefoon nummer organisatie: 0318 490 900

Organisatie: Kenniscentrum Sport
Telefoon nummer organisatie: 0318 490 900

Contactpersoon

Naam: Dirk Schaars
Mobiel nummer: 06 3175 3720
Email: dirk.schaars@kcsport.nl

Naam: Liesbeth Preller
Mobiel nummer: 06 2164 9561
Email: liesbeth.preller@kcsport.nl

Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.