Schrijf je in voor de nieuwsbrief:
Sluiten

Actieve warming-up beter dan passieve warming-up

Kennisbank

Hoewel zowel een actieve- als passieve warming-up kan bijdragen aan een betere prestatie is een actieve warming-up aan te raden. Deze moet matig intensief en kort (<15 minuten) zijn en afgesloten worden met enkele sprints. Na de actieve warming-up is het aan te raden de spiertemperatuur passief warm te houden.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op www.topsporttopics.nl en is gebaseerd op: McGowan CJ, Pyne DB, Thompson KG, Rattray B (2015) Warm-up strategies for sport and exercise: mechanisms and applications. Sports Med., In Press, DOI: 10.1007/s40279-015-0376-x

Warming-up

De meerwaarde van een warming-up is een veelbesproken onderwerp. Er is onderscheid te maken tussen een actieve en een passieve warming-up. Bij een actieve warming-up is een sporter fysiek actief bezig om op te warmen door bijvoorbeeld hard te lopen of te fietsen. Bij een passieve warming-up is een sporter fysiek niet actief, maar zit hij bijvoorbeeld in een warm bad, draagt hij warme kleding of kleding waarin warmte-elementen zijn bevestigd om zo op te warmen. McGowan en collega’s hebben aan de hand van een uitgebreide literatuurstudie onderzocht wat de effecten zijn van een warming-up en aan welke eisen een optimale warming-up moet voldoen. Hieronder staan hun belangrijkste conclusies.

Spiertemperatuur

Het doel van een warming-up, ongeacht de vorm, is om de spiertemperatuur te laten toenemen, de energiesystemen te activeren die belangrijk zijn bij de te leveren inspanning en de zenuwgeleidingssnelheid te laten toenemen. Daarnaast kan een warming-up ook belangrijk zijn voor de concentratie en de mentale voorbereiding die nodig is voor een wedstrijd. Al deze elementen dragen bij aan een betere prestatie.

Actieve warming-up

Een actieve warming-up is de meest gekozen vorm van warming-up. Het blijkt dat een relatief korte matig intensieve warming-up van maximaal een kwartier, afgesloten met enkele explosieve oefeningen, zoals bijvoorbeeld sprints, de meest optimale warming-up is. Door deze richtlijnen aan te houden is het lichaam onder andere in staat de spiertemperatuur te laten stijgen en de energiesystemen op gang te brengen die nodig zijn tijdens de te leveren inspanning. Als een warming-up langer duurt spreekt het lichaam energievoorraden aan die later bij een (duur)inspanning nog nodig kunnen zijn. Een actieve warming-up kan ook nuttig zijn in de rust van een wedstrijd. Dit kan de prestaties tijdens het vervolg van de wedstrijd verbeteren.

Passieve warming-up

Een passieve warming-up kan gebruikt worden voor het opwarmen van de spieren maar is minder efficiënt als een actieve warming-up. Als een actieve warming-up niet mogelijk is kan een passieve warming-up wel een alternatief zijn. De onderzoekers raden aan een passieve warming-up vooral in te zetten om de spieren warm te houden tussen de actieve warming-up en een wedstrijd. Feitelijk is er dan dus geen sprake meer van een warming-up maar meer van het in stand houden van wat tijdens een actieve warming-up is bewerkstelligd. Het passief warm houden van de spieren is belangrijk als er meer dan 15 minuten tussen een actieve warming-up en een wedstrijd zit.

Conclusie

Een warming-up moet kort en matig intensief zijn en worden afgesloten met enkele explosieve oefeningen. Spieren zijn passief warm te houden tussen een actieve warming-up en een wedstrijd. Deze bevindingen komen overeen met de adviezen zoals ze beschreven zijn in het factsheet warming-up.

T.H. (Herman) IJzerman

Literatuurverwijzing: IJzerman, T.H. (2015). Actieve warming-up beter dan passieve warming-up. TopsportTopics.

Uitgifte datum: 2015

Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.