Sluiten

Aantal trainingsuren verklaart slechts 18% van de sportprestatie

Artikel

Geplaatst op 1 september 2014

Geplaatst op 1 september 2014

Het aantal trainingsuren verklaart slechts 18% van de individuele verschillen in sportprestatie. Dat blijkt uit een studie waarin Amerikaanse psychologen de gegevens van meerdere studies hebben verzameld en geanalyseerd. Hiermee bevestigt deze studie wederom dat 10.000 trainingsuren geen garantie zijn voor topprestaties.

In de topsport heerst nog vaak de gedachte dat 10.000 uur training nodig is om de absolute top te bereiken. Teruggerekend zou dit neerkomen op 1.000 trainingsuren per jaar gedurende 10 jaar. Deze gedachte vindt haar oorsprong in onderzoek uit 1993 van de Zweedse psycholoog Anders Ericsson. Ericsson vond dat meer training bij violisten leidde tot betere prestaties en dat de beste prestaties werden geleverd na ongeveer 10.000 uur doelbewuste training. Deze visie is de laatste jaren echter onder vuur komen te liggen. Zo bleek vorig jaar uit een studie dat de prestatie van schakers maar voor 34% te verklaren is uit training en bij musici is dat slechts 30% (zie hier). Een aantal van dezelfde onderzoekers van bovenstaande studie hebben nu een zeer uitgebreide meta-analyse uitgevoerd waarin ook specifiek het effect van training op de sportprestatie is geanalyseerd.

Meta-analyse

De onderzoekers hebben de gegevens van 88 studies samen geanalyseerd. In deze 88 afzonderlijke studies is het effect van het aantal trainingsuren op de prestatie in verschillende domeinen, waaronder muziek en sport, onderzocht. Voor de analyse van de sport zijn de gegevens van 2633 atleten gebruikt.

Uit de zeer gedegen analyses blijkt dat er een positieve correlatie bestaat tussen het aantal trainingsuren en de prestatie. Met andere woorden, meer trainen leidt wel degelijk tot een betere prestatie. De daadwerkelijke bijdrage aan de prestatie is echter aanzienlijk kleiner dan Ericsson veronderstelt. Het aantal trainingsuren blijkt namelijk slechts 18% van de individuele verschillen in de sportprestatie te verklaren. Wanneer de data van alle teamsporten uit de analyses weggelaten worden, verklaart training 28% van de prestatie.

Aangeboren of aangeleerd

Deze zeer gedegen meta-analyse van Macnamara en collega’s laat zien dat de visie van Ericsson, dat 10.000 uur trainen noodzakelijk is voor topprestaties, inmiddels achterhaald is. Hoewel het aantal trainingsuren uiteraard belangrijk is voor prestatieverbetering, blijken deze een minder belangrijke rol te spelen dan onder andere door Ericsson wordt gedacht. Ook andere factoren spelen een belangrijke rol. Welke factoren dat dan zijn is overigens vooralsnog niet helemaal duidelijk. De Amerikaanse psychologen speculeren dat bijvoorbeeld de leeftijd waarop een atleet begint met training van groot belang is, alsmede de manier waarop atleten leren.

Macnamara BN, Hambrick DZ, Oswald FL (2014) Deliberate practice and performance in music, games, sports, education, and professions: a meta-analysis. Psychol. Sci., doi: 10.1177/0956797614535810
Trefwoorden:
Bewaren

Geselecteerd voor jou

Praat mee

Wat is jouw mening over of ervaring met dit onderwerp? Of heb je een specifieke vraag?

Laat hieronder een reactie achter en ga in gesprek.